Ordonnantie op het houden van de wacht (Woensel 1803)

Het gemeentebestuur van Woensel doet te weten dat zy in ervaaring gekomen zyn dat het bedelen binnen deese gemeente van dag tot dag toeneemt en vooral met den avond en ontyden, in weerwil van 's lands wetten daar jegens geemaneert en alsoo dergelyke bedelaryen welke met den avond geschieden, veel al bedenking en vermoeden geven van ander insigten, voor al in deese tyden, daar men soo veel hoord van huisbraken en dieveryen en want zulks soo veel mogelyk behoorde te werden tegengegaan.
Zoo is het dat het gemeentebestuur voornt. met voorgaande kennisse en advis van den drossard ten strengste verbied by deese het bedelen van vremde of ingezetenen binnen deese gemeente op zodanige straffe als by 's lands wetten en placaatten is gestatueert, tenzy de zulke welke daar toe de speciale permissie van drossard en schepenen verkregen hebben.
En ten einde alle vreemde bedelaars, suspecte lieden en rondswervers uyt deese gemeente te weeren tot voorkoming van dieveryen en huisbraken, zoo is den expressen wille en ordonnatie van drossard en schepenen dat de wagt op eene prompte en behoorlyke wyze binnen deese gemeente werde gegaan en geobserveert en alsoo hier ontrend veele klagten syn ingekomen,
zoo is het verders dat drossard en het gemeentebestuur voorn. een ider ernstig aanmaant en waarschouwd om behoorlyk op syn tyd ter wagt te verschynen en daar toe aan de orders en beveelen van iders respectief capitein promptelyk te gehoorsaamen, alles op zodanige boete en poenaliteiten als daer toe staan syn tegens alle, welke bevonden mogten worden hier aan contrarie te doen of handelen.
Aldus gearresteerd binnen de gemeente van Woensel den twaalfden maart 1803

Bron: SRE AA Woensel 7 ls 12-3-1803

Terugkeren naar Overzicht pagina costuymen etc.

Terugkeren naar Inhoudsopgave

Laatst bijgewerkt op 4 oktober 2009.