De Stadslijn
Door Joost Resink
 

Startpagina
De eerste trams
Elektrische trams
De Stadslijn
Het Bergspoor
Uitbreiding naar Hees
Trams tijdens WOII
Het einde van de Tram
En toen: Trolleybussen
Trams 50 jaar later
 

Op zondag 4 juni 1911 (eerste pinksterdag) werd de eerste rit uitgevoerd op de stadslijn, en tevens het hele elektrische tramnet, tussen het Keizer Karelplein en de Mr. Franckenstraat. Vier dagen later al werd ook het traject Keizer Karelplein - St. Annastraat geopend, waarmee de totale lengte van het net op 4.600 meter kwam. Dit betrof op dat moment alleen de stadslijn (later bekend onder lijn 1), omdat de buitenlijn (het bergspoor of lijn 2) nog in aanbouw was.


25 mei 1911 wordt door de firma Carl Weyer de eerste van een serie van acht kleine en zes grote motor- en nog zes grote volgwagens geleverd. bron: Lijn 2: Geschiedenis van een bergspoor (1997)

Spoorverlenging
Nog altijd goed op schema werd op 22 december 1911 de spoorverlenging van de Mr. Franckenstraat naar de Huygensweg over de Berg en Dalseweg gereed. Deze 1.100 meter was geheel dubbel spoor, net zoals een groot gedeelte van het spoor op de St. Annastraat, de Spoorweg en Spoorstraat en Kronenburgersingel. Er waren echter nog genoeg enkelsporige trajecten, waardoor de hoogst haalbare frequentie 7½ trams per uur was. Op marktdagen was dit zeker een probleem, want dan mocht op protest van de marktkooplieden, niet het passeerspoor op de Grote Markt gebruikt worden, waardoor er een stuk enkelspoor ontstond van de Burchtstraat tot aan de Korenbeurs.


Motorwagen 2 op weg naar de Kastanjelaan nadert het spoorviaduct in de St. Annastraat. bron: De Gemeente Tram Nijmegen (1986)

Naar Hengstdal
Het rapport Lohr, de gewijzigde versie, na de overname van de concessies van de NTM, spreekt van een stadslijn van St. Anna via het Centrum naar Hengstdal (via de Berg en Dalseweg), maar het duurde nog zeker zeven jaar voordat het tramspoor van het eindpunt bij de Huygensweg werd doorgetrokken naar het eindpunt bij de Holleweg (waar tegenwoordig het Pegasusbeeld staat). Dat dit zolang duurde lag vooral aan de langzame ontwikkeling van het Hengstdal. Er was in 1912 nog te weinig bebouwing en dus te weinig vervoer om een verlenging rendabel te maken, maar dat was in 1919 veranderd. Op 11 oktober 1919 werd dan ook de lijn naar Hengstdal feestelijk geopend.


In het begin van de jaren twintig was de situatie bij het station zoals in deze foto te zien is. bron: De Gemeente Tram Nijmegen (1986)

Route
Na de verlenging van de route naar Hengstdal rijdt lijn 1 van St. Anna via het station en het centrum naar Hengstdal. En dat zou zeker drieëndertig jaar lang zo blijven, tot dat in 1952 de lijn werd getrolleyficeerd, ten koste van de tram. Hierna zal een kort overzicht volgen van hoe de lijn er uitzag in de periode 1919-1952. In het hoofdstuk Trams tijdens WOII zal worden ingegaan op de gebeurtenissen en de gevolgen voor lijn 1 tijdens de tweede wereldoorlog.


Het wachthuisje aan de St. Annastraat bij de halte Canisiusziekenhuis, ter hoogte van de Hatertseweg. bron: De Gemeente Tram Nijmegen (1986)

St. Anna - Station
De tram vertrok vanaf een enkelsporig eindpunt aan de St. Annastraat ter hoogte van de Kastanjelaan en reed dan vervolgens de hele route naar het Keizer Karelplein via de St. Annastraat. De eerste halte waar gestopt werd was het Canisiusziekenhuis. hier stapten altijd veel passagiers in die op bezoek waren geweest in het ziekenhuis. De tram vervolgde dan zijn weg naar de kruising Groenestraat, waar kort daarvoor een halte was bij de Verlengde Groenestraat. Nog steeds enkelspoor ging de tram verder om het spoorbruggetje te kruisen. Dit was, vooral voor fietsers, een gevaarlijk punt. Na de brug volgt de wissel. Deze was gesitueerd ter hoogte van de Groenewoudseweg (tegenwoordig Oude Groenewoudseweg).


Zou u het nog herkennen? Dit is de halte Fransestraat aan de St. Annastraat. bron: De Gemeente Tram Nijmegen (1986)

Bij de Dr. Jan Berendsstraat draait de stoomtram van de Maas Buurtspoorweg (met de lijn Venlo - Gennep - Nijmegen) af om via voornoemde straat en de Van Diemerbroeckstraat een kortere route te nemen naar het station. De stadslijn gaat echter vrolijk door over het dubbelspoor van de St. Annastraat en komt dan bij de halte Sint Stefaanusstraat. Nadat eventuele fietsers en overstekende voetgangers met vrolijke getingel worden gewaarschuwd, wordt de reis vervolg naar de halte Fransestraat.


Op een van de dagen na de openingsritten van de elektrische tram, werd deze foto gemaakt, met van links naar rechts. de stoomtram, de paardentram, de elektrische tram en een omnibus vanuit Mook. bron: Halte Novio (2000)

Na de Fransestraat reed de tram naar beneden het laatste stukje van de St. Annastraat af en het Keizer Karelplein op, voor De Vereeniging langs. Bedenk dat in deze tijd de voertuigen niet vijf rijen dik door elkaar heen rijden en dat oversteken om in het park te geraken eenvoudig was. Na een korte stop aan de halte die gesitueerd was aan de binnenkant van het plein, gaat de tram over de enorm brede Van Schaeck Mathonsingel, vernoemd naar de burgemeester van Nijmegen (1905-1911) aan wie de komst van de Gemeente Tram mede te danken is. Aan het eind van de singel (voorheen Spoorweg) komt de tram op het stationsplein aan, alwaar ook de stoomtrams naar Venlo en Wamel aankomen. Tramlijn 3 naar Hees en Neerbosch heeft hier ook een tijd zijn eindpunt gehad.


Op de Korenbeurs is het vaak een drukte met de vele trams die hier langs komen. Hier moet een uitrukkende tram van lijn 2 voorrang geven aan een tram van lijn 1. bron: De Gemeente Tram Nijmegen (1986)

Station - Hunnerpark
Na vertrek van het stationsplein reed de tram door de aan-één-stuk doorlopende bocht van de Schaeck Mathonsingel de Spoorstraat in, op naar de Kronenburgersingel, voor het in recente jaren in ere herstelde Quack-monument langs. Bovenaan de Kronenburgersingel wordt gestopt net voor de garage van Karel Wolf. Onderaan de Kronenburgersingel komt de tram bij de Korenbeurs, alwaar een groot complex van wissels is te vinden, voor de lijnen van en naar het station, Hees, het Centrum en de remise. Bij de uitgang van het park stond het wachthuisje, dat gebruikt werd door wachtende passagiers voor zowel de stadslijn (lijn 1) als de lijn naar Hees (lijn 3).


Gelijk achter de Korenbeurs bevond zich de tramremise met in totaal 10 sporen. Deze foto uit oorlogstijd laat duidelijk de afgeschermde koplampen zien. bron: De Gemeente Tram Nijmegen (1986)

Na de halte aan de Korenbeurs eindigde het stuk dubbelspoor dat net voor de spoorbrug in de St. Annastraat begon, maar hier begint ook een van de spannendste stukken van het hele Nijmeegse tramnet, namelijk de beklimming van de Stikke Hezelstraat, met een gemiddeld stijgingspercentage van 4¾°. Bergaf was zowaar nog spannender, zeker in de begintijd, toen soms met geblokkeerde remmen de afdaling werd aangevangen.


Mensen die de Stikke Hezelstraat niet kennen kunnen zich hier  waarschijnlijk niks bij voorstellen, en zelfs deze foto kan niet goed duidelijk maken hoe steil deze 'Steile' Hezelstraat is. bron: De Gemeente Tram Nijmegen (1986)

Na de beklimming van de Stikke Hezelstraat wordt er gehalteerd aan Grote Markt, alwaar sinds 1912 een passeerspoor is aangelegd, maar dat op protest van de marktkooplieden niet op marktdagen, in de regel op maandagen, mag worden gebruikt, omdat deze anders te weinig ruimte hebben om hun koopwaar uit te stallen. Het traject Korenbeurs - Grote Markt is enkel spoor en wordt dan ook met de bekende seinlichten beschermd: acht rode lichten als er een tegenligger aankomt; acht witte lichten als dit niet het geval is. Was er een lamp kapot, dan deden de seinen het niet en werd en een knuppeltje door gegeven aan de tegemoetkomende tram. Het volgende stuk enkel spoor is echter niet beschermd met seinlichten. Het betreft hier het stuk enkel spoor ter hoogte van het stadhuis aan de Korte Burchtstraat, dat kort genoeg is om te overzien.


Een blik op de Grote Markt alwaar een tram van lijn 1 op het wisselspoor wacht tot het rode seinlicht, dat bevestigd is aan de gevel van de Bata, dooft, alvorens verder te rijden de Stikke Hezelstraat af richting de Korenbeurs. bron: Halte Novio (2000)

In de Lange Burchtstraat aangekomen wordt er gestopt bij de C&A. De volgende halte op weg naar Hengstdal, na het verlaten van de Lange Burchtstraat, is het Kelfkensbosch. De tram rijdt na een stop door naar de halte bij het Hunnerpark, alwaar overgestapt kan worden op het Bergspoor naar Ubbergen, Beek en Berg en Dal.


Bij het Hunnerpark waren drie sporen aangelegd: twee voor de doorgaande stadslijn en een waarop het bergspoor kon keren. Merk op dat het wachthuisje nog steeds op deze plaats staat, waren het niet dat het een kwartslag is gedraaid en dat er nu een kiosk in zit. bron: Halte Novio (2000)

Hunnerpark - Hengstdal
Gelijk na het wegrijden van de halte aan het Hunnerpark splitsen de stadslijn en het bergspoor, waarbij het bergspoor linksaf door het park van het Keizer Lodewijkplein, het tegenwoordige Keizer Trajanusplein, loopt en de stadslijn rechtsaf gaat om de Mr. Franckenstraat te bereiken. Aan het einde van deze straat wordt gestopt voor de halte Mariaplein, waar passagiers in- en uitstappen voor het Wilhelminaziekenhuis.


Een tram van lijn 2 kruis hier het Keizer Lodewijkplein, op weg naar Beek. Op de achtergrond loopt het tracé van lijn 1 van en naar Hengstdal. bron: Lijn 2: Geschiedenis van een bergspoor (1997)

Na het Mariaplein wordt de route een stuk minder spannend, wanneer de Berg en Dalseweg gevolgd wordt tot aan het eindpunt bij het Pegasusbeeld in Hengstdal. Als eerste wordt er gestopt bij de Van Nispenstraat en daarna bij het kolossale Canisiuscollege. Na de halte Mesdagstraat volgt het voormalig eindpunt bij de Huygensweg. Tot hier aan toe loopt de lijn steeds omhoog, en dat hebben ze in 1915 geweten, zoals blijkt uit een artikel in de Gelderlander.


Het passeerspoor bij de halte Broerdijk wordt goed gebruikt. Uiteraard worden de enkelsporen beveiligd met de beschreven seinlichten. bron: De Gemeente Tram Nijmegen (1986)

Na de Huygensweg volgen de in 1919 aangelegde 1.200 meters enkel spoor naar Hengstdal, met bij de halte Broerdijk, tevens de eerstvolgende halte, een passeerspoor. Net de aankomst van de tram bij de halte Broerdijk, komt de tram uit de andere richting er ook aan. De dienstregeling was hier er goed in elkaar gezet, en dus kan er vrijwel meteen weer vertrokken worden, langs de tuchtschool op naar de halte Beukstraat, waar altijd veel volk instapte dat in de wijk Hengstdal woonde.


Bij de halte Beukstraat stapten altijd veel passagiers in, die woonden of op bezoek gingen in het Hengstdal. bron: De Gemeente Tram Nijmegen (1986)

Na de Beukstraat was het nog slechts een klein stukje naar het eindpunt, nabij de St. Maartenskliniek. Na een snelle wisseling keerde de tram weer terug om op tijd weer bij het wisselspoor aan de Broerdijk te zijn.


De bestuurder van deze tram wacht op de juiste vertrektijd, aan het eindpunt Hengstdal. Het wachthuisje op de achtergrond staat in het park bij het Pegasusbeeld. bron: De Gemeente Tram Nijmegen (1986)

Het einde van de stadslijn
Op 24 mei 1950 besluit de gemeenteraad om de tram op te heffen, geheel tegen de zin van de directeur van de GTN, ir. Boon, die van mening is dat de tram nog rendabel te maken is. De meest verlieslijdende lijn (lijn 1) wordt echter al op 7 juli 1952 vervangen door een trolleybusdienst, mede doordat de rails uit de Hezelstraten werden gehaald, vanwege renovatiewerkzaamheden. Hiervoor in de plaats kwam een enkelspoor van de Korenbeurs via de Parkweg, de Doddendaal, Plein 1944 en de Augustijnenstraat naar de Grote Markt, om lijn 2 nog toegang tot de remise te geven en omdat er zo een mogelijkheid was om de ten doden opgeschreven, maar toch nog steeds in dienst zijnde lijnen 2 en 3 met elkaar te verbinden. Zij werden namelijk beiden doorgetrokken naar het nieuwe eindpunt op een nog kaal Plein 1944.

Resumé
De stadslijn reed vanaf 1911 vanaf het eindpunt in St. Anna naar het station, en via het centrum en het Hunnerpark naar de Mr. Franckenstraat (vanaf 1911), de Huygensweg (vanaf 1912) en Hengstdal (vanaf 1919). Er werd rustig gereden en gestopt bij de volgende haltes:

  • Kastanjelaan (St. Anna)
  • Canisiusziekenhuis
  • Verlengde Groenestraat
  • Groenewoudseweg
  • Sint Stefaanusstraat
  • Fransestraat
  • Keizer Karelplein
  • Van Schaeck Mathonsingel
  • Stationsplein
  • Kronenburgersingel
  • Korenbeurs
  • Lange Hezelstraat
  • Ganzenheuvel
  • Grote Markt
  • Lange Burchtstraat
  • Kelfkensbosch
  • Hunnerpark
  • Mr. Franckenstraat (Wilhelminaziekenhuis)
  • Van Nispenstraat
  • Canisiuscollege
  • Mesdagstraat
  • Huygensweg
  • Broerdijk
  • Beukstraat
  • Berg en Dalseweg (Hengstdal)

Lees verder



  • Fotoboek voor meer foto's van de elektrische tram.
  • Quiz met vragen om je kennis over de Nijmeegse trams te testen.
  Goed afgelopen
Zaterdagavond werd in de Lange Hezelstraat een agent van achteren door een wielrijder aangereden, waardoor deze kwam te vallen en met zijn rijwiel op de tramrails terecht kwam, terwijl juist een electrische tram in de nabijheid was. Door krachtig remmen van den bestuurder werd een aanrijding voorkomen, doch een op die tram staande heer viel hierdoor met zijn schouder tegen een ruit van het voorbalkon, waardoor die ruit brak.
bron: De Gelderlander,
23 april 1924
 


Quiz
Denk je dat je alles (al) weet over de trams in Nijmegen, dan kun je jouw kennis testen met de tien quizvragen.

Opmerkingen of vragen?
Heb je na het lezen van de website nog vragen of heb je opmerkingen of aanvullingen, dan kun je ze per e-mail kwijt op trams@resink.net.

Literatuurlijst
Klik hier om de volledige literatuurlijst te raadplegen die over de Nijmeegse trams bestaat.

Fotoboek
Omdat niet alle voor deze website verzamelde foto's in de tekst passen is er een
fotoboek gemaakt waarin ze gezamenlijk zijn opgenomen.
 

 

© oktober 2004 Joost Resink