Het pijproken of toeback suygen.

Over pijproken kunnen we een zeer bedreven verhaal vertellen, maar het gaat er gewoon om hoe een ieder het pijproken beleeft. Er zijn gezegden over pijprokers, zoals "een pijproken is geen onrust stoker" en zo zullen er nog wel mmer zijn. Feit is dat het pijproken een rustgevende werking heeft. Voor het roken van een pijp neem je gewoon even de tijd. Er is niet zo iets als een "snelle" pijp roken, immers voordat de pijp uiteindelijk rook produceert is er al heel wat vooraf gegaan. Als ik dit alles op mijzelf betrek moet ik bekennen dat ik nog te weinig de tijd neem om een pijp op te steken, omdat de sigaren zo klaar liggen en makkelijker zijn om even snel op te steken. Ik zie nu echter de "echte" sigaarroken al fronsend achter de computer zitten, want ook om van een sigaar te genieten moet je de tijd nemen. Daarin heeft deze natuurlijk gelijk, ook een sigaar verdient voldoende aandacht. Feit blijft echter dat de pijp meer om aandacht vraagt. In dit stuk wil ik daar verder op ingaan.

Ik wil het hebben in dit deel van de website van het Pijprookgilde Dorus Rijkers hebben over de pijp. Daarvoor ga ik een aantal onderwerpen behandelen. Dit zullen wellicht niet alle onderdelen zijn waar aandacht aan kan worden geschonken, maar het zijn wel die onderwerpen waar de aandacht in eerste instantie het meest naar uitgaat. Daarvoor vindt u hieronder een aantal termen, door op deze termen met de muis te drukken komt u direct op de gewenste plaats op deze pagina. De onderwerpen zijn de volgende:

    

De anatomie

De aanschaf

Het inroken

Het stoppen

Het roken

Pijprook tips

 

 

ana2.gif (2117 bytes)

Een pijp bestaat uit een aantal onderdelen. Op het plaatje hiernaast zijn deze onderdelen genummerd en hieronder worden de onderdelen benoemd en omschreven.

1. de koollaag, is hierboven al beschreven.

2. de pot, is de binnenzijde van de kop.

3. de kop, bevat de pot.

4. de tige is het verlengstuk tussen de kop en het mondstuk, meestal van hetzelfde materiaal als de kop. 

5. het mondstuk.

6. de flok is het deel van het mondstuk waarmee het mondstuk in de tige wordt gestoken.

7. de beet is het eindstuk van het mondstuk.

8. het rookkanaal is het kanaal dat loopt van de onderzijde van de pot naar de beet. In het rookkanaal zit in sommige gevallen ook een "systeem" welke de rook kan filteren.

 

naar boven.

aans2.gif (2143 bytes)

Koop ten eerste een goede pijp. Deze zijn misschien wel iets duurder dan de pijpen die in het mandje op de toonbank staan, maar het kwaliteitsverschil is enorm. Het zou jammer zijn als je door een ongelukkige pijp keuze besluit de pijp naast je neer te leggen. Laat je daarom, zeker zolang je nog geen ervaren pijproker bent, daarbij goed adviseren door een deskundige, zoals een tabaksspecialist.

Kies een pijp die bij u past en die een makkelijke greep heeft. De pijp moet lekker in de hand liggen, probeer daarom een aantal modellen door ze vast te nemen en voel hoe ze in de hand liggen. Het aanbod aan modellen is enorm, kies daarom eerst voor een neutraal model zoals een billard. Bevalt het pijproken dan kan worden gekeken naar een gebogen vorm of zelfs een freehand.

Dan is er nog het mondstuk. Deze waren vroeger vervaardigd van bakkeliet (herkenbaar aan de snelle verkleuring tijdens het roken), tegenwoordig zijn de mondstukken meestal van kunststof. Deze laatste blijven over het algemeen mooi zwart. De breedte van het mondstuk moet zo zijn, dat je voldoende houvast hebt en dat de pijp niet opzij glijdt. De pijp moet niet te zwaar zijn en niet te licht zijn. Bij een te zware pijp krijg je het gevoel dat je kaken ontwricht raken. Bij een te licht pijp verlies je snel interesse.

 

naar boven

inro2.gif (2047 bytes)

Door een nieuwe houten pijp in te roken zorg je ervoor dat er zich een dunne koollaag aan de binnenzijde van de kop afzet. Het betekent echter niet dat alle houten pijpen dienen te worden ingerookt. Veel nieuwe pijpen die tegenwoordig in de vakhandel te koop zijn hebben vanuit de fabriek al een dunne koollaag meegekregen, deze hoeven dus niet te worden ingerookt als nieuwe pijpen waar zich geen koollaag in de kop bevindt.

 

Het inroken van een pijp is een eenvoudige, noodzakelijke en teven prettige bezigheid. Neem de gloednieuwe en nog glimmende pijp vast en stop vervolgens de pot voor een derde vol. Steek vervolgens de tabak aan en rook de tabak geheel op. Als de pijp nu is afgekoeld en de as uit de kop geklopt is het resultaat direct zichtbaar. In de bodem van de kop heeft zich een zwarte laag afgezet. Dit is de eerste stap in het inroken.

 

Pas nadat de pijp voldoende is afgekoeld, kan deze voor twee derde worden gestopt en, u raadt het al, kan de tabak helemaal worden opgerookt. Resultaat, een kop die voor twee derde zwart verkleurd is. De derde stap is voor de hand liggend, stop de pijp in zijn geheel en rook alle tabak op. Nu zit er in de gehele kop een zeer dun laagje kool en door meer te roken zal deze laag alleen maar dikker worden.

 

Maar waarvoor dient deze koollaag??  De koollaag beschermt de binnenzijde van de kop van de pijp tegen de grote hitte van brandende tabak. Tevens kan de koollaag de smaak van de pijp verbeteren, omdat vocht welke tijdens de verbranding van de tabak vrijkomt door de koollaag deels wordt opgenomen. Voordat het echter zover is gaan er nog een aantal rooksessies overheen. Pas na een behoorlijk aantal keer roken is de koollaag voldoende dik om beschermend en absorberend te werken.

It's a dirty job, but someone has got to do it!

Voor het inroken van een pijp is het beter een tabak te gebruiken die niet te sterk, te aromatisch of gesaust is. Een tabak voor het inroken zou eigenlijk neutraal van smaak en droog rokend moeten zijn. Het gaat erom de temperatuur in de kop zo laag mogelijk te houden. Een geschikte tabaksoort voor het inroken zou een baai tabak kunnen zijn. Deze tabakken hebben een zeer neutrale smaak en roken niet erg heet. Houdt er rekening mee dat het inroken van een pijp ongeveer 15 tot 20 keer roken vraagt, of een week of twee, afhankelijk van hoe vaak er wordt gerookt. Na deze periode gaat de koollaag zich verdikken en wordt het karakter van de pijp steeds beter. De zo zorgvuldig op gebouwde koollaag behoeft op den duur ook het juiste onderhoud. De koollaag geeft een extra aroma (karakter) aan de pijp en voorkomt inbranden.

Zorg er echter voor dat de koollaag niet te dik wordt, dit kan als gevolg hebben dat de kop scheurt. Wordt de koollaag te dik, schraap deze dan voorzicht weer terug naar een juiste dikte. Houdt wel in de gaten dat het afschrapen van de koollaag egaal gebeurt en voorkom afbrokkelen of inkerfen van de koollaag. Heeft u per ongeluk de koolaanslag ongelijkmatig verwijderd, probeer het dan met schuurpapier voorzichtig te herstellen.

 

naar boven

stop2.gif (2093 bytes)

Bij stoppen van een pijp is het belangrijk eerst de tabak goed los te maken, dit bevorderd het branden van de tabak en vergemakkelijkt het stoppen van de pijp. Over het stoppen ven een pijp wordt soms erg geheimzinnig gedaan. Er is een vuistregeltje die in het algemeen goed werkt. Dit vuistregeltje gaat ervan uit dat de pijp in drie delen wordt gestop. Het eerste (onderste) deel wordt in de kop gebracht en aangedrukt met de kracht van een kinderhand. Het tweede deel wordt in de kop gebracht en aangedrukt met de kracht van een vrouwenhand en tenslotte het derde en laatste deel word in de kop gebracht en aangedrukt met de kracht van een mannenhand.Dit is echter slechts een vuistregeltje, naar mate je meer ervaring krijgt in het stoppen en roken van de pijp ontwikkel je je eigen manier van stoppen.

Wat in alle gevallen erg belangrijk is, is steeds even aandrukken en proef-trekken om te ervaren of de pijp goed gestopt is en er geen valse lucht wordt aangetrokken. De pijp is goed gestopt als je bij het trekken aan de pijp een beetje weerstand ervaart. Niet teveel weerstand, want dan is de pijp te strak gestopt en moet er met teveel kracht aan de pijp worden getrokken, meestal gaat de pijp dan vaak uit. Ook een te los gestopte pijp kent nadelen, zoals nat en scherp roken en ook deze pijp zal vaak uit gaan.

Bij het stoppen van de pijp moet je ook steeds in de gaten houden of de tabak in de kop een beetje terugveert als deze wordt ingedrukt. Gebeurt dit niet dan is de tabak te strak gestopt.

De pijp gaat uit en nu?? Geen probleem, even de overtollige as uit de pijp laten vallen in een asbak en dan weer opnieuw aansteken. Klop in geen geval met een warme pijp op een asbak, de kans op breuk is dan zeer groot. Ook een afgekoelde pijp nooit zomaar op de asbak afkloppen. Er zijn speciale asbakken in de handel die zijn voorzien van een stukje kurk waarop de pijp gerust kan worden uitgeklopt (maar altijd met beleid).

Als na het aansteken van de pijp de krullende tabak omhoog komt, deze gewoon met de stamper weer terugbrengen in de kop, opnieuw iets aanstampen en eventueel weer aansteken.

 

naar boven

roke2.gif (1863 bytes)

Nadat de pijp op de juiste wijze is gestopt volgt het roken van de pijp. Het belangrijkste is nu het aansteken van de tabak. Waarmee doe je dat het beste? Er is niet een beste manier om een pijp aan te steken, gebruik een lucifer of een gasaansteker. Vermijd het gebruik van een benzine aansteker, omdat die de smaak van de tabak negatief kan beinvloeden. Zorg ervoor dat over het gehele oppervlak de tabak brandt, dit gaat erg goed door een lucifer te houden zoals op het plaatje hiernaast. Door de brede vlam wordt een groot oppervlak tabak aangestoken.

Rook na het aansteken de pijp door rustig en gelijkmatig te blijven trekken en door de tabak geregeld aan te drukken. Tijdens het roken blijft dit regelmatig aandrukken nodig, omdat de tabak door de verbranding steeds iets omhoog komt.

Zou je niet regelmatig de tabak aandrukken, dan komt deze te los in de pot te liggen en gaat de pijp nat en heet roken. Druk de tabak ook niet te hard aan, want als de tabak te vast wordt aangedrukt wordt het zwaar trekken en dus onprittig roken. Overigens gaat in beide gevallen de pijp sneller uit.

Trek steeds als er wordt aangedrukt om te vast aandrukken te voorkomen. Mocht te pijp toch te vast gestopt raken, probeer dan met een pijpenrager via het mondstuk tot in de ketel door te stoten. Als dit niet lukt moet met de wroeter de hele tabak in de kop losgemaakt worden. In dat laatste geval is het vaak beter om de pijp leeg te maken en weg te leggen, herstoppen lukt maar zelden echt goed omdat de tabak ondertussen veel natter is geworden (bij verbranding komt water vrij).

Vaak krijgen pijprokers de brand op de tong, dit wordt veroorzaakt door de tabakssappen en teer die in het mondstuk condenseren en dan bij het trekken in de mond komen. Onder het roken kan even een pijpenrager in het mondstuk gestoken worden om dit op te soppen, haal daarvoor NOOIT de warme pijp uit elkaar. Rustig roken en de steel omhoog houden helpen, even als heel licht in het mondstuk blazen (maar dan wel heel licht alsvanwege anders een vulkaan aan de andere kant van de pijp).

 

naar boven

tips2.gif (1884 bytes)

  • Haal een pijp NOOIT uit elkaar tijdens of direct na het roken, een pijp moet volledig afgekoeld zijn voordat hij uit elkaar wordt gehaald, anders gaat op den duur het mondstuk loszitten.
  • Laat een leeggerookt pijp geen dag liggen met as en tabaksresten in de kop, de pijp gaat op den duur bitter smaken.
  • Steek lucifers liever niet in de kop omlaag, hou ze erboven en zuig de vlam omlaag. Er komt bij de verbranding van lucifers wat parafine vrij en dat kan langzaam de smaak van een pijp bederven.
  • Rook rustig. Driftige of snelle trekjes geven u een onrustige en vlug brandende pijp, die niet half zo goed smaakt.
  • Behandel je pijp met aandacht. Voorkom beschadigingen van koprand en mondstuk of zelfs het breken van dat mondstuk daar waar het in de tige steekt, door de pijp nooit op een hard voorwerp uit te kloppen of een warme pijp uit elkaar te halen.
  • Hoewel het bevochtigen van een nieuwe pijp niet noodzakelijk is, mag het wel. In plaats van water kunt u ook bijvoorbeeld honing, siroop, rum of whisky gebruiken. Laat het vocht wel even goed intrekken. U kunt ook eenvoudig de binnenkant met schuurpapier eerst even heel licht opruwen en dan bevochtigen. Gebruik nooit oliŽn of vetten om te bevochtigen. Hierdoor brandt de pijp in.
naar boven