Op deze pagina vind je diverse interviews met leden van The Covenant.

Interview uit Aardschok (1996)

WATT-interview met The Covenant ivm. hun deelname aan Rockbattle '94

Mokumers In Het Moeras, interview uit OOR (1992)

 

 

aardschokSeven Little Prayers is alweer de vierde CD voor The Covenant. Vier Amsterdammers die een respectabele carrière voor hun band hebben opgebouwd, zonder daarin ooit concessies te hebben hoeven doen. Het materiaal wordt alsmaar beter en het eind is nog lang niet in zicht. The Covenant houdt vast aan een paar vaste pijlers, wellicht de hoeksteen van hun bestaan, die ik met zanger Frank van der Reep doorloop.

Een constante factor in jullie werkwijze is de relatief korte speelduur van de CD's. Die schommelt altijd rond een half uur.

Dat heeft met het budget te maken. Ja, we zouden wat langer kunnen doorsparen, maar dan kunnen we om de drie jaar een CD maken. Die tijd is veel te lang, vinden wij. Het gaat namelijk ook om de aandacht die je krijgt met een CD.

Een tweede constante factor is dat jullie altijd gewoon alles lekker zelf doen en de CD's uitbrengen op jullie eigen Dutch & Dregs Label.

Dat heeft twee oorzaken. Wij gaan niet wijdbeens voor de deur van de platenmaatschappij liggen en ten tweede, ze moeten zelf komen. In ons geval zou dat vanzelf moeten gaan. Als er momenteel geen interesse in onze muziek is dan gaat het gewoon over. In eerste instantie maken wij muziek omdat we daar ontzettend veel plezier in hebben en op deze manier gaat het ook goed! Komt er een maatschappij op af dan zien we wel weer verder. Maar we gaan er niet achteraan.

De derde constante: jullie producer Otto Janszen, al vier CD's lang present.

Je moet het zo voorstellen: als verschillende mensen bezig zijn met muziek dan worden ze, als het goed is, elk jaar een beetje beter. Dat geldt voor Otto ook. En wij stellen dan dat het produkt in ieder geval er niet slechter op kan worden. Otto werkt voor ons heel prettig. Hij is een vriend, kent ons, kent onze muziek. Waarom dan ergens anders naar toe? Zelfs als we een groot budget zouden krijgen om ergens op te nemen zouden we Otto waarschijnlijk meenemen. Hij weet wat we willen.

Met al die vastigheid: is het constante gebruik van een of meerdere gastmuzikant(en) dan de frisse factor bij de opnamen?

Dat is zeker zo. En omdat we allemaal zo graag met muziek bezig zijn willen we ook zoveel mogelijk dingen geprobeerd hebben. Het liefste zou ik een CD maken met op ieder nummer een andere gastmuzikant. Violiste Ingeborg Kleijnjan van het Amstel Strijkers Ensemble, die op deze CD meespeelt, is een collega van onze gitarist Jurgen. Op zo'n manier komen we aan die gasten. Je ziet mensen ergens spelen, in een bar of gewoon op straat. Je hoeft het echt niet ver te zoeken!

Jullie doen alles met een beperkt budget. Opvallend dan dat een man als Attie Bauw (o.a. Whitesnake, Def Leppard, Gorefest) de mastering heeft verzorgd. Dat is geen goedkope jongen.

Die heeft ons ook het meeste geld gekost! Maar ja, dat is weer een vriend van Otto. Zo gaat dat, een vriendenclub...

Heel opvallend op 'Seven Little Prayers' is de tekstuele inhoud. Het geloof loopt er als rode draad doorheen.

Inderdaad, dat geloof zat er diep in. We hebben dat nog nooit gehad. Eigenlijk is het antigeloof he. Het afgelopen jaar heb ik een zeer vervelend jaar gehad. Ik moet even onze werkwijze uitleggen. Als we nummers maken dan zetten we die op tape en elke dag zet ik na m'n werk dat bandje op en laat ik die sfeer in m'n hoofd glijden. Op een gegeven moment komt daar vanzelf tekst bij.
Ik heb mensen verloren die me lief waren en op hetzelfde moment duiken er dan mensen die zelf gelovig zijn en je daarvan willen overtuigen. Alsof ze in de gaten hebben dat je in de put zit. Dan ga je toch weer nadenken. Dan denk je: 'Ben ik nou zo'n eikel? Ik dacht dat ik dit allang voor mezelf beslist had.' Je bent er toch weer mee bezig, maar ik ben uiteindelijk teruggekomen bij m'n startpunt, namelijk dat ik niet gelovig ben.
We zijn overigens ook niet het tegenovergestelde. Dat mensen bij de naam The Covenant aan satanisme denken. Komt er na een optreden iemand naar je toe die heel vervaarlijk brult: Satan!!!! Dan zeg ik: 'joh, rot op. Satan is een mietje!'. Dan kijken ze je verbaasd aan: 'wauw, dit is wel erg heftig...' Ha, ha ha!

Jullie zijn al de nodige jaren bezig met een behoorlijke mate van succes, want anders zou het niet haalbaar zijn om steeds weer CD's uit te brengen. Nooit eraan gedacht om de sprong in het diepe te nemen, je dagelijkse baan op te zeggen en 100% voor The Covenant te gaan?

En dan doorbreken of zo? Wij willen dit gewoon altijd blijven doen. Het klinkt misschien saai, maar liever dit dan twee jaar helemaal uit onze bol gaan - als je dat al redt - en dat het dan over is. We willen muziek blijven maken en steeds beter worden. Zolang we zelf denken dat we beter worden willen we doorgaan. Als die vooruitgang stopt dan houdt het vanzelf op en zoeken we naar ander dingen. De belangstelling voor onze muziek is er. Kijk, er zijn ook mensen die er niks van moeten hebben. Die worden er alleen maar depressief van, maar gelukkig zijn er een heleboel die het geweldig vinden. We hebben een vaste kern fans, we kunnen veel spelen.
Je hoort muzikanten wel zeggen: 'nou na een jaar had ik het wel gezien hoor, dat clubcircuit.' Daar geloof ik dus helemaal niks van. Het is gewoon leuk om te spelen en om na afloop met al die mensen te praten!

Ferry Bovet

terug naar boven


 

wattIn januari 1995 deed The Covenant mee aan Rockbattle 1994. Naar aanleiding hiervan werd het volgende interview afgedrukt in WATT.

The Covenant heeft het 'vreemde idee' minder mee te doen met de Rockbattle. Het zit zo: The Covenant heeft een CD in eigen beheer uitgebracht, en van die CD zal het nummer Page Two - na Alfred Lagarde's produktionele machine - op de Rockbattle CD worden gezet. Dus The Covenant hoefde niet naar de studio om Page Two nog eens op te nemen. "We hoefden alleen een foto op te sturen", zegt zanger Frank van der Reep. "Maar het is wel spannend."

Frank en PeterHoewel de Rockbattle dus pas nu voor The Covenant begint; zenuwachtig worden de Amsterdammers niet. En ze doen dan wel mee aan een wedstrijd, maar The Covenant is en blijft een vriendenband. Lol hebben staat op de eerste plaats. Ze kennen elkaar van lang geleden. Alleen gitarist Jurgen zit 'pas' vier, vijf jaar bij The Covenant, een hecht clubje, dat een raakvlak met de bandnaam heeft. Frank: "Volgens Ferry (de drummer, red.) hebben Schotse hogepriesters die een verbond met de duivel sloten de naam verzonnen. Maar voor mij betekent Covenant gewoon 'verbond'. The Covenant. Een muzikaal verbond dat de laatste vier, vijf jaar ongewijzigd is gebleven. Frank: "We zijn begonnen met overal voor een appel en een ei te spelen. We namen in 1991 de CD Colours For The Blind in eigen beheer op. Daarna hebben we twee keer, in de Melkweg en in de Effenaar, in het voorprogramma van Pearl Jam gespeeld. Sony (de platenmaatschappij van Pearl Jam, red.) stuurde nog een fax naar de zalen, met het verzoek de beste Nederlandse band als voorprogramma op te laten draven, maar wij werden er toch neergezet. Ha, ha!"

"In 1993 kwam onze tweede eigen beheer CD uit: Addicted. Toen zijn we bij Jan Douwe Kroeske en Carola geweest. Inmiddels hebben we een derde eigen beheer CD. Die heet Looking For The Queen Of Lowlife. Alle recensies waren lovend, op een na: die van een Fret recensent annex ex-vriendje van een zangeres die op de plaat meezingt. Met die CD op zak zijn we support-act van Thelonious Monster en Tragically Hip geweest."

Een aardige staat van dienst hebben ze, die jongens van The Covenant. En ze zijn niet gemakkelijk in een hokje te stoppen. Komt misschien door diverse muzikale helden die de vier Amsterdammers hebben: Soundgarden, The Cult, Danzig, Jimi Hendrix en Pearl Jam. En of die bands invloed hebben op The Covenant of niet "we blijven een muzikaal buitenbeentje, moeilijk te plaatsen. We hebben op blues-, deathmetal- en buurtfestivals gestaan. We proberen echter gewoon rock-’n-roll te spelen."

Johan Vosmijer

terug naar boven


 

In 1992 verscheen in OOR: Mokumers In Het Moeras

Slechts vijf nummers sieren Colours For The Blind, de in eigen beheer uitgebrachte CD van The Covenant. Dat is echter genoeg om geraakt te worden door het eerlijke recht-door-zee geluid van de vier Amsterdammers. En dat is alleen maar een voorproefje, bij een optreden slepen ze je rechtstreeks mee naar de moerassen waar ze hun 'swamp-sound' aan ontlenen. Drie van de vier huidige bandleden begonnen als muzikanten in de new-wave en post-punk periode. Tegenwoordig zoeken ze het meer in de richting van voorbeelden als Deep Purple, The Cult, Masters Of Reality en Danzig. De rock ontdekten ze via de gitarist die bij de oprichting van The Covenant in 1988 tot de groep toetrad. Zanger en frontman Frank van der Reep: 'Dat was nogal een pittige jongen die van rock wel kaas had gegeten. Hij leerde ons de basisdingen.'
Tegenwoordig heeft Jurgen Hoogendoorn zijn plaats ingenomen. Deze gitarist met een bluesachtergrond completeert de bezetting die verder bestaat uit Peter Stap op bas en drummer Ferry Eden. 'Wij waren altijd een beetje zoekende naar wat we wilden. We begonnen eigenlijk in de verkeerde periode. Tijdens de New Wave en Punktijd ging iedereen zijn eigen dingen doen met muziek en daardoor leerden we dus geen basisstructuren.' Jurgen is de enige in de band die wel een degelijke ondergrond heeft. 'Terwijl mijn generatie zich op de punk stortte speelde ik ouderwetse blues.'

Wanneer The Covenant een podium betreedt dan staat er echt een groep, de vier vormen een eenheid die je overdondert. Alsof ze nog nooit iets anders hebben gedaan dan samen op een podium staan. 'Het is net zoiets als met voetballen, op een gegeven moment voel je elkaar aan. Je weet dat een ander zo een pass gaat geven, dus begin jij maar vast te rennen,' zegt Frank daarover.

PeterDe nummers klinken misschien ook wel zo onbevangen omdat alle vier de bandleden een vaste baan hebben en ze daarnaast regelmatig moeten optreden. Voor repeteren blijft dus weinig tijd over. 'We oefenen één keer in de week, als het uitkomt. We hebben dus niet genoeg tijd om nummers helemaal door te lopen en er aan te sleutelen. Het gaat er meer om een bepaalde sfeer te pakken te krijgen. Wanneer je dat kunt verwoorden in een nummer, dan zijn wij al tevreden.'
Jurgen: 'Ik heb ook wel bands gezien die zeven dagen in de oefenruimte zaten en die zogenaamd professioneel waren. Daar kwam dan niets uit omdat die mensen zo dicht op elkaar zaten. Wij maken muziek over wat we meemaken, over wat we voelen. Als je zeven dagen in zo'n oefenruimte zit dan maak je ook weinig mee.'

De eigen ervaringen die Frank in zijn teksten stopt gaan voornamelijk over vrouwen, bij voorkeur fatale vrouwen. Daar schijnt The Covenant iets mee te hebben. Dat heeft nummers als Lovesick Daisy, Jamie Lee en Milly als gevolg. 'Ja kijk, we zijn natuurlijk geen zestien meer, we hebben wat dat betreft best wel het een en ander achter de rug. Tijdens de verschillende optredens door het land maak je ook van alles mee. Ze vormen dus een inspiratiebron. De nummers die we spelen gaan over dingen die echt gebeurd zijn. Natuurlijk overdrijven of relativeren we wel, het is ook grotendeels zelfspot.'

Ondanks de bandnaam The Covenant, die staat voor een verbond met de duivel, is er op tekstueel gebied dus geen overeenkomst met Glenn Danzig, die qua stemgeluid erg dicht bij Frank zit, 'Toen we hem voor het eerst hoorden dachten we: Jezus, dat is Frank.' Frank zelf: Iemand wees ons daar na een optreden eens op. Toen zijn we naar Danzig gaan luisteren en dat was echt heel raar. Af en toe kan ik dat gewoon zijn.'

Doelen heeft de band niet, lekker spelen daar gaat het ze om. 'Wanneer je jezelf doelen stelt dan kan je die ook wel eens niet bereiken. Dat is heel frusterend. Ik heb het bij andere bands gezien en het leidt tot stress in een groep. Dat gaat dan weer ten koste van het speelplezier. Wij spelen veel, we hebben gratis drinken, we staan in het middelpunt van de belangstelling, we hebben wat te doen en we worden er voor betaald. Wat wil je nou in godsnaam nog meer?'

Marco van Nek

terug naar boven