Het Vrouwenverdrag in de Nederlandse rechtsorde


Notenapparaat van

"Het Vrouwenverdrag in de Nederlandse rechtsorde"

Noot 301 - 400

 

  1. Wet van 29 juni 1994, Stb. 586.
  2. Besluit van 2 mei 1994, Stb. 337, tot vaststelling van voorschriften ter bevordering van de verbetering van de veiligheid en de gezondheid op het werk van werkneemsters tijdens de zwangerschap en tijdens de lactatie.
  3. Wet van 23 november 1995, Stb. 598.
  4. Wet van 12 april 1995, Stb. 199, gewijzigd bij wet van 21 december 1995, Stb. 691.
  5. Wet van 20 december 1979, Stb. 708, wet van 28 maart 1985, Stb. 180, wet van 3 mei 1989, Stb. 126, wet van 4 juli 1990, Stb. 386.
  6. TK 1995-1996, 24 498.
  7. TK 1992-1993, 23 216 (voorstel Rosenmöller), zie voorts in dit verband: TK 1993-1994, 23 538, Regeringsnotitie inzake het wettelijk recht op deeltijdarbeid.
  8. TK 1991-1992, 15 401, nr. 9.
  9. Vgl. Alkema en B. Zaaijer, a.w., p. 27.
  10. Raad van Beroep Rotterdam, 14 januari 1992, RVS 1992/165 en Nieuwsbrief Volkenrecht 13-3, oktober 1992.
  11. Raad van Beroep Arnhem, 6 februari 1992, RVS 1992/166.
  12. De Jong v. Interpolis; Rechtbank Breda, 5 oktober 1993, niet gepubliceerd.
  13. TK 1988-1989, 18 950 (R 1281), NEV, nr. 9, p. 14 en Handelingen II, 3 juli 1990, TK 85, p. 4848.
  14. MvT, TK 1988-1989, 18 950 (R 1281), nr. 9, p. 15.
  15. Rebecca J. Cook, "State Accountability Under the Convention on the Elimination of All Forms of Discrimination Against Women" in: Rebecca J. Cook ed., "Human Rights of Women, National and International Perspectives", Philadelphia/1994.
  16. Zie Rebecca J. Cook, 14 Yale Journal of International Law 161 en New York Journal of International Law and Politics, 1992.
  17. Rebecca J. Cook "State Accountability under the Convention on the Elimination of All Forms of Discrimination Against Women" in: "Human Rights of Women, National and International Perspectives", Philadelphia/1994.
  18. A.H.A. Soons, "Part One: The current state of feminist analysis of international law. Some general (theoretical) issues. Draft for discussion purposes", Symposium "Reconceiving reality: women and international law", Utrecht/23 november 1994.
  19. Platform for Action, a.w.
  20. Platform for Action, a.w., par. 213.
  21. Cook, "State Accountability", a.w.
  22. Byrnes, a.w., p. 212.
  23. L. Reanda, "Human Rights and Women's Rights: The United Nations Approach", Human Rights Quarterly, 1981, p. 11-31, F. Hosken, "Introduction", Human Rights Quarterly, 1981, p. 1-10, M. Galey, "International Enforcement of Women's Rights", Human Rights Quarterly, 1984, p. 463-490, R. Eisler, "Human Rights: Toward an Integrated Theory for Action", Human Rights Quarterly, 1987, p. 287-308, C. Bunch, "Women's Rights as Human Rights: Toward a Re-Vision of Human Rights", Human Rights Quarterly, 1990, p. 487-498, H. Charlesworth-C. Chinkin-S. Wright, "Feminist Approaches to International Law", American Journal of International Law, 1991, p. 613-645.
  24. Platform for Action, a.w., par. 222.
  25. Res. 48/104, 20 december 1993, UN Doc. A/48/629.
  26. Res. 1994/45.
  27. A/CONF. 157/23.
  28. Flinterman, a.w., p. 5.
  29. Committee on Economic, Social and Cultural Rights, Annex 1: "Statement to the World Conference on Human Rights on behalf of the Committee on Economic, Social and Cultural Rights", A/CONF.157/PC/62/Add.5, p. 2.
  30. A.W. Heringa, "Botsende systemen", Nemesis 1995, nr. 1, p. 17.
  31. C. Forder, "Positieve verplichtingen in het kader van het Europees Verdrag ter bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden", NJCM 17-6, 1992, p. 611 e.v. Dit betreft ook het voorkomen van discriminatoir handelen in de privé-sfeer.
  32. Limburg Principles onder 3: "As human rights and fundamental freedoms are indivisible and interdependent, equal attention and urgent consideration should be given to the implementation, promotion and protection of both civil and political, and economic, social and cultural rights", UN Doc. E/CN 4/1987/17, gepubliceerd in Human Rights Quarterly 9 (1987).
  33. P. Alston en G. Quinn, "The nature and scope of States Parties’ Obligations under the International Covenant on Economic, Social and Cultural Rights", Human Rights Quarterly 1984.
  34. Alston en Quinn, a.w., p. 172.
  35. Forder, "Positieve verplichtingen...", a.w., p. 637.
  36. Onder andere A. Hendriks, "The promotion and protection of women's right to sexual and reproductive health under international law, with special reference to the Economic Covenant and the Women's Convention", The American University Law Review, 44/4, 1995, p. 1131-1135 en ACM-advies "Economische, sociale en culturele mensenrechten", advies nr. 18.
  37. Cook, "State Accountability", a.w.
  38. Forder, "Positieve verplichtingen...", a.w., p. 627.
  39. P. van Dijk, "De Conventie inzake de uitbanning van alle vormen van rassendiscriminatie; inhoud en toezichtprocedures", in: T.H.C. van Boven e.a., "Bestrijding van rassendiscriminatie. Internationale en nationale rechtsmiddelen", Nijmegen 1985, 1-30, 6.
  40. A.C. Byrnes, "Het andere mensenrechtenverdragslichaam", in: Nemesis, 1991, p. 24.
  41. Byrnes, a.w., p. 25.
  42. I. Boerefijn, "Towards a strong system of supervision. The Human Rights Committee's role in reforming the reporting procedure under article 40 of the Covenant on Civil and Political Rights", p. 5-10. Artikel gebaseerd op een paper gepresenteerd voor de Workshop Panel van de 7e jaarlijkse bijeenkomst van ACUNS, Den Haag/23-25 juni 1994.
  43. Byrnes, a.w., p. 19-20.
  44. Committee on Economic, Social and Cultural Rights, Annex 1: "Statement to the World Conference on Human Rights on behalf of the Committee on Economic, Social and Cultural Rights", A/CONF.157/PC/62/Add.5, p. 2.
  45. Artikel 2 lid 1: "Iedere Staat die Partij is bij dit Verdrag verbindt zich maatregelen te nemen, zowel zelfstandig als binnen het kader van de internationale hulp en samenwerking, met name op economisch en technisch gebied, en met volledige gebruikmaking van de hem ter beschikking staande hulpbronnen, ten einde met alle passende middelen, inzonderheid de invoering van wettelijke maatregelen, steeds nader tot een algehele verwezenlijking van de in dit Verdrag erkende rechten te komen".
  46. A.P.M. Coomans, "De toenemende betekenis van economische, sociale en culturele mensenrechten", in: "De toenemende betekenis van economische, sociale en culturele mensenrechten", Leiden/1994, p. 63.
  47. Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden, Rome, 4 november 1950, Trb. 1951, 154.
  48. Het meest recente is Protocol nr. 11, betreffende de herstructurering van het bij het EVRM ingestelde controlemechanisme, met bijlage, Trb. 1994, 165. Op 1 januari 1995 was dit Protocol nog niet in werking getreden.
  49. Wemhoffzaak, arrest van 27 juni 1968, Serie A, Vol. 7, p. 23.
  50. J.G.C. Schokkenbroek, "Algemene verkenningen naar de taken van de Straatsburgse en de nationale organen", in: "40 jaar Europese Conventie voor de Rechten van de Mens en de Nederlandse rechtsorde: staatsrechtconferentie 1990", Leiden/1990, p. 59.
  51. A.W. Heringa, "Het Europees Sociaal Handvest. Nieuwe initiatieven ter verbetering van de sociale- grondrechtenbescherming in het kader van de Raad van Europa", in: "De toenemende betekenis van economische, sociale en culturele mensenrechten", a.w., p. 30-47.
  52. Heringa, "Het Europees Sociaal Handvest.", a.w., p. 35.
  53. Art. 119 EG-verdrag heeft betrekking op de gelijke beloning van vrouwen en mannen. Dit artikel legt de verdragsstaten de verplichting op het beginsel te verzekeren dat mannen en vrouwen voor gelijke arbeid een gelijke beloning ontvangen.
  54. Zie uitgebreider S. Prechal en N. Burrows, "Gender Discrimination Law of the European Community", Dartmouth/1990.
  55. Loenen, "Rethinking Sex Equality as a Human Right", a.w., p. 260.
  56. Cook, "State Accountability", a.w.
  57. Verhey wijst er in het kader van artikel 2 sub e nog op dat dit artikel afwijkt van de overeenkomstige bepaling in het Rassenverdrag, waar het gaat om het feit dat "overheidsmaatregelen uitdrukkelijk betrekking moeten hebben op ondernemingen. Blijkens de verdragsgeschiedenis is dit element uitdrukkelijk toegevoegd." L.F.M. Verhey, "Horizontale werking van het Vrouwenverdrag", in: "Het Vrouwenverdrag, een beeld van een verdrag...", a.w., p. 190 met verwijzing naar Rehof, a.w., p. 59.
  58. Verhey, "Horizontale werking van het Vrouwenverdrag", a.w., p. 190 met verwijzing naar de Eerste Nederlandse Rapportage aan het VN-Comité voor de Uitbanning van Discriminatie van Vrouwen, november 1992, p. 47.
  59. Cook, "Human Rights of Women, national and international perspectives", a.w., p. 237-238.
  60. Lijnzaad, "Het kussen van de kikker", a.w., p. 5.
  61. Brünott, "De actuele verhouding tussen het Vrouwenverdrag en een brede Wet gelijke behandeling", Nemesis, 1987, nr. 5, p. 271.
  62. Zie voor een beschouwing over en indeling van open normen en open begrippen T. Loenen, "Recht en het onvervulbare verlangen naar individuele gerechtigheid", RM Themis 1996/4, p. 123 e.v.
  63. Heringa, "Botsende systemen", a.w., p.17
  64. HR 7 mei 1993, RdW 1993, 101, NJCM-bulletin 1993, p. 694, zie ook Heringa, "Botsende systemen", a.w.
  65. Burrows en Ocürü, a.w., p. 273.
  66. Zie T. Loenen, "Voorkeursbeleid of gewoon sociaal beleid?", NJB 25 maart 1993, afl. 12, p. 403 e.v.
  67. Heringa, "Botsende systemen", a.w., p. 16 e.v.
  68. K. Waaldijk, "Motiveringsplichten van de wetgever", 1994, p. 157. Zie ook T. Loenen, "Verschil in gelijkheid", Zwolle/1992, p. 22-26 en p. 260-271.
  69. A. Eide, "The new international economic order and the promotion of human rights, report by the special rapporteur on the right to food", UN/DOC E/CN.4 sub S.2/1987/23, at 14-15.
    Zie ook de opmerkingen over het Europees Sociaal Handvest in hoofdstuk 7 onder
    7.3.4.
  70. Hendriks, "The promotion and protection ...", a.w., p. 112-113.
  71. A.P.M. Coomans, A.W. Heringa en I. Westendorp, "De toenemende betekenis van economische, sociale en culturele mensenrechten", a.w., p. 71.
  72. Hendriks, "The promotion and protection...", a.w., p. 112-113.
  73. Voorbeelden zijn het opzetten van een sociaal-zekerheidsstelsel en een onderwijsstelsel. Zie: Coomans e.a., "De toenemende betekenis", a.w., p. 72.
  74. Zie J.H.J. de Wildt, "Het Internationaal Verdrag inzake de Uitbanning van alle vormen van discriminatie van Vrouwen", in: Ars Aequi, 41 (1992) 5, p. 259-266.
  75. A. Byrnes en J. Connors, "The adoption of a petition procedure under the Convention on the Elimination of All Forms of Discrimination against Women", paper ter voorbereiding van de deskundigenbijeenkomst te Maastricht, 29 september t/m 4 oktober 1994, niet gepubliceerd. Zie ook Flinterman, "Het recht tot klagen", a.w., p. 5-15.
  76. Byrnes en Connors, "The adoption of a petition procedure...", a.w., p. 10 en 39.
  77. NnavEV, TK 1988-1989, 18 950 (R 1281), nr. 9, p. 3.
  78. Byrnes en Connors, a.w., p. 5-15.
  79. C. Forder, "Positieve verplichtingen in het kader van het Europees Verdrag ter bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden", NJCM 17-6, 1992, p. 611 e.v. Dit betreft ook het voorkomen van discriminatoir handelen in de privé-sfeer.
  80. Forder, "Positieve verplichtingen ", a.w., p. 627.
  81. MvA, TK 1986-1987, 18 950 (R 1281), nr. 6, p. 9.
  82. Lijnzaad, "Het kussen van een kikker", a.w., p. 5-17.
  83. Zie Byrnes en Connors over "minimum standards", en ook de Limburg Principles onder 21: "the obligation to begin immediately to take steps to fulfill their obligations under the Covenant", onder 23 "The obligation of progressive achievement exists independently of the increase in resources..." en onder 72.
  84. Zie: Eide, "The new international economic order and the promotion of human rights, report by the special rapporteur on the right to food", a.w., p. 15, para. 71.
  85. Hendriks, "The promotion and protection...", a.w., p. 118.
  86. De Wildt, a.w., p. 263.
  87. Hendriks, "The promotion and protection ...", a.w., p. 118.
  88. E.A. Alkema en B. Zaaijer, "Artikelen 2, 3 en 24: de reikwijdte van het Vrouwenverdrag", in: "Het Vrouwenverdrag: een beeld van een verdrag", a.w., p. 15-29.
  89. Handelingen II, 26 juni l990, TK 82, p. 4620.
  90. Algemene Aanbeveling 3 (1990), para 2, UN Doc HRI/GEN/l, p. 43.
  91. Zie Limburg Principles, waarin met betrekking tot het IVESCR gezegd wordt dat de verplichting tot geleidelijke verwezenlijking volgens art. 2 lid 2 bestaat ongeacht de toename van financiële middelen: "It requires effective use of resources available".
  92. A.P.M. Coomans, "De internationale bescherming van het recht op onderwijs", Stichting NJCM-boekerij, 20, 1992, p. 42-43.
  93. CESCR, General Comment, nr. 3 (1990), par. 9.
  94. Coomans, "Economische, sociale en culturele mensenrechten", a.w., p. 69-70.
  95. Zie ACM-Advies inzake economische, sociale en culturele mensenrechten, advies nr. 18, 1994, p. 8.
  96. Een voorbeeld vindt men in art. 11 lid 2 sub a (onthoudingsverplichting).
  97. Zie art. 4 lid 1, maar ook art. 11 lid 2 sub b en c.
  98. ACM-Advies, a.w., p. 10.
  99. E/CN.4/Sub.2/1992/16.
  100. Alkema en Zaaijer, a.w., p. 18-20.