Omstreeks 1890 sloot het gerenommeerde New Bath Hotel aan de Rotterdamse Boompjes 40 (voorheen nummer 57), op de foto gemarkeerd met de rode lijnen, zijn deuren. Volgens de bovenstaande advertentie uit 1873 beschikte het hotel over '92 kamers, ruime zalen en salons, baden, tuinen, remises, stalling, enz.' Na de sluiting kreeg het gebouw de naam Mercurius en werden er verschillende bedrijven gevestigd. In de eerste helft van de 19e eeuw werd was de eigenaar de heer Hendriksen, hij werd opgevolgd door zijn dochter Dorothea Hendrika Louiza (1807-1850) en haar echtgenoot, de Belg Charles Louis van Craenenbroeck.
In het boek Dwalen over de Boompjes en omgeving van Herman Romer (Rotterdam 2001) wordt melding gemaakt van meerdere hotels die in de 19e eeuw aan de Boompjes gevestigd waren. Het New Bath Hotel en het Grand Hôtel des Pays-Bas waren daarvan volgens de schrijver duidelijk de meest gerenommeerde. 'Daar logeerden regelmatig hoogwaardigheidsbekleders, onder wie vorstelijke personen', aldus Romer. Eén van deze voorname gasten was in 1866 vermoedelijk de Britse edelman Edward Adolphus Ferdinand Seymour, Earl St. Maur. Hij ontmoette in Rotterdam de kelner Jacob Ravestein. Over de bijzondere gevolgen van deze ontmoeting kunt u lezen in het artikel 'Jacob Ravesteyn en het huwelijk van Earl St. Maur '.

Around 1890 the renowned New Bath Hotel at the Boompjes nr 40 (before nr. 57) in Rotterdam, marked with two red lines on the photograph, was closed down. According to the advertisement from 1873 above the hotel had '92 bedrooms, large reception rooms, baths, gardens, garages, etc.' After 1890 the building was renamed Mercurius, and several comapnies were seated there. In the first half of the 19th century the owner was mr. Hendriksen. His successors were his daughter Dorothea Hendrika Louiza (1807-1850) and her husband, the Belgian Charles Louis van Craenenbroeck.
The book Dwalen over de Boompjes en omgeving (Wandering along the Boompjes and vicinity) by Herman Romer (Rotterdam 2001) states there were several hotels at the Boompjes in the 19th century. The New Bath Hotel and the Grand Hôtel des Pays-Bas according to the writer were by far the most renowned of these hotels. 'Dignitaries frequently stayed there, including royalty', writes Romer. One of these prominent guests was in 1866 probably Edward Adolphus Ferdinand Seymour, Earl St. Maur. In the article ' Jacob Ravesteyn and the marriage of Earl St. Maur ' you can read about the peculiar consequences of this encounter.