REGLEMENT RODE LOOP OISTERWYK 1781

Myne heeren officier, scheepenen der vryheit Oisterwyk in deliberatie genomen hebbende dat om onder Gods zeegen den verderen voortgang van de ziekte iegenswoordig binnen deese vryheit wesende zoo veel mogelyk voor te komen hebben goedgevonden en verstaan te ordonneeren en te statueeren gelyk geordonneert en gestatueerd werd by desen.

art 1

In den eersten dat een igelyk der ingezetenen soo binnen deese vryheit als onderhoorige gehugten gehouden en verpligt sullen zyn dat zoo wanneer imand hunner huysgenooten met de iegenwoordige contagieuse ziekte mogt besogt worden daar van aanstonds of wel uyterlyk binnen 24 uuren daar van zal moeten kennisgeeven aan den heer officier alhier.

2

Dat zoodanige persoonen of uit besmette huyse komende alwaar het dat sy daar van hersteld waaren geworden niet zullen mogen komen op eenige publicque plaatsen als mede niet in de kerken en geen kinders in de school.

3

Dat de afgangen van die besmette persoonen aanstonds in den grond wel diep in een kuyl zullen moeten begraven op een afgeleege plaats buyten shuys en telken reyse daar op ten minsten twee schoppen met aarde geschopt.

4

Dat de huysen waar in soodanige ziektens gevonden werden dikwels sullen moeten werden gelugt en gereynigt en daar inne azyn gerookt of jenever bessen gebrand worden.

5

Dat de lyken binnen 24 uuren na dat gestorven zyn zullen moeten worden begraven ende dat wel zonder eenige statie en bysonder geen rouwmantels zullen mogen werden gebruykt welke begravinge voor zon op of na zonnenondergang sal gedaan moeten werden.

6

En zullen de graven voor soodanige gestorvene lyken vyf voeten diep moeten werden gegraven en in lange niet vermogen geopend te worden.

7

De kleederen en linnen van de gestorvene persoonen sullen aanstonds moeten werden gereynigt met eerst in koud en daar na in warm water te wassen.

8

En dat geene mist of assche uit besmettelyke huysen moge werden gevoert veel min die verder vervoert naar buyten 't zy op den acker of elders en sulks tot nader publicatie.

9

En laastelyk werden by deesen alle en een ider en sonderling de Jooden binnen dese vryheit verbooden om geene vreemde Jooden onder wat naam of pretext te mogen huysvesten.

Met expresse last dat alle het geene voorsz. staat door een ider zal werde nagekoomen alsoo wy bevonden hebben sulks dienstig te weesen en indien tegens vermoeden sig imand hier tegens wilde opponeeren en onse precautien contrarieren sodanige sal vervallen telken reyse in een boete van drie gulden ten behoeve van den heer officier, welke boeten nu en voor toekomende ten lasten van de contraventeurs executabel verklaaren.

En ten eynde een ider hier van kennis mogte hebben sal deese na voorgaande geklep aan den gemeentens put door den vorster werden afgekondigt en gepubliceert mitsgaders aan het raadhuys werden geaffigeert.

 

Bron: SA Tilburg Aa Oisterwijk 13 f 26 25-9-1781

Terugkeren naar Overzicht pagina costuymen etc.

Terugkeren naar Inhoudsopgave

Laatst bijgewerkt op 2 oktober 2009.