Agapanthus

 

Kaapsgewas

Met de (koloniale) zeevaart zijn veel planten ontdekt en naar de Lage Landen gebracht. Zuid-Afrika speelde hierin, door haar strategische ligging, een belangrijke rol. Veel plantenliefhebbers zullen de Afrikaanse lelie (Agapanthus) een warm hart toedragen. Het is één van de Kaapse gewassen, zoals ze ook wel worden genoemd. De meeste mensen zullen deze plant als kuipplant kennen, staande in een grote houten kuip of stenen pot. De wortels staan erom bekend, dat ze potten kunnen laten barsten door hun groeikracht. Vroeger sierden ze vooral oprijlanen van kastelen of buitenplaatsen. In de tegenwoordige kuipplanten verzamelingen is hij terug van weggeweest.

Variatie

De variatie is erg groot, omdat de planten zeer gemakkelijk kruisen. De planten zijn dus lang niet altijd soortecht. De beroepsteelt heeft ook extra onderzoek gedaan naar de soortechtheid en er is ook meer helderheid gebracht. Maar toch blijven er partijen van onduidelijke herkomst op duiken.

Agapanthus

Herkomst

Ze groeien in zowel warme als koudere gebieden in Zuid-Afrika. Vooral de soorten, die in koudere gebieden groeien zijn voor ons type tuin interessant. In het wild groeien deze planten vaak op koele berghellingen en zijn bladverliezend. Deze laatste eigenschap geeft aan dat de plant redelijk tot goed winterhard is.

Standplaats

Ondergronds maakt de plant vlezige wortels waaruit met grote kracht lancetvormige bladeren uit de grond worden opgestuwd. De vlezige wortels verschillen van structuur, als ze in verschillende grondsoorten groeien. Op kleigrond groeien de wortels erg diep en zijn ze moeilijk of niet te verpoten. Op andere grondsoorten gaat dit makkelijker. Let er wel op, dat de wortels beschadigen als er verpoot wordt. Het is nodig om de wortels een tijdje te laten drogen voordat de plant opnieuw geplant wordt, want anders rotten de beschadigde worteldelen weg. Later vormt de plant een lange steel (30 tot 120 cm hoog) waaraan een mooie bloem verschijnt. Eigenlijk verschijnen er een aantal bloemen aan één steel. De bloemetjes bloeien niet allemaal tegelijk waardoor de bloeitijd lang is. Na de bloei ontstaan er prachtige zaaddozen. Dus niet knippen.

Winterdek

De plant houdt van een humusrijke grond, die in het voorjaar goed bemest moet worden. ‘s Winters verlangen ze een stevig winterdek van stro of takken, eventueel kan er een emmer op de kop over het groeipunt worden gezet. Dit werkt goed, maar het is geen fraai gezicht. De plant moet ‘s winters vrij droog staan, gebruik daarom geen turf als afdek materiaal, dit neemt juist vocht op. Als u in het voorjaar de winterbescherming verwijdert, dan zullen de eerste neuzen al boven de grond uitkomen. Ze stellen een goede bemesting (met oude stalmest) zeer op prijs.

Als de plant een aantal jaren op dezelfde zonnige plaats staat wordt de pol steeds mooier en bloeit steeds rijker. Als de plant gepoot wordt let er dan op dat hij altijd goed in de zon blijft staan en niet later beschaduwt wordt door een boom. Verder houden deze kinderen van de zon niet van verpoten. Een gescheurde plant, die uit de volle komt zal het snelst aan de koude Nederlandse omstandigheden gewend zijn. (De schade van het scheuren zal echter de bloei voor enige tijd schaden.) Verder is het wel aanlokkelijk om een plant met bloem te kopen, maar de bloem kost de plant veel kracht en zal moeilijker aanslaan.

Virusziekte

De Agapanthus kan soms last hebben van een overdraagbare virusziekte. De bladeren vertonen dan gele spikkels en bladverkleuring aan het einde van het blad. Deze planten moeten vernietigd worden, om verdere besmetting te voorkomen. Zuigende insekten kunnen deze ziekte zelfs overdragen! Reinig gereedschap grondig als ze met besmette planten in aanraking zijn geweest!

Bruikbaar voor in de tuin

naam

bloemkleur

bloemscherm

hoogte

Agapanthus "Bressingham Blue"

donkerblauw

klein

80 cm

Agapanthus "Bressingham White"

wit

90 cm

Agapanthus "Lilliput"

donkerblauw

50 cm

Agapanthus "Midnight Star"

donkerblauw

100 cm

Agapanthus "White Starlet"

wit

60 cm

 

terug