Start        Standaardfuncties     a.f(x)      f(b.x)      f(x+c)      f(x)+d      a.f(b(x+c))+d      Opdrachten    

a.f(x)

Als je de grafiek van de functie y=a.f(x) vergelijkt met de grafiek van de functie y=f(x) dan worden alle y-waarden a maal zo groot.
In grafiekentaal zeggen we:
De grafiek van y=a.f(x) ontstaat uit de grafiek van y=f(x) door de grafiek van y=f(x) verticaal te vermenigvuldigen met een factor a

Hiermee wordt bedoeld dat alle punten van de grafiek van y=a.f(x) a maal zo ver van de x-as liggen als de overeenkomstige punten van de grafiek van y=f(x).

Als je in de applet hiernaast op de startknop drukt kun je daar een animatie van zien.