Ordonnantie inzake het opkomen voor de gemeentenswerken (Valkenswaard 1778)

Wert door den drossaard aan de vergadering voorgedragen dat hem onophoudelyk klagten werde gedaan door de rotmeesters wanneer deselve met de rotten moeten gaan tot het maken van alle gemeentenswerken, veegen en stromen, dat als dan meerendeels worden gesonde kinderen en sulke luyden die niet in staat syn om te kunnen werken, waar door het werk ongedaen blyft sitte,
waar ontrent hy drossaart vermeent dat ordre behoort gestatueert te worden, waar naar een yder der inwoonderen sig sullen hebben te reguleeren,
als meede dat hem drossaart is voorgekomen, dat ontrent het veegen van de rivier de Tongreep diificulteyte syn tusschen de rotmeesters soodaanig dat de loop van deselve niet behoorlyk is afgeteekent hoeverre ider syn rot heeft om op te maaken 't welk oorzaak is dat altoos vacken ongemaakt blyven leggen waar ontrent hy drossaard vermeent dat al meede voorsieninge behoort te worden gedaan.

Waar op gedelibereert synde is goedgevonden en verstaan te arresteeren.

Art 1

Eerstelyk dat wanneer de rotmeesters sullen worden aangemaant om de dyken, rievieren, waterpoelen en wat verder door de rotten moet worden gemaakt te doen maaken de ingeseetenen yder in syn rot daar van sullen adverteeren en ordinneeren op soodaanige dag en uur te compareeren te haare huyse off ter plaatse sulx doore haar zal worden geordinneert en dat met soodaanig gereedschap als sy rotmeesters sullen vermeenen dat gebruykt moet worden tot het maaken en repareeren van het aangenome werk edog zullen de rotmeester yder in zyn rot vryheid hebben om eenige wynige oude off onvermoogende persoonen van het werk ter haarer keuse te mogen eximeeren en ontslaan, zonder dat ymand der rotgesellen zig daar meede zal hebben te bemoeyen off eenig ongenoegen desweegens te toonen.

2

Dat de ingeseetenene die gehouden syn op dat werk te compareeren sullen moeten senden weerbaare persoonen in staat om te werken en wel precies op de uur daar toe gesteld, wanneer de rotmeester haar volk eerst sullen visinteren en naarsien off hy de manschap heeft geensints admitteerende kinderen off luyden buyten staat om te kunnen werken, alle welke hy rotmeester sal uytmunstere en naar huys senden om andere in haar plaatze gezonden te worden en de ingeseetenen daer men in gebreeke blyvende sullen de rotmeesters naar het voltrekke werk gehouden syn, soo als gebruykelyk is den gebreekige by uytpanding met syn byhebbende volk te mulcteeren tot voldoening van de gewone boetens van seeven en veertien stuivers resp. en ingeval een off meer der rotgesellen in gebreeke mogte blyven door de rotmeester in zyn rot daar toe gecommandeert zynde de panding by een off meer der gebreekige rotgesellen te doen, zoo zal off zullen dezelve gebreekige als dan yder verbeuren eene boete van seven stuyvers op haar by panding als voor te verhaalen als zullende het aan de rotmeesters vrystaan tot de panding by de gebreekige in haar rot zoodaanige en zooveel off wynig rotsgezellen als goedvinden te ordinneeren en employeeren.

3

En op dat de rotmeesters wel en te regt soude kunnen weeten off de luyden uyt haar rot wel zyn gecompareert, sullen sy gehouden syn yder voor sig in syn rot te formeeren een lyst van de huyshoudens die gehouden syn tot het helpen maken van voors. werken.

4

Als de rotmeesters op het werk syn en eenige luyden wygeren om volgens syn te geeven ordres te werken sal den rotmeester haar vermaanen aan het werk te gaan en sulx niet willende doen, sal by deselve als voor naar het voltrokken werk doen panden even off er niemand van haarent weege op het werk was geweest.

5

Den rotmeesters sullen des nodig ymand mogen committeere uyt haer rodsgesellen by het veegen van de Tongreep en maaken der dyken om hem in de zelve functie te adsisteere in het aanzette van de rotsgesellen te eynde hun werk wel en regt gedaan werd.

Dat ten aanzien van het laaste point naar verhoir van de rotmeesters en in de luyden uyt de respectieve rotten welke daar toe syn geciteert geweest is geresolveert dat de rievier de Tongreep sal geveegt worden in maniere hier naarvolgende.

Van de heremieten tot aan de erve van de Brug het Delishurksrot.

Van daar tot aan de Havevenseloop het Seelbergserot.

Van daar tot aan de Kruyswiel het Dorpserot.

Van daar tot aan de Witteberg het Ginhovenserot.

En is tot capiteyn van de gesamentlyke rotten in plaats van wylen Lambert Hertroys aangesteld Jochem Verbruggen.

Bron: SRE AA Waalre voor 1811 8 f 82 21-8-1778

Terugkeren naar Overzicht pagina costuymen etc.

Terugkeren naar Inhoudsopgave

Laatst bijgewerkt op 4 oktober 2009.