![]() Ik zag Cecilia komen
Ik zag Cecilia komen
Langs eenen waterkant, Ik zag Cecilia komen Met bloemekens in haar hand. Zij zag naar haren herder, Den herder Floriaan Die ook zijn schaapkens weidde Langs dezelfde baan. Cecilia ging zingen; Haar hert docht haar t'ontspringen. Dit hoorde haren herder, Hij kwam bij haar terstond, En kuste zijn Cecilia Aan haren rooden mond. |