Informatie Verstandelijke Handicaps
De oorzaak van verstandelijke handicaps: translocatie
Wanneer er een stukje van een bepaald chromosoom is afgebroken, kan het afgebroken stukje
ergens anders in de celkern weer aan een ander chromosoom blijven vastkleven. Het is er
dan nog wel, maar het is alleen verplaatst (translocatie). Ook kunnen twee stukken van twee
verschillende chromosomen onderling zijn verweisseld. Alle informatie lijkt dan nog
gewoon aanwezig te zijn, zij het dan voor een deel op een verkeerde plaats. We spreken
dan van een 'gebalanceerde' translocatie.
Soms wel, soms geen afwijkingen
Meestal leidt een nieuw ontstane translokatie niet tot een merkbare afwijking
of stoornis. Soms echter is er door het afbreken van het stukje chromosoom op het
breukvlak toch een stukje genetische code beschadigd of verdwenen. De translokatie is dan
dus niet echt gebalanceerd, al lijkt er onder de microscoop geen stukje chromosoom te zijn
verdwenen. Dan kunnen er wel degelijk kleine of grote afwijkingen ontstaan,
afhankelijk van de betekenis van het beschadigde of verdwenen stukje genetische code.
Bij kinderen vaak wel ernstiger afwijkingen
Wanneer iemand met een gebalanceerde translocatie kinderen krijgt, kunnen deze echter
wel degelijk met een ernstige afwijking worden geboren. Stel dat de moeder een gebalanceerde
translocatie heeft, waarbij een stukje van chromosoom 6 is afgebroken en aan chromosoom 11
vastzit. Bij de eisprong bestaat dan 25% kans dat de eicel het chromosoom 6 bevat waarvan
een deel mist en dat het chromosoom 11 nu net de helft van dat chromosomenpaar is zonder
het afgebroken stukje chromosoom 6 eraan. In dit geval is er dan echt genetische informatie
verdwenen (deletie). Dit noemt men het 'ongebalanceerd' doorgeven van een translocatie.
Bij dezelfde moeder met de gebalanceerde translocatie van 6 naar 11 kan deze
translocatie ook nog op een andere manier 'ongebalanceerd' worden doorgeven. Dat gebeurt
wanneer er bij de vorming van de rijpe eicel de normale helft van haar chromosoom 6 wordt
doorgegeven samen met het chromosoom 11 waaraan het afgebroken stukje chromosoom 6 vastzat.
In dit geval is er genetische informatie (stukje chromosoom 6) teveel (duplicatie).
Wanneer er dus bij iemand een deletie of een translocatie wordt gevonden, moet bij
beide ouders altijd worden onderzocht of niet een van hen een gebalanceerde translocatie
heeft. Want in dat geval bestaat er kans op herhaling.
Foto translocatie
Copyright © 2005 W. Braam, AVG
's Heeren Loo Midden-Nederland, regio Zuid-Veluwe
10-01-2005