| 3.13 Sociale, culturele en
economische rechten Verdragspartijen verplichten zich ertoe in artikel 13 de uitbanning van discriminatie in het economisch en maatschappelijk leven ter hand te nemen. Ten aanzien van het economisch leven wijst het Vrouwenverdrag in het bijzonder op het recht op gezinsuitkeringen en de toegang tot kredietfaciliteiten en hypotheken.[106] Het maatschappelijk leven komt aan de orde in de bepaling dat er gelijke toegang tot vormen van vrijetijdsbesteding, sport en cultuur behoort te zijn. In artikel 15 IVESCR is een vergelijkbare, algemenere bepaling te vinden ten aanzien van het recht op deelname aan het wetenschappelijke en culturele leven. Op grond van de artikelen 2 en 3 van datzelfde verdrag is er sprake van een garantie dat dit recht aan allen toekomt zonder onderscheid naar geslacht. Een bepaling ten aanzien van deelname aan het economisch leven is niet direct in andere internationale regelgeving terug te vinden. |