Start        Standaardfuncties     a.f(x)      f(b.x)      f(x+c)      f(x)+d      a.f(b(x+c))+d      Opdrachten    

f(x+c)

Als je de grafiek van de functie y=f(x+c) vergelijkt met de grafiek van de functie y=f(x) dan worden alle punten c naar links opgeschoven.
In grafiekentaal zeggen we:
De grafiek van y=f(x+c) ontstaat uit de grafiek van y=f(x) door de grafiek van y=f(x) horizontaal c naar links op te schuiven.

Als je in de applet hiernaast op de startknop drukt kun je daar een animatie van zien.
In plaats van het woord verschuiving wordt ook wel het woord translatie gebruikt.

Dus als f(x)=x2 en g(x)=(x+2)2, dan ontstaat de grafiek van g uit de grafiek van f door de grafiek van f(x)=x2 twee naar links op te schuiven.
Als f(x)=x2 en g(x)=(x-2)2, dan ontstaat de grafiek van g uit de grafiek van f door de grafiek van f(x)=x2 twee naar rechts op te schuiven.