Tijdens het eerste levensjaar zijn er frequent voedingsproblemen als gevolg
van de slechte zuigreflex.
Bovendien is er vaak sprake van verslikken (regurgitatie en aspiratie van voeding).
Het gedrag is opvallend met een onaangepast vrolijk humeur, frekwente lachbuien
en het snel ontstaan van opwinding en hyperactiviteit.
Oorzaak:
Deletie 15q11-q13 op het maternale chromosoom 15 (75%), imprintingsstoornis (7%),
uniparentele paternale disomie 15 (4%), of mutatie in UBE3A gen (10-15%).
Voorkomen:
Bij 1 : 20.000 levendgeborenen.
Niveau van functioneren:
Ernstige verstandelijke beperking.
Ziekten die relatief vaak voorkomen (Co-morbiditeit):