Regeling bewijzen van bevoegdheid en bevoegdverklaringen voor luchtvarenden 2001
Regeling bewijzen van bevoegdheid en bevoegdverklaringen voor luchtvarenden 2001
Tot en met 30 september 2004
Vanaf 01-10-2004
Artikel 42
1
De eisen voor hernieuwde afgifte na verlopen van een bijzondere bevoegdverklaring naar werkzaamheden in een RPL(G) zijn:

a
tot 12 maanden na de vervaldatum, indien men binnen deze 12 maanden aan de betreffende eisen, bedoeld in artikel 41, eerste lid, van deze regeling heeft voldaan terwijl de betreffende bevoegdverklaring nog geldig was: de eisen, bedoeld in artikel 41, eerste lid, van deze regeling, of
b
tot 36 maanden na de vervaldatum, als onderdeel a niet van toepassing is: de eisen, bedoeld in artikel 27, onder a, van deze regeling.

2
De eisen voor hernieuwde afgifte na verlopen van een bijzondere klassebevoegdverklaring in een RPL(FB) zijn:
a
tot 12 maanden na de vervaldatum, indien men binnen deze 12 maanden aan de betreffende eisen, bedoeld in artikel 41, tweede lid, van deze regeling heeft voldaan terwijl de betreffende bevoegdverklaring nog geldig was: de eisen, bedoeld in artikel 41, tweede lid, van deze regeling, of
b
tot 36 maanden na de vervaldatum, als onderdeel a niet van toepassing is: de eisen, bedoeld in artikel 28, onder a, van deze regeling.


Artikel 42 Klassebevoegdverklaring CPL(FB) verlenging (bedoeld wordt waarschijnlijk hernieuwde afgifte)

De eisen voor hernieuwde afgifte na het verlopen van een bijzondere klassebevoegdverklaring in een CPL(FB) zijn:
a
tot 12 maanden na de dag waarop de geldigheidsduur van de klassebevoegdverklaring is verstreken: de eisen bedoeld in artikel 41, eerste en tweede lid, of
b
tot 36 maanden na de dag waarop de geldigheidsduur van de klassebevoegdverklaring is verstreken: de eis, bedoeld in artikel 9a, onder c.


Artikel 1 7 9a 21 22 28 35 36 41 42 Terug naar regelingen en besluiten
Bijgewerkt op 27-10-2004