Muziek aan het hof van Willem III
Willem III
was net als veel andere vorsten gecharmeerd van muziek, al werd dat erg
gestimuleerd door zijn vrouw Mary Stuart. Tijdens zijn verblijf in Engeland had
hij in juli 1689 Henry Purcell (1659-1695) benoemd als hofcomponist. Purcell
had toen al de nodige concerten gegeven voor het koninklijk duo, te beginnen
bij kroning in Westminster Abbey in april 1689 toen hij het orgel bespeelde en
de nieuwsgierige bezoekers entrée liet betalen!
Mary was erg gecharmeerd van de muziek van Purcell en elk jaar schreef de Engelse componist een nieuwe compositie ter gelegenheid van haar verjaardag. Zo zouden muziekstukken als Arise, my Muse uit 1690, Love’s goddess sure was blind uit 1692 en Come, ye sons of art, away uit 1694 waarschijnlijk nooit zijn gecomponeerd als Mary Stuart niet zo onder de indruk was van Purcells muzikale kwaliteiten. Toen Mary op 5 maart 1695 werd begraven, nam ook Purcell afscheid van haar met zijn lofzang Thou knowest, Lord, the secrets of our hearts. Lang heeft hij zelf daarna ook niet meer geleefd, want op 21 november 1695 verruilde Purcell het tijdelijke voor het eeuwige. Op zijn begrafenis werd dezelfde muziek gespeeld als bij Mary Stuart. Eigenlijk had Purcell dan ook meer met de vrouw van Willem III dan met de koning zelf. Voor Mary schreef Purcell namelijk zes zogenaamde Odes en Welcomes, terwijl er geen enkele voor Willem werd gecomponeerd.
Purcell had veel gemeen met de Fransen componisten. Zo was hij een voorvechter in Engeland van de muziekstijl van Jean Baptiste Lully. Het bijzondere aan Purcell was dat hij de Franse (èn Italiaanse) invloed in zijn muziek combineerde met traditionele Engelse elementen.
Om wat muziek van Purcell te horen, klik hier: Purcell