|
|
||||||
|
|
|
|
|
|||
| Fabrikanten en bedrijven | Marktontwikkeling | Klimaatcrisis | English | |||
| Kleine Windmolens | Windparkenkaart | Molenproducties | Contact | |||
| Cijfers | Incidenten | FAQ | ||||
| Techniek | Kosten-Baten | Links | ||||
|
Pijplijnprojecten:
NOP, 400 Zeewolde Sternweg, 27 Zeewolde, Zuidlob, 108 Zeewolde, REP Eemmeerdijk, 36 Lelystad, testveld, 24 Lelystad, REP HvdK, 15 Dronten Hoge vaart, 36
Totaal 568 - max 680 MW vlgs VROM |
Nieuws,
Flevoland
|
|
|
|
3 maart 2010
Volgens Esmé Wiegman van de CU in De Stentor is de zaak wat ingewikkeld: "Op
dit moment ligt het windmolenpark niet voor aan de Tweede Kamer. De procedure
loopt en er is al geld beschikbaar gesteld. Er ligt echter wel de motie
Zijlstra, die de Kamer heeft aangenomen. Daarin geeft de Tweede Kamer het
kabinet de opdracht om zorgvuldig om te gaan met de belangen van Urk. Op enig
moment moet het kabinet terugkomen in de Kamer om uit te leggen hoe het die
motie ten uitvoer heeft gebracht. Op dat moment zal het windmolenpark wat de
ChristenUnie betreft een controversieel onderwerp zijn." Volgens Wiegman is de
uitvoering van de motie, die weinig concrete aanknopingspunten geeft, op
zichzelf al controversieel. "De vraag is natuurlijk of een demissionair
kabinet hiermee wel uit de voeten kan."
Controversiële onderwerpen mogen door het demissionaire kabinet niet worden
behandeld. Volgens de Christen Unie-politica is een pas op de plaats gewenst,
omdat er goed gekeken moet worden of er geen alternatief is voor dit park in
deze omvang; tachtig tot honderd turbines van maximaal tweehonderd meter hoog.
Het NKPW heeft de Tweede Kamer verzocht om windenergie op land in zijn geheel als controversieel aan te merken, zie NKPW.
18 februari 2010
Provinciale Staten van Flevoland hebben minister Maria van der Hoeven (Economische zaken) geadviseerd om geen windmolens te bouwen op twee dicht bij Urk gelegen dijken. Urk beraadt zich ondertussen op eventuele vervolgstappen bij de Raad van State en de Europese Unie. Ook de Provincie Fryslân maakte bezwaar omdat een aantal molens op het grondgebied van de gemeente Lemmer zijn gepland. In totaal kwamen al bijna 700 bezwaarschriften binnen tegen het project.
Gemeente Urk, persverklaring en documentaire
18 - 26 november 2009
Het geplande windpark op het land en in het water van Siemens, Enercon, Essent en vijftig boeren langs de dijken van de Noordoostpolder wordt bij realisatie in 2013 met zo'n 450 MW het op 2-3 na grootste van Europa * (volgens ondergetekende), is erg innovatief (volgens de minister) en wordt gebouwd met peperdure molens (volgens het 17-11 door de minister aangekondigde speciale subsidietarief). Zo duur dat het project, ondanks het zeer hoge windaanbod op de locatie, met de huidige SDE subsidieregeling 2009 (welke voor windrijke locaties zoals deze al uiterst lucratief is) niet rendabel te exploiteren zou zijn. Na overleg met de initiatiefnemers en een advies van ECN / KEMA (i.v.m. bedrijfsvertrouwelijke gegevens niet openbaar) heeft minister van der Hoeven van Economische Zaken daarom besloten twee aparte categorieën SDE in te stellen waarmee nog dit jaar op grond van de SDE-2009 een hoger subsidieniveau kan worden toegezegd. Voor de 15 jaar komt een totale exploitatiesubsidie van maximaal 880 miljoen Euro beschikbaar. Er wordt bovendien een "innovatiesubsidie" van ruim 100 miljoen Euro beschikbaar gesteld.
Voor de landmolens van totaal 285 MW geldt een basisbedrag van 9,6 cent per kWh (basisbedrag = kostprijs = waarde grijze stroom plus subsidie) gebaseerd op een productie welke overeenkomt met 3.095 "vollasturen". Voor de near-shore molens in het water van totaal 144 MW wordt het basisbedrag 12,1 cent per kWh bij 3.118 "vollasturen". Volgens het rekenmodel van ECN/Kema voor de berekening van de basisbedragen betekent dit dat gerekend wordt met projectkosten van 2.000 Euro/kW voor de "landmolens" en 2.700 Euro/kW voor de "watermolens". Peperduur dus, want voor de SDE-2009 werd nog gerekend met projectkosten van 1.325 Euro/kW en een productie welke overeenkomt met 2.200 "vollasturen". Voor 2010 is het basisbedrag 9,6 Eurocent bij projectkosten van 1.350 Euro/kW en 2.200 "vollasturen".
(Een "vollastuur" (zie meer uitleg bij basics) is een maat voor de stroomproductie en is gelijk aan het geïnstalleerde vermogen in kW. Dus een jaarproductie van 2.200 vollasturen komt bij een turbine van 3.000 kW (3 MegaWatt) overeen met een jaarproductie van 6,6 miljoen kWh)
Voor de landmolens gaat het om de E 126 van de Duitse fabrikant Enercon. De ontwikkeling begon als een turbine van 112 meter rotordiameter en 4,5 MW maar deze is nu doorontwikkeld naar 127 meter rotordiameter en 6 MW op een standaard ashoogte van 135 meter. Daar staan er nu zes van in Duitsland. Maar het vermogen wordt nog verder opgevoerd. In het Belgische Estinnes wordt nu gebouwd aan een park met 11 stuks van deze turbines. De eerste vijf draaien al en meten 6 MW maar de overige zes worden opgevoerd naar 7 - 7, 5 MW. De fabrikant geeft nog geen openbare informatie, de turbine is officieel nog niet in de verkoop. Het Belgische project kost rond de 125 miljoen Euro, dus ruim 11 miljoen per turbine. De Europese Unie steunt het project (m.n. de techniek naar groter vermogen, netinpassing, aanleg infrastructuur, transportoplossingen) met 3,3 miljoen Euro. Het windaanbod op de locatie, 80 kilometer onder Brussel, is erg matig. Er wordt een productie per turbine van ca. 17 miljoen kWh verwacht (bij de NOP-molens wordt dat tegen de 25 miljoen per stuk). Maar het lage windaanbod (en de dure turbines) wordt rendabel gemaakt door een riante kWh-vergoeding. In België wordt gewerkt met een groencertificatensysteem, in combinatie met een verplicht aandeel duurzaam voor de energiebedrijven. Dat stimuleringsmodel leidt, net als in Engeland en Italië, tot erg hoge kWh-vergoedingen. Momenteel ontvangt men bovenop de grijswaarde van de stroom ruim 10 cent per kWh aan certificaatwaarde (10 jaar), dus totaal 14-15 cent per kWh. De E-126 wordt speciaal ontwikkeld voor met name de minder windrijke gebieden in Duitsland en de fabrikant wil er mee aantonen dat Duitsland met "maar een paar van deze turbines" voor 25% op windstroom kan draaien (Duits doel voor 2020). De serieproductie komt pas over enkele jaren enigszins op gang. Zie ook Energeia en W.O.W. Turbines van 6 MW of meer worden momenteel (on-shore) alleen geleverd door Enercon en REpower, maar binnen een paar jaar zullen ook andere fabrikanten daar toe over gaan.
Dat windpark NOP een peperduur project wordt blijkt ook bij vergelijking met het Duitse Feed-in tarief. Als het project in 2012 in gebruik zou worden genomen bedraagt dat tarief (voor deze locatie, landmolens) 8,93 Eurocent per kWh over de eerste vijf jaar ("starttarief", vergelijkbaar met het basisbedrag van de SDE) en 5,02 cent voor de daaropvolgende 15 jaar. Met elk jaar vertraging van het startjaar wordt het starttarief 1% lager. De Duitse repowerpremie van 0,5 cent per kWh over de eerste vijf jaar is niet van toepassing op de vervanging van de 50 Essent-molens omdat het vermogen meer dan 5 maal zo groot wordt. Voor de near-shore turbines zijn de kosten natuurlijk hoger vanwege de fundering in het water maar of het basisbedrag van 12,1 cent redelijk is kunnen wij niet beoordelen. Voor deze turbines wordt de Siemens van 3,6 MW beoogd met een rotordiameter van 107 meter, maar meer waarschijnlijk de nieuwe versie met een rotor van 120 meter. De werkelijke productie zal in ieder geval aanzienlijk tot zeer veel hoger zijn (ruim 3.500 "vollasturen" bij 107 meter) dan waarmee het basisbedrag van 12,1 is berekend (3.118). Ook voor de "landmolens" is de kostprijs met een veel te lage productie berekend (3.095 in plaats van bijna 4.000 "vollasturen") zodat het tarief betiteld kan worden als een "veel te ruime subsidiering van Duitse prototypes", omdat het de fabrikant verleidt tot onnodig hoge prijzen (het is bekend dat fabrikanten hun prijzen afstemmen op het subsidieregime van het betrokken land).
In totaal wordt een subsidiebedrag van maximaal 880 miljoen Euro beschikbaar gesteld voor de looptijd van 15 jaar. Daarnaast wordt een investeringssubsidie vanwege het "innovatieve" karakter van het park beschikbaar gesteld van 104 miljoen Euro en maximaal 116 miljoen Euro., dus rond een miljoen per turbine. De minister geeft niet aan voor welke innovaties dit bedrag bedoeld is en waarom niet (een deel) gewoon in het basisbedrag is verwerkt. Het is een uitnodiging aan andere exploitanten om ook "nieuwigheidjes" te verzinnen. Om de toekenning nog dit jaar te kunnen doen wordt afgezien van het SDE-vereiste om een verleende bouwvergunning te hebben. Het is voldoende als de aanvraag milieuvergunning is ingediend en als er een voor het bevoegd gezag aanvaardbaar MER beschikbaar is. De turbinekeus hoeft voor de toekenning ook nog niet vast te staan. Omdat in het SDE-systeem de subsidie niet wordt uitgekeerd per geproduceerde kWh maar per geïnstalleerde kW turbinevermogen kan het subsidiebedrag dus nog verhoogd worden door een zwaardere turbine te kiezen (die niet altijd evenredig duurder hoeft te zijn). Het systeem lokt in principe dus het sjoemelen met de "naamplaatjes" op de generator uit. De landmolens dienen minimaal 6 MW te zijn en de near-shore turbines minimaal 3 MW.
Als de begrote vollasturen ook in de praktijk zullen worden gerealiseerd zal het project ruim 1,3 miljard kWh per jaar produceren. Dat is 1,1 % van de Nederlandse stroombehoefte.
Omdat het subsidieniveau voor dit project hoger is dan volgens de SDE-regeling , kan minder vermogen dan bedoeld was (2.000 MW) gesteund worden. Deze maand werden in een brief aan de Kamer de herschikte budgetten bekend gemaakt, samen met de plannen voor de SDE-2010 (zie SDE-2010 ) . Aangezien op het budget voor 2009 voor wind op land (1,5 miljard voor ruim 850 MW) nauwelijks beroep is gedaan (50 MW aangevraagd) is dit bedrag ruim voldoende voor het dijkenplan.
De minister meent dat zij nu voldoende haar best heeft gedaan en besluit haar brief met : "het is nu aan de Koepel Windenergie Noordoostpolder om tot realisatie over te gaan".
Branche-organisatie NWEA noemt de aanpassing "opmerkelijk omdat EZ tot nu toe strikt vasthield aan de regeling in de discussie over differentiatie naar regio" maar zij is "blij dat het project Noordoostpolder....... nu eindelijk door kan gaan", maar vindt het "wel opvallend dat juist in zo'n geval EZ bereid is de SDE aan te passen, terwijl er al langer een discussie loopt tot differentiatie, omdat duidelijk is dat veel (kleinere) projecten elders in het land niet van de grond komen, omdat de regeling te veel is afgestemd op kustgebieden".
Andere delen van de branche roeren zich en hebben het over concurrentievervalsing. Ontwikkelaar Eventus Duurzaam schrijft in een reactie in het Financiële dagblad: "Terwijl de rest van de branche het moet doen met een gedrocht van een stimuleringsregeling, de SDE, krijgt één project de hoofdprijs. Er komt geen project van de grond.... en om nu falend overheidsbeleid te maskeren door een project voor te trekken ter meerdere eer en glorie van het kabinetsbeleid is niet fair en onjuist" (meer hierover bij Polder PV)
Tenslotte mag de op zijn minst misleidende passage in het persbericht van Economische zaken niet onvermeld blijven: "Voor de totstandkoming van dit windpark stelt minister Van der Hoeven een subsidie op grond van de Subsidieregeling Duurzame Energieproductie (SDE) ter beschikking van (MAXIMAAL) rond 880 miljoen euro, waarmee de zogeheten onrendabele top van de elektriciteitsproductie van dit windpark via een bedrag per aan het elektriciteitsnet geleverde Kilowattuur wordt gecompenseerd."
Maar liefst drie zaken kloppen hierin niet: - het woordje "maximaal" ontbreekt want de werkelijke subsidie zal VEEL lager zijn - de subsidie dekt niet de "onrendabele top" maar is een vergoeding voor vermeden nadelen voor de samenleving die niet in de waarde van de "grijze stroom" tot uitdrukking komen - er wordt veel meer dan alleen de "onrendabele top" vergoed - de subsidie wordt niet uitbetaald als een bedrag per geleverde kWh maar als een bedrag per geïnstalleerde kW windturbine vermogen. (zie ook bericht hieronder).
Alle media meldden zonder commentaar dat er 1 miljard subsidie naar het park gaat en atoomactivist Kouffeld (Em. hoogleraar TU-Delft) kon het bedrag, door EZ-teksten gelegitimeerd, dan ook toevoegen aan zijn rijtje argumenten tegen windenergie in de NRC. van 5 december.
Afgezien van de ruim 100 miljoen "innovatiesubsidie" wordt het alleen 880 miljoen als de elektriciteitsprijs 15 jaar lang zo laag blijft als momenteel. En niemand zet er een vraagteken bij ! "Tja, windmolens en grote ook nog, groene stroom , zal wel duur zijn". In de praktijk zal het minder dan de helft zijn en misschien wel helemaal niets omdat de olieprijs naar 200 Dollar per vat gaat. En als er voor de landmolens normale turbines uit de serieproductie zouden worden toegepast, kunnen die dankzij het enorme windaanbod op deze locatie in ieder geval zonder een cent subsidie uit.
Regeling van 16-12-2009, nr. WJZ/9194006, 2 nieuwe SDE-categorien. Brief aan Tweede Kamer, 17-11-2009 Rekenmodel Wind op land ECN voor basisbedragen SDE (Excel) http://www.windparknoordoostpolder.nl/ Kritisch commentaar op Duurzaam.nl Idem van Peter Segaar op Polder PV Reactie NWEA en Brief NWEA aan Tweede Kamer Motie SP/GroenLinks voor 2nd opinion NOP-tarief verworpen PS Flevoland wil minder molens bij Urk
* In de noordelijke bossen van Zweden (Markbygden, gemeente Pitea) is eind 2008 begonnen met de bouw van verreweg het grootste windpark van Europa. Dit moet in 2020 ruim 3.500 MW omvatten. We kennen het bouwtempo niet maar in 2013 zal het zeker groter zijn dan windpark NOP. In Roemenië ("Dobrogea") wordt nu gebouwd aan de eerste fase van een project van 348 MW dat na de 2e fase in 2011 uitgroeit tot 600 MW. Onder Glasgow wordt het bestaande park "Whitelee" van 322 MW in 2012 uitgebreid tot 593 MW.
Het grootste windpark van Nederland staat in de Eemshaven met 264 MW. Het is een visueel aaneengesloten geheel maar wel van verschillende eigenaren, zoals bij de Noordoostpolder, zie: windpark Eemshaven. De drie grootste windparken ter wereld staan momenteel in Texas en meten 600-700 MW.
31 augustus 2009
Agrariërs verenigd in de Windmolenvereniging Zuidlob en N.V. NUON duurzame energie willen in de gemeente Zeewolde een windpark van 36 windturbines realiseren. Het project van 83 - 119 MW (afhankelijk van de turbinekeus) valt onder de zogenaamde Rijkscoordinatieregeling. Tot en met 8 oktober liggen het ontwerp-Rijksinpassingsplan, het plan-MER en de vergunningaanvragen met ontwerpbesluiten ter inzage en kunnen schriftelijke zienswijzen worden ingediend.
"Binnen enkele weken na 9 oktober" zullen de definitieve besluiten worden genomen waarbij rekening wordt gehouden met de zienswijzen. Voor een belanghebbende die over een ontwerpbesluit een zienswijze heeft ingebracht, staat dan tegen dat besluit beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Het gaat om drie lijnopstellingen van elk twaalf turbines langs de Rassenbeektocht, de Winkeltocht en het Nijkerkerpad in de gemeente Zeewolde. De Gemeente verleent in ontwerp vergunning voor de bouw van acht verschillende typen windturbines, de Vestas V 90 / 3 - 94, V 112 / 3 - 94, V 112 / 3 - 119, Repower 104 / 3.3 - 98, Ecotecnia Eco 100 / 3 - 100, Acciona AW 109 / 3 - 120, GE 2.5xl 100 / 2.5 - 100 en de Siemens SWT 93 / 2.3 - 99,5. (achtereenvolgens fabrikant, type, rotordiameter / vermogen (MW) - ashoogte.
Het alternatief met de Vestas V 90 van 3 MW is opmerkelijk. Deze typische windturbine voor hoge windregimes is voor deze locatie met laag windaanbod bijzonder ongeschikt en inefficiënt. De uitvoering met een vermogen van 2 MW zou voor de hand liggen. Deze is ongeveer 25% goedkoper en levert maar 10% minder stroom. Alleen het SDE subsidiesysteem, dat hoge vermogens stimuleert, kan voor deze keus een verklaring zijn.
Documenten bij Bureau Energieprojecten van SenterNovem Ook meer bij Energeia
20 juli 2009
Op de WEB-site van het windpark Noordoostpolder heeft de Koepel Windpark
Noordoostpolder de concept-mer voor het grootste windpark van Europa langs
de dijken van de Noordoostpolder beschikbaar gesteld.
Op dit concept is nog geen inspraak mogelijk. Kleine aanpassingen op het onderzoek zijn nog mogelijk. De definitieve versie met inspraakmogelijkheden wordt waarschijnlijk in het derde kwartaal van dit jaar ter visie gelegd.
5 februari 2009
Burgemeester Jaap Kroon van Urk reageert in een interview van Binnenlands
Bestuur op de door de minister geopperde mogelijkheid een windmolenpark door
te drukken met behulp van 'doorzettingsmacht'. 'Je zet de lokale democratie
buiten spel, zeker als je niet eens wilt luisteren naar alternatieven vanuit
lokale democratie. Dan schoffeer je lokale democratie, door ze neer te
zetten als dwarsliggers. Het is dan oneigenlijk om al over doorzettingsmacht
te praten. Daar zou pas eventueel, na een zorgvuldige afweging van alle
ideeën, over gepraat moeten worden.’ Volledige tekst bij : Binnenlands Bestuur Zie ook de brief aan de minister van georganiseerde critici van het project, de Stichting Rotterdamse Hoek.
De minister deed haar uitspraken zaterdag op de TROS-radio in het programma "Kamerbreed" en bij BNR-Radio.
"Minister van der Hoeven van Economische Zaken zal het omstreden windmolenpark bij Urk tegen het verzet van de gemeente in doordrukken. Van der Hoeven zegt op BNR dat zij desnoods gebruik maakt van haar doorzettingsmacht, die zij vanaf 1 maart krijgt. “Als blijkt dat men moeilijk doet, zal ik daar zeker gebruik van maken,” aldus de minister."
Op "OpUrk.nl" geeft voorlichter van Diepen van EZ de achtergrond aan van de mogelijke ingrepen van van der Hoeven. Volgens hem wordt het feit dat er vorig jaar maar voor 84 MW subsidie werd toegekend (in plaats van de geplande 500 MW) veroorzaakt door de weerstand op lokaal niveau. Zie: Op Urk.nl. Het is echter bekend dat ook het ondoelmatige systeem van de SDE-subsidies een belangrijke rem op de ontwikkeling legt. Er liggen vergunde projecten klaar waarvoor geen subsidie wordt aangevraagd omdat die te laag zou zijn en omdat er kans is dat ze later hoger zullen worden. Ook zijn subsidieaanvragen om die reden weer ingetrokken. Het dijkenplan Noordoostpolder van 400-450 MW bepaalt voor 20-25% het mogelijk halen van de kabinetsdoelstellingen voor windenergie (2.000 MW vergunnen voor 2011).
Zie ook item NOS-Journaal n.a.v. bezoek minster van der Hoeven op: NOS-Journaal 8-4-2009.
11 september 2008
De gemeenteraad van Urk is unaniem tegen de komst van een groot windmolenpark
bij Urk en Noordoostpolder. Dat bleek woensdagavond tijdens een raadscommissie.
(Omroep Flevoland)
De wens van de gemeente Urk om te participeren in de stuurgroep Windmolens Noordoostpolder, is niet gehonoreerd. "Die wens is botweg geweigerd'', zegt Leen van Loosen van het comité Urk Briest. Hij heeft er geen goed
woord voor over. Zeker ook omdat de politiek van Urk vorige week unaniem
aangaf tegen de komst van grote windmolenparken in Noordoostpolder te zijn.
De bestuurders van Urk en het actiecomité Urk Briest vrezen geluidsoverlast
en daling van de waarde van woningen. Daarnaast tasten de molens het
historisch aanblik van Urk aan, dat minister Plasterk nog niet zolang geleden
de status beschermd dorpsgezicht heeft gegeven.
Website van de actiegroep: Fimpje van Urk Briest ! op YouTube Item NOS met interview voor-en tegenstanders NOS-Journaal-1-2-2009
14 maart 2008
De initiatiefnemers van de dijkparken in de Noordoostpolder (Windkoepel NOP) heeft een video-animatie gemaakt van het 450 MW-project. Zie deze foto uit de animatie.
Juli 2007
De Rotterdamse Hoek in de knik van de dijk van de Noordoostpolder is al vele jaren een centrum van windenergieontwikkeling. Momenteel staan er in een straal van een kilometer bij diverse boeren drie stuks Tacke TW 43/600, een prototype Lagerwey 58/750 en een Vestas V 44/600. Iets zuidelijker begint de rij met 50 stuks Windmasters 25/300. Vorige week is het windenergiegehalte van de regio flink opgeknikt met de voltooiing van een 115 meter hoge windmeetmast, een van de hoogste ter wereld. Met behulp van 4 maal 9 tuidraden wordt de mast rechtop gehouden. Op hoogten van in ieder geval 10, 80 en 115 meter wordt de richting en snelheid van de wind gemeten ter controle van vooraf gemaakte opbrengstberekeningen en het bepalen van windfrequentieverdelingen. De mast is niet bedoeld voor permanent gebruik en is geleverd door de Duitse turbinefabrikant Enercon.
De mast is gerealiseerd door de Koepel Windenergie Noordoostpolder, het samenwerkingsverband van de initiatiefnemers voor de bouw van windparken langs de dijken van de Noordoostpolder. Het wordt veruit de grootste windparkconcentratie in Nederland. In totaal gaat het om 80 - 100 turbines met een totaal vermogen van rond de 450 MW tussen Lemmer en Ketelbrug langs de Noordermeerdijk, de Westermeerdijk en de Zuidermeerdijk. Drie van de zes lijnen, 1 langs Noordermeerdijk en een dubbele rij langs de Westermeerdijk, komen op een paar honderd meter uit de dijk in het 4 meter diepe water te staan.
De Koepel Windenergie Noordoostpolder werd opgericht in 2003 nadat in 2002 een convenant was gesloten tussen gemeente en initiatiefnemers over de realisering van de projecten. Het is het samenwerkingsverband van een stuk of acht initiatiefnemers (b.v.'s, c.v., verenigingen) van de diverse lijnopstellingen. De grootste is het Consortium Westermeerwind b.v., een samenwerkingsverband van boeren (Westermeerwind b.v.) en Siemens n.v. dat de drie buitendijkse lijnen ontwikkelt. Dit deel wordt een coöperatief project waarin alle inwoners van de NOP kunnen participeren. In het project Zuidermeerdijk participeren de eigenaren van vijf turbines in de buurt. Die turbines worden verwijderd na realisering van de lijnopstelling. Dat was een voorwaarde van de gemeente voor de ontwikkeling van deze locatie. De binnendijkse locatie aan de Noordermeerdijk wordt ontwikkeld door boeren van het "Agrarisch Windpark Creil".
Het project is opgenomen in de Rijks Projecten Procedure. Dat betekent dat de procedures worden gecoördineerd en parallel geschakeld door de projectminister (minister van Economische Zaken). De minister kan afwijkende behandeltermijnen voor de vergunningverlening bepalen, kan de bezwaar- en beroepsmogelijkheden tot één beroepsmogelijkheid bij de Raad van State beperken en kan de behandeltermijnen van beroep beperken. Er wordt zo vooral tijdwinst beoogd. In de loop van 2010 komt wellicht al het moment dat er een gooi gedaan kan worden naar een toezegging voor SDE-subsidies. Maar behalve onzekerheden over een subsidietoezegging zullen de levertijden van turbines (men gaat voor 5 MW+ per stuk) een belangrijke rol spelen bij het jaar van mogelijke realisering. De initiatiefnemers denken aan 2011 of toch nog wat later, maar zijn er van overtuigd dat de turbines er op enig moment zullen staan.
Klik op foto voor vergroting
Meer bij : Windkoepel NOP en Westermeerwind b.v.
17 december 2006
Flevoland is al met straatlengte voorsprong de molenrijkste provincie (er staat ca. 30% van het Nederlandse vermogen) maar wil het nog aanzienlijk uitbreiden naar 1.350 MW in 2020. In ontwikkeling zijn nog vier projecten bij de Sternweg (27 MW), de zogenaamde Zuidlob (108 MW) in Zeewolde , een park van 20 MW langs de A27 in Almere (in aanbouw) en een grote opstelling van totaal ca. 450 MW langs de dijken in de Noordoostpolder. Daarnaast wil de provincie in de gemeenten Lelystad en Zeewolde de vele kleine molens vervangen door grotere.
Flevoland wil daartoe eigenaren van bestaande kleinere windturbines stimuleren tot het vervangen van deze turbines in nieuwe windparken van minstens twaalf turbines op ashoogten van minimaal 100 meter. Met een halvering van het aantal molens moet het vermogen gelijk blijven en zo mogelijk vergroot worden. Ook wordt voorzien in een locatie voor een testveld met maximaal twaalf turbines als onderdeel van een kennis- of ontwikkelcentrum voor duurzame energie. Dit globale plan werd in november vastgesteld in het Omgevingsplan Flevoland 2006. Details van het beleid zijn nu vastgelegd in een ontwerp Beleidsregel Windmolens.
In de Beleidsregel Windmolens is opgenomen dat de nieuwe parken dezelfde opbrengst voor een eigenaar moet hebben als de te vervangen turbines, te bepalen aan de hand van de gemiddelde kWh-opbrengst of de netto opbrengst voor belasting. Eigenaren van de nieuwe projecten moeten een bijdrage van minimaal 10 en maximaal 30 % van de opbrengst voor belastingen gedurende de exploitatietijd van het project betalen aan de realisering van zogenaamde gebiedsgebonden projecten. Het gaat daarbij om projecten voor behoud en/of ontwikkeling van landschap, natuur en recreatie en voor verbetering van de leefbaarheid van het landelijk gebied. Voor het opbrengen van deze bijdrage mag het vermogen van het nieuwe project vergroot worden. De provincie ziet deze bijdrage o.a. als een middel ter vergroting van het maatschappelijk draagvlak voor windparken. De bijdrage dient in een overeenkomst met de gemeente vastgelegd te worden.
De Nederlandse brancheorganisatie voor windenergie (NWEA) is het volstrekt oneens met de voorstellen van de provincie en meent dat de Beleidsregel niet geschikt is om de gestelde doelen te bereiken. "De beleidsregel leidt tot stilstand in de ontwikkeling en is eerder belemmerend dan stimulerend". De huidige eigenaren worden niet gestimuleerd als er sprake is van een gelijkblijvende opbrengst, zoals de provincie verlangt. NWEA vindt dat er alleen voldoende stimulans zal zijn als de eigenaren in het vervangend project minimaal 50% meer vermogen krijgen. NWEA wil verder alleen een financiële bijdrage betalen aan maatregelen als die de effecten van een bepaald project op de omgeving compenseren. Dus geen standaard vergoeding van alle projecten. Het minimale aantal van twaalf turbines maakt volgens NWEA de realisering van de doelstelling onmogelijk omdat locaties met de daarbij behorende minimale lengte van 5 kilometer nagenoeg niet beschikbaar zijn. Ook de minimale ashoogte is een te grove bepaling. NWEA pleit voor maatwerk.
18 mei 2006
Op 12 mei heeft de ministerraad besloten om voor de in ontwikkeling zijnde windparken binnen en buitendijks van de Noordoostpolder de Rijksprojectenprocedure van toepassing te verklaren. Het gaat om lijnopstellingen met een mogelijk vermogen van totaal 475 MW. Minister van Economische Zaken Brinkhorst wordt als projectminister aangesteld. Het besluit betekent niet dat de normale procedures volgens de wet ruimtelijk ordening worden gepasseerd maar de procedures zullen worden gecoördineerd en parallel geschakeld door de projectminister. De minister kan tevens afwijkende behandeltermijnen voor de vergunningverlening bepalen, kan de bezwaar- en beroepsmogelijkheden tot één beroepsmogelijkheid bij de Raad van State beperken en kan de behandeltermijnen van beroep beperken. Er wordt zo vooral tijdwinst beoogd. Het besluit wordt o.a. ingegeven door de overweging dat de projecten een groter dan provinciaal ruimtelijk en milieu-belang hebben en tevens dat elders in het land blijkt dat het steeds moeilijker wordt om windparken te realiseren. Vooral op lokaal niveau stranden veel projecten met een groot potentieel. De NOP-parken zouden nodig zijn om 9% duurzame stroom in 2010 te halen. Projectinfo: Windkoepel NOP
1 december 2004
Nadat een meerderheid van Provinciale Staten zich begin oktober had uitgesproken voor een voorlopige stop op de verdere uitbouw van windenergie in Flevoland (in afwachting van nieuw te vormen beleid) heeft G.S. op 30 november besloten hier vorm aan te gaan geven. Door middel van een partiële herziening van het omgevingsplan zullen bouwaanvragen na 10 juni 2005 niet meer in behandeling worden genomen. Reeds lopende vergunningtrajecten en al gestarte bouwplannen kunnen nog wel doorgang vinden maar daar zal wel de nodige onduidelijkheid over gaan bestaan. Er wordt gewerkt aan een overgangsregeling. Vooral initiatiefnemers in de zogenaamde Zuidlob tussen Slingerweg en Gooise Weg en rond de Sternweg in de gemeente Zeewolde zouden getroffen kunnen worden. Zij zijn al jaren bezig met de ontwikkeling van een aantal lijnopstellingen met grote turbines. Ze gaan er echter vanuit dat ze bij de lopende projecten gerekend zullen worden. De gemeente Zeewolde steunt hen daar in. Ook in de Noordoostpolder lopen al heel lang initiatieven voor lijnopstellingen aan IJsselmeer- en landzijde van de westelijke dijken.
In Flevoland (vnl. in de gemeenten Zeewolde, Dronten en Lelystad) is het windvermogen sinds eind 2001 verdrievoudigd tot 450 MW. Vooral het open gebied van Zeewolde is "één groot windmolenpark" geworden. Velen vinden het nu voorlopig wel genoeg. Provinciale Staten zijn het met het provinciebestuur eens dat gewerkt moet worden aan een plan voor het vervangen van de vele tientallen kleinere turbines door een aantal zeer grote. Eerste inschattingen van het potentieel gaven al aan dat op die manier met veel minder turbines het vermogen tot ca. 1.000 MW kan worden uitgebreid.
|
KORTE BERICHTEN
Ook Gasterlân-Sleat tegen windpark NOP
De gemeente Gasterlân-Sleat heeft als tweede Friese gemeente, na Lemsterland, ook bezwaar gemaakt tegen het dijkenplan in de NOP. De gemeente stuurt een adhesiebetuiging aan de gemeente Urk en een oproep aan minister van der Hoeven. Alleen de VVD steunde dit niet. Leeuwarder Courant, 28-5-2009
------------
Kamersteun voor Urks verzet
Op 23 april werd in de Tweede Kamer een motie van VVD-er Halbe Zijlstra
aangenomen waarin het Kabinet gevraagd wordt het beschermde dorpsgezicht van
Urk niet onnodig te vervuilen en dat er bij de besluitvorming rekening wordt
gehouden met de cultuurhistorische waarden van het dorp.
----------
Molenaar eist een ton schadevergoeding
Windmolenexploitant Nol Knoppers gaat meer dan 100.000 Euro schadevergoeding eisen van de gemeente Noordoostpolder. Knoppers wilde een bestaande windmolen vernieuwen en aanpassen. De gemeente hield dit tegen, omdat dat niet zou passen in het zogenoemde overgangsrecht. Knoppers vocht dit aan bij de Raad van State en won de zaak. De gemeente heeft de verzekering ingeschakeld om de schadeclaim te behandelen. Omroep Flevoland, 10-4-2009
-------------
"Urk staat buitenspel" Zie Nederlands Dagblad 5 maart 2009
-------------
Twee ton voor ontwikkeling windparken NOP
Donderdag
besloot een meerderheid van de gemeenteraad van de Noordoostpolder om bijna
twee ton uit te trekken om het dijkenpark goed op de rails te zetten en de
procedures te begeleiden. Alleen de VVD en ONS stemden tegen. De
PvdA/GroenLinks ging met enige tegenzin akkoord. De Stentor, 19-12-2008 ------------------------
63 Boeren bouwen Zuidlob met NUON
24-10-2008 63 Boeren van Windmolenereniging De Zuidlob in de gemeente Zeewolde hebben ontwikkelaar WEOM (100% NUON dochter) gekozen voor de verdere ontwikkeling van windpark Zuidlob met 36 turbines van minimaal 3 MW in drie parallelle lijnopstellingen . NUON krijgt zelf een aandeel van 5% in het park en is door de boeren ook al voor 10 jaar uitverkoren als afnemer van de stroom, als het park in het streefjaar 2012 in gebruik komt. Komend jaar worden de eerste vergunningen verwacht. Het is voorlopig het laatste project in Zeewolde. Daarna zullen alleen nog maar turbines vervangen worden door grotere in nieuwe lijnopstellingen volgens een provinciaal plan. (NUON, Leeuwarder Courant, 21/24-10-2008) ----------------- |
|
|
Jaap Langenbach Dwerssteech 8 8551 SB Wâldsein Fryslân, Nederland, Tel. + 31 514 - 592 536
Member of WWEA
|