Ordonnantie tienden Karel V 1520

Kaerle bij der gratie Godts gekooren Roomsch Coninck, toekomende Keyser, altijdts vermeerder des Rycks, van Castille, van Leon enz., enz.

Allen dengenen die desen onsen Brief sullen sien, saluyt.

Al eyst soo, dat van soo ouden tijde dat geen memorie en es, ter Contrarien de Thienden, die men heeft op die Landen , Erven en de possessien van onsen Landen ende Heerlyckheden van herwaerts-over, soo wel voor die Gheestelycke Luyden, als andere, die totten selven Thienden gerecht, ende die ghebruyckende sijn, gheregelt, gheordonneert sijn gheweest in elck Landt ende Quartier, naer der natuyre ende qualiteyt van dien. Ende dat de voorszeyde Gheestelycke Luyden by onsen Voorsaten ende anderen, heuren Fondateurs bovendien voorsien ende vergift sijn gheweest van veele schoone Leengoederen, Erfgoederen, ende andere van grooter waerden ende Jaerlycx innekomen, daer mede sy hen mogen redelick, eerlick ende suffisantelick daer op onderhouden, ende behooren wel daer mede te vreden te syn, ghelyck heure Voorsaten ghedaen hebben van ouden tijde: Ende en es hen van geenen noode, noch gheoorloft op te stellen, noch exigeren andere nieuwe exactiën, tot laste van ons ende van onsen Vassalen ende Ondersaten, desen niet jeghenstaende, die Cappellanen, Prochiepapen, Pastoors , Provisoors en de andere gheestelycke persoenen, niet te vreden zijnde met 't gunt dat hen ghegonnen ende gheordonneert es gheweest, ter saecke van den voorsz. Thienden, ende van heuren fundatiën, ende die heure Voorsaten gewoonlyck sijn te nemen ende heffen, van denselven Thienden op die vruchten komende van den Landen, Erven, ende bedrijf, die men doet in onsen voorsz. Landen, hebben hen ghevordert ende noch dagelycx doen soo lancks soo meer, te willen opstellen, exigeren ende heffen diversche nieuwe Thienden, van alle manieren van vruchten ende andere goederen ende substantiën: Ende onder anderen pretenderen te heffen ende exigeren Thienden van Hout, Bosschen, Hoy, Kruyden, Weijden ende van alle heure vette Beesten, Hamelen, Weren, Lammeren, Wolle, Verckens, Kalveren, Gansen ende diergelycke: insgelijcks van Rapen, Radysen, Kolen, Saladen, Ajuyn, Appelen, Peeren, Noten, ende andere ghelycke vruchten, ende generalyck mainctinerende, dat men hen schuldich soude wesen Thienden te moeten geven van allen manieren van goeden, wassende, spruytende ende nemende voetsel van der aerden: Ende omme daer toe te komen, ende onse Ondersaten, en heur goet daer toe te brenghen ende verbinden, de voorsz. Cappellanen, Prochiepapen, ende andere Gheestelycke luyden, hebben hen oock ghevordert, soo sij noch dagelycks doen, deselve onse Ondersaten te doen citeeren, dagen ende oproepen in de gheestelyke Hoven, ende voor gheestelyke Rechteren, hen luyden favorabel wesende, alles in grooter verrachtinghe, ende kleynigeyt van ons, diminutie van onsen Domeynen, Beden ende andere Rechten, schade ende oppressie van onsen voorsz. Ondersaten, ende van den ghemeyne welvaert van dien, ende meer wesen sal, worde hier inne bij ons niet voorsien als wij verstaen:

Soo est, dat wij desen aengesien, willende remedieren, voorsien ende doen cesseren sulcke onredelycke abuysen ende onbehoorlycke voornemens, ende onse Ondersaten verhoeden, releveren ende beschermen van sulcke nieuwe ende ondeuchdelycke exactien, ende nae dat wij des wel ende deuchdelick gheinformeert zyn gheweest, wij hebben met groote ende rype deliberatie van Rade, uyt onse rechte wetenheyt, authoriteyt ende eygen wille, gheordonneert ende ghestatueert, ordonnerenende statueren bij forme van openbare ende eeuwige constitutie ende Edicte by desen onsen Brieve, datvan nu voortaen geen gheestelyke Luyden, hetsy Bisschoppen, Abten, Prelaten, Proosten, Deeckens, Provisoors, Cannonicken, Cappellanen, Prochiepapen, heuren Vice regenten, noch andere, van wat state, conditie, of digniteyt die sijn, ende van wat authoriteyt sy useren, ende ghebruycken, noch oock egeen Wereltlycke Persoenen, hebbende ende ghebruyckende eenige Thienden, en sullen moghen nemen, heffen , exigeren of eysschen, ontfangen, noch ghenieten, in onsen voorsz. Landen ende Heerlyckheden, eenige nieuwe Thienden of anderen lasten ende rechten, van wat soorte of specie van goede dattet sij, noch andere dan sij ende heure Voorders over veertich jaren, ende daer te vooren ghewoonlyck hebben gheweest te heffen ende ghebruycken, maer hen te vreden houden metten ordinarise Thienden ende Rechten, bij hen ghehadt ende ontfangen, ende daer af sij deuchdelyck gheuseert ende ghebruyckt hebben, voor den voorsz. tijdt van veertich jaren. Verbiedende seer scherpelyck allen onsen Ondersaten yet anders te betalen den voorsz. gheestelycke Luyden, hetzij Prochiepapen , Pastoors , wereltlycke Persoenen of an dere, dan de voorschreve oude ghewoonlycke ende ordinarise Rechten, ende Thienden, ende dat sij ter cause van den voorschreven nieuwe Thienden ende onbehoorlycke exactien niet en compareren noch verantwoorden in Justitie voor den voorschreven glieestelycken Rechters, van wat authoriteyt dat sy useren, den welcken Rechters ende Jugen wij oock verbieden meer eenige citatien, mo nitien of anderen provisien te geven of decerneren, om onsen Ondersaten voor henluyden te doen citeren, dagen ende oproepen ter cause van denselve nieuws Thienden, ende onbehoorlycke exactien, henluyden expresselick ordinerende te cesseren, casseren, ende annulleren allen Proceduyren, voor henluyden te dien cause ghedaen ende beghonnen, ende henluyden te verdraghen daer af voor de kennisse, of berecht te nemen in wat manieren dattet sij: willende, ende ordonnerende voorts, dat deselve Jugen, midtsgaders die voorschreve gheestelycke ende wereltlycke Persoonen die de voorschreve nieuwe ende extraordinarisen Thienden souden willen heffen ende opsetten, bedwongen worden realyck ende by feyte te cesseren ende af te laten by hantstellinge ende arreste van heuren temporelen goeden, bij den Officiers van den Plecken, daer de faulten ende abuysen gecommitteert sullen worden t' allen tyden als 't ghebeuren sal: welke Officieren wij daertoe ghecommitteert, ende expres bevel, authoriteyt ende volkomen macht gegeven hebben ende geven midts desen niet jeghenstaende oppositie oft appellatie, ghedaen of te doen ter contrarien, ornme welcke oppositien of appellatien, op datter eenige waren, wij niet en willen noch en verstaen dat t' effect ende executie van dese onse jeghenwoordige Ordonnantie eenichsints ghediffereert of gheschorst worde, maer willen ende ordonneren dat de voorschreve hantstellinge ende arrest stadt grypen sal ter tijdt toe dat de voorschreve abuysen ende attentaten cesseren, ende volkomelyck afgedaen sullen worden.

Ende of 't ghebeurde, dat op die distinctie van den tijde van den voorschreven veertich jaren, ende daer te vooren, of op eenich van den anderen Poincten begrepen in dese Ordonnantie ende constitutie eenige swarigheyt, twist ofte questie rese, wij hebben die kennisse, declaratie ende interpretatie bij dien gereserveert ende reserveren aen ons, ende onsen Rade ordinaris van den Lande, daer deselve swarigheden, twist ende questie vallen ende ghebeuren sullen.

Ende hebben dieselve van onsen Raede geauthoriseert ende authoriseren midts desen onsen voorschreven Brieve.

Ontbieden daeromme ende beveelen onsen lieven ende ghetrouwen die Cancellier, Hooft ende Luyden van onsen Secreten Raede, enz. enz.

Want ons alsoo belieft.

Ende van des te doene geven wij hen luyden volkomen macht, authoriteyt ende sonderlingh bevel.

Ende want rnen van desen onsen Brief te doen sal moghen hebben in veel ende diversche Plaetsen, wij willen, ende ordonneren dat een Vidimus van dien ghemaeckt onder het zegel authentycq of die Copye gecollationeert ende gheteyckent by een van onsen Secretarissen ordinaris, ofte in een van onsen Reeckenkameren, volkomen gheloove gheven sy, gelyck tot desen originalen Brieve.

Des t'oirkonde, soo hebben Wy onsen Zegel hier aen doen hangen.

Gegeven in onser stadt van Mechelen den eersten dach in Octobri in t' Jaer ons Heeren duysent vyfhondert ende twintich. Ende van onsen Rijcken, te weten, van den Roomschen het tweeste, ende van Castille, t' vijfste etc. Aldus onderschreven, op te Ploye, By den Koninck. Ende geteyckent

Haneton.

Gedrukt: J van de Graft. Wetgeving op de tienden. Middelburg 1856, blz. 53-58


Terugkeren naar Overzicht pagina costuymen etc.

Terugkeren naar Inhoudsopgave


Laatst bijgewerkt op 29 januari 2006 door Hein Vera