Wachtreglement Oerle 1776

Is by de vergadering goetgevonden en verstaen en gemaekt dit volgende wagtreglement.

1

Eerstelyk sal geen herbergier des savonts naer elf uuren aende ingeseetenen niet mogen tappen nog schenken.

2

Den rotmeester in ider gehugt of wyk sullen hebben een trom of hoorn die des savonts ten tien uuren sal worden geslagen of geblasen wanneer die geene die syn beurt is om op de wagt te gaen in iders rot twee man terstont sullen moeten compareeren met behoorlyke geweeren aen het huys van den rotmeester te weete weerbaere personen en geen vrouwluyde.

3

Welke twee persoonen in ider rot de wagt sullen moeten houden en gaen soo en gelyk haer door de rotmeesters zal worde aangeweese en moete gaen van savonts elf tot smorgens vier uuren.

4

Welke twee persoonen de wagt sullen houden met alle modestie zonder schreeuwen, raasen of eenige moleste des huysen van de ingeseetene te doen en ten minsten alle ueren door yder eens de ronde te doen.

5

De wagte sullen gehouden weesen aan te houden alle vreemde suspecte persoonen en de selve te brengen aen het huys van den rotmeester die den selven sal moeten bewaeren tot den volgende dagh om by den regenten geexamineert te worden en met den selven naer alle omstandigheyt van saeke te handelen.

6

In cas van brandt of andere onheyle zal den wagte moeten kennis geven aen de nabeuren en met deselve alle mogelyke adsistentie te doen om sulx te beletten.

7

De ingesetenen die gecommandeert worden op de wagt te gaen sullen gehouden weese de ordres van den rotmeester te gehoorsaemen in allen deelen.

8

En indien imandt in gebreeke blyft aen het geene voorschreeve te voldoen sal verbeuren eene boete van drie gulde, een derde ten behoeve van den heer officier, een derde voor den armen en het resteerende derde gedeelte voor den rotmeester die de wagt heeft of in wiens rot de luyde waaken.

9

Reserveerende heeren officier en regenten dat dit reglement ten allen tyde te mogen amplieeren soo als sulle te behoore.

En is verders geresolveert dat dit reglement sal worden gepubliceert op sondag den eersten december 1776 en voorts jaarlyx als heere regente ten alle tyde sullen oordeelen te behoore.
Aldus geresolveert en gearresteert ter vergadering hede dato anno ut supra

Bron: SRE AA Oerle 8 f 82v 30-11-1776

Terugkeren naar Overzicht pagina costuymen etc.

Terugkeren naar Inhoudsopgave

Laatst bijgewerkt op 3 oktober 2009.