|
|
||||||
|
|
|
|
|
|||
| Fabrikanten en bedrijven | Marktontwikkeling | Klimaatcrisis | English | |||
| Kleine Windmolens | Windparkenkaart | Molenproducties | Contact | |||
| Cijfers | Incidenten | FAQ | ||||
| Techniek | Kosten-Baten | Links | ||||
|
|
Nieuws Nederland 2009-2010
Per 31-12-2009: Windturbines : 1.975 Vermogen: 2.221 MW Jaarproductie : 5.209.000.000 kWh |
|
|
24 februari 2010
Ondanks een erg laag windaanbod in 2009 (90 % van normaal) nam de stroomproductie van windturbines in 2009 toe met 7,7% naar 4,589 miljard kWh. Daarvan werd 735 miljoen kWh (16%) geproduceerd door de twee windparken op de Noordzee. Dat blijkt uit de voorlopige cijfers van het CBS over de duurzame stroomproductie 2009. In 2008 werd 4,260 miljard kWh windstroom geproduceerd, waarvan 596 miljoen op de Noordzee (windex 104%). Het aandeel windenergie in de stroomvraag steeg van 3,6% in 2008 naar 4,0 % in 2009. Bij een normaal windaanbod van 100% zou dat 4,5% zijn geweest (zie ook Nieuws Windaanbod).
De toename van de windstroomproductie t.o.v. 2008 wordt bijna uitsluitend veroorzaakt doordat nieuwe projecten in 2008 nu het hele jaar in bedrijf waren. In 2009 is het vermogen slechts met netto 5 MW toegenomen (zie actuele statistieken).
Windenergie leverde 45% van de totale duurzame stroom, waarvan het aandeel in de vraag in 2009 steeg naar 8,9%. (Duitsland was 16,1% zie WSH-Windnieuws-Duitsland). In 2007 was dat 6% en in 2008 7,5%. De stijging van het percentage wordt voor 0,5 procentpunt veroorzaakt door een lager elektriciteitsverbruik (5% minder dan in 2008) en voor 1 procentpunt door de toename van de duurzame stroomproductie. Vooral de productie door middel van bijstook van afvalhout, huishoudelijk afval en mest in elektriciteitscentrales nam toe (+20%).
Persbericht Duurzame stroom-2009-CBS Tabel windenergie per maand-CBS
"Het blijft natuurlijk een erbarmelijk slechte prestatie voor een van de rijkste landen ter wereld. De stijging werd vooral veroorzaakt door windturbines die vóór de "SDE tijd" zijn neergezet (want realisatie van nieuwe windturbines onder de absurde SDE condities was zo'n beetje Dead As A Duck). En natuurlijk, door flinke meestokerij in zeer fossiele kolen- en gascentrales van alles wat dan maar "biomassa" mag heten, "want dan is het goed" (of zo). Als het dit jaar een slecht windjaar wordt, en er gaat iets mis in de biomassa bijstook (je weet maar nooit), gaan we die beruchte (miezerige) 9% in 2010 dus niet eens halen. Of er moeten wonderen gebeuren. Een paar tienduizend geiten slachten en de fik d'r in, "groene geitenlijkenstroom", wellicht? U vraagt, "wij" draaien. Met duurzaamheid heeft dat alles natuurlijk geen ene moer te maken, laten we daar even kristalhelder over zijn...".
Er is nog aan toe te voegen dat de toename van de meestook vooral
komt door lage biomassaprijzen in 2009 en dat die ook nog eens gesubsidieerd
werd uit het MEP-tijdperk. De prijzen stijgen al weer en ook dat maakt het dus
twijfelachtig of de 9% in 2010 gehaald wordt. Geen enkele reden voor minister
Cramer om zichzelf een cijfer 9 te geven voor die 9%, zoals ze deed op:
Joop-Groen. Want zoals Andre Wakker van ECN in
een reactie opmerkte: die 9% heeft niets te maken met het beleid van B-IV maar
het zijn de naweeën van B-III.
17 september 2009 - 5 maart 2010
De Groene Rekenkamer over windenergie in Denemarken en de reactie daarop van de Vereniging van Deense windturbine fabrikanten bij Windpower.org (klik rechts boven op Translate voor de Engelse versie). En ook een goede beschouwing over hoe het WEL zit in DK bij: AWEA .
De PVV stelde n.a.v. soortgelijke publicaties ("windenergie is zinloos en bespaart geen CO2 ") welke door de betrokken ministers werden beantwoord op 8-2-2020, zie vragen PVV en antwoorden van der Hoeven / Cramer. De Groene Rekenkamer reageerde daar ook weer op en stelt dat de antwoorden van de minister niet gestaafd worden door haar aangehaalde onderzoek van de TU-Delft. Zie: Groene Rekenkamer 4-3-2010. Dat was weer aanleiding voor nieuwe vragen van de PVV, zie nieuwe vragen van PVV-de Mos (11-3-2010).
De door de Rekenkamer verlangde studies naar de noodzaak van bijregelen van wisselend windvermogen en de noodzaak van opslagsystemen, op basis van simulaties van grote elektriciteitsnetten zijn overigen al meerdere malen uitgevoerd. Zie bijvoorbeeld Studie 3E-België.
Ook het proefschrift van Bart Ummels is een goede achetergrondstudie bij dit thema, zie b.v. Bespreking Bart Ummels in De Ingenieur en Fraaie samenvatting van Bart Ummels bij OliNo plus antwoord op vragen.
17 december 2009
Het saldo van ontmanteling en nieuwbouw van windturbines in 2009 leverde een netto positief resultaat op van nog geen 5 MW, het laagste jaarresultaat ooit. Er kwam 39 MW nieuw in bedrijf en er werd 34 MW uit bedrijf genomen. Het grootste aandeel daarin was van de 27 MW Kenetech molens in de Eemshaven (U kunt er nu eindelijk terecht voor mooie foto's van het nieuwe project). Er werden totaal 104 turbines afgebroken. Netto nam het aantal molens met 74 af. Bijna 40% van het nieuwe vermogen werd gebouwd als repower project. Van de 13 nieuwe projecten werd 1 project (6 MW) gerealiseerd door een energiebedrijf (Eneco). Twee molens werden verplaatst.
Netto toename per jaar
2.000 MW op land nog steeds niet bereikt
Nederland telt per 31-12-2009 op landlocaties 1.879 windturbines met een opgesteld vermogen van 1.993 MW. Op de Noordzee staan in twee windparken 96 turbines met totaal 228 MW.
In vier provincies ging het vermogen achteruit, in vijf ging het vooruit en in vier provincies gebeurde niets. Flevoland gaat nog steeds op kop met een jaarproductie van 1,1 miljard kWh en Groningen is tweede met 980 miljoen (in een gemiddeld windjaar). Bij de gemeenten leidt Eemsmond met 786 miljoen kWh per jaar en is Zeewolde tweede met 468 miljoen kWh.
Ook voor 2010 ziet het er niet best uit. Er is nu 1 molen in aanbouw voor realisering in 2010. Er staat nog voor ruim 100 MW aan toegekende subsidies uit (per 25 november: 80 MW SDE en 26 MW MEP). Volgend jaar kan dus nooit meer dan 100 MW opleveren want van toekenningen in 2010 mag niet worden aangenomen dat die al in 2010 worden gerealiseerd. Van het SDE-plan van 2.000 MW is nu 28 MW gerealiseerd.
Alle cijfers en grafieken per 31-12-2009 staan bij de Statistieken WSH.
16 december 2009
Zie: Bericht bij NKPW
maar "zelflevering vóór de meter" afgewezen door EZ / VROM
25 augustus 2009 / 10 november 2009
25 jaar geleden startte de Organisatie Duurzame Energie in Utrecht (Vereniging ODE) met de ondersteuning van lokale initiatieven voor de oprichting van windmolencoöperaties. Particulieren en bedrijven zouden samen geld moeten kunnen inbrengen om zo aan de toen nog "gigantisch" lijkende bedragen te kunnen komen om een windmolen te financieren. Lokaal verdelen van lasten en lusten was ook een belangrijk motief dat tot meer draagvlak zou moeten leiden bij bestuur en politiek. "Geen kernenergie of kolen, neem een molen" was de leus, waarmee een alternatief voor actievoerders tegen kernenergie werd geboden, want die strijd was in 1984 beslist. Diverse molenverenigingen kwamen voort uit de antikernenergie beweging. In de brochure "Windstroom is meer waard" werd de titel uitgelegd en een speciaal "terugleveringstarief" voor verenigingsmolens bepleit. Dat werd uiteindelijk overigens alleen in Zeeland gerealiseerd.
Een en ander leidde tot een stuk of 35 initiatieven en in 1987 werd de eerste verenigingsmolen in Delft in gebruik genomen (twee jaar geleden gesloopt). Veel initiatieven haalden de eindstreep in de vorm van een gerealiseerde molen niet, een aantal fuseerde en een viertal groeide uit tot een vrij grote organisatie zoals Zeeuwind in Zeeland, Deltawind op Goeree, Kennemerwind in Noord-Holland en De Windvogel in het westen des lands. In Friesland ontstonden parallel aan het verenigingsidee de "dorpsmolens". Stichtingen of verenigingen met een enkele of een paar molens. De eerste kwam in 1987 tot stand in Dearsum (sinds 1998 staat alleen de mast er nog met de gsm-antennes, een erg treurig beeld, maar deze maand wordt hij eindelijk vervangen (helaas ter plaatse en niet in een windpark elders) door een turbine van 300 kW). Er zijn nog 23 dorpsmolens in bedrijf. Een aantal werkt nu samen om te bezien hoe de inmiddels sterk verouderde kleine molens vervangen kunnen worden in een "opschalingscluster".
Samen hebben de nu nog actieve coöperaties (12) en dorpsmolens (11) een totaal van ongeveer 55 MW in bedrijf. Daarbij zijn niet inbegrepen de vele samenwerkingsprojecten van boeren in een windpark of samenwerkingen van coöperaties met [projectontwikkelaars of het Growind project in de Eemshaven (63 MW), maar alleen de oorspronkelijke coöperaties en dorpsmolens van particulieren.
ODE heeft de draad weer opgepakt om opnieuw de oprichting van lokale initiatieven met "burgerparticipatie" te ondersteunen. De nadruk ligt nu vooral op "lokaal draagvlak". Windenergie heeft erg veel last van "de tegenstanders" en de gedachte is dat lokaal profijt en initiatief ook het politieke en bestuurlijke draagvlak zal verbeteren. Geen gekke gedachte natuurlijk, want we weten al hoe de wethouders en burgemeesters van Wûnseradiel, Zeewolde, Wieringermeer en diverse andere agrarische gemeenten zich de naad uit de broek hebben gelopen om de boeren de mogelijkheid te bieden iets met een windmolen bij te verdienen. De leuze is nu: "Pak de Wind". "Windstroom is meer waard" is vervangen door het "Zelfleveringsmodel Kropje Sla" met een pleidooi voor het verschuiven van de SDE-subsidie naar het ministerie van financiën. Dat zou een flinke verhoging van de subsidie zijn door afzien van de SDE en in plaats daarvan vrijstelling van BTW en energiebelasting voor windstroom van verenigingsmolens via het principe van "eigenlevering via het openbare net". (over een zelfgekweekt kropje sla hoef je ook geen btw te betalen). Daarover werd een motie aangenomen in de Tweede Kamer maar Economische Zaken ziet teveel nadelen en reageerde (mijns inziens volkomen terecht) afwijzend: - onvoldoende directe relatie tussen windpark en afnemer - wordt veel duurder dan de SDE - introduceert mogelijk opnieuw belastinglekken naar buitenland en - ontmoedigt besparen op e-verbruik zie EZ-reactie op motie zelflevering ("saldering vóór de meter is niet wenselijk"). Later werd nog een motie aangenomen waarin gepleit wordt voor een "pilot" zelflevering windenergie.
In een filmpje van creative Labs wordt het systeem uitgelegd (zie http://vimeo.com/8200634) en zonder omhaal gesteld dat de leden van de coöperatie niet 9 cent per kWh voor de stroom vangen (zoals met de SDE) maar maar liefst 20 cent (niet betalen van BTW en energiebelasting). Dat wordt dus uitermate grof geld verdienen en zal dus nooit door EZ of welk ander ministerie dan ook op enige schaal worden toegestaan. En het is natuurlijk ook erg slecht voor het imago van windenergie. De tegenstanders van windenergie krijgen zo helemaal gelijk met hun stelling dat windmolen niet op wind maar op subsidie draaien. Sterker nog, omdat de BTW en vooral de energiebelasting omhoog moet om de energie- en klimaatdoelstellingen te kunnen halen, wordt de subsidie dus ook steeds hoger in plaats van lager !
ODE kreeg van SenterNovem een budget van 100.000 Euro om te besteden aan professioneel advieswerk voor nieuwe (en bestaande) initiatieven. Er zijn web-sites geopend waar men nieuwe initiatieven kan aanmelden, waar deelnemers zich bekend kunnen maken en hoe men gebruik kan maken van het professioneel advieswerk. Niet verder zoeken maar direct uw vraag stellen aan projectleider Henk Daalder van ODE op mailto:daalder@duurzameenergie.org of 0634-099 055 kan ook.
Projectondersteuning voor molencoöperaties Adressen Nederlandse windmolencoöperaties bij ODE "Zelfleveringsmodel" van De Windvogel
14 september 2009
Het was van voormalig woordvoerder energie Paul de Krom al bekend dat de VVD geen liefhebber is van windenergie. De nieuwe woordvoerder Halbe Zijlstra zegt het op een rechts weblog "De Dagelijkse Standaard" (waar men zich bedient van termen als "de heilige huisjes van de linkse kerk" en "de milieumaffia") nog eens glashelder in het kader van de noodzakelijke bezuinigingen in de komende jaren : "Het meest heilige huisje is op dit moment de windenergie. (let op het lidwoord "de", dat betekent dat men uit de cultuur van grote energiebedrijven en de atoomsector komt). U weet wel die prachtige moderne horizonverrijkers. Die betaalbare en rendabele bron van groene energie. Die geruisloze en veilige draaipalen. Onze redding van de gewisse CO2-verstikking. Daar mag natuurlijk nooit op bezuinigd worden! Maar ik vind dat dit de éérste post is waar het kabinet op moet bezuinigen. Wat zeg ik, bezuinigen? Compleet schrappen!".
Vervolgens worden alle gangbare vooroordelen en (vermeende) nadelen van
windenergie nog maar eens opgesomd en besluit Zijlstra met de stelling dat
iedereen windmolens mag bouwen, maar niet met subsidie. De VVD is voor groene
energie met alle voordelen van dien "maar dat is nooit te bereiken met
windenergie. Hiervoor zijn nieuwe, nog niet ontdekte of uitontwikkelde vormen
van energieopwekking noodzakelijk. Innovatie dus". Zie: De Dagelijkse Standaard.
Eind dit jaar presenteerde de VVD een onderzoek naar de ("torenhoge") kosten van windenergie, zie bericht Telegraaf over VVD-rapport/standpunt.
9 september 2009
De PVV is tegen subsidie voor windparken op zee (en alle andere parken) naar aanleiding van het plan van RWE om samen met onderzoeksinstellingen een onderzoekspark ver op zee voor de klust van Callantsoog te bouwen. (zie FLOW). PVV milieuwoordvoerder Richard de Mos heeft daarover in de Tweede Kamer vragen gesteld:
Peak-Oil roept haar bezoekers op om te assisteren bij het beantwoorden van de vragen zodat de PVV niet zo lang hoeft te wachten op het antwoord van de minister.
Ga even naar de web-site van peak-oil voor het deponeren van uw assistentie bij het beantwoorden van de vragen : Peak-Oil over kamervragen PVV
De reactie van Henk Daalder helpt al heel veel. Ik kan er nog aan toevoegen dat de productiefactor van windparken op zee (Deense praktijk) niet 28% is maar 35-45%. Bij nieuwere parken met betere molens op locaties met meer wind, zoals ver op zee bij Callantsoog, wordt dat natuurlijk nog veel meer. Zie: Jaarproducties windparken op zee
U berekent de productiefactor door de jaarproductie te delen door het opgestelde vermogen in kilowatts. De uitkomst is het aantal "vollasturen". En dat neemt u als percentage van het aantal uren in een jaar (8760). Als voorbeeld Horns Rev van 160 MW in 2008: 627 miljoen gedeeld door 160.000 kW = 3.918 "vollasturen", gedeeld door 87,60 = 44,7% .
De minister had overigens weinig moeite met de antwoorden. Die werden op 18 september gegeven en staan hier bij EZ.
1 september 2009
Op 31 augustus 2009 werd de nieuwe regeling geluidhinder voor windturbines gepubliceerd in de Staatscourant. Men heeft vier weken om zienswijzen in te dienen. In de toelichting wordt o.a. gemeld dat uit een TNO-onderzoek is gebleken dat 810 woningen bij bestaande windturbines niet aan de nieuwe geluidnorm voldoen.
Vooral de oppositie houdt zich de laatste tijd intensief bezig met de kabinetsvoornemens over geluid en ook veiligheid van windturbines. Gevreesd wordt dat de belangen van omwonenden in het gedrang komen door meer geluidsruimte en onduidelijker handhaving. Het NKPW meent dat de voorgestelde geluidregels een versoepeling zijn die de stagnatie van "pijplijnprojecten" moet opheffen. Een ernstig incident met een turbine in Lelystad, waarvan een blad afbrak en op de snelweg terecht kwam is de aanleiding voor ongerustheid over de veiligheid.
SP en VVD stelden op 22 juli vragen over geluid en veiligheid aan de minister van VROM. Ook de antwoorden staan inmiddels bij de SP op de site, met het commentaar van Jansen dat hij het "verontrustend" vindt dat volgens TNO-onderzoek 9% van de omwonende hinder zal ondervinden van geluid.
Publicatie geluidregels in Staatscourant Kritiek van Nationaal Kritisch Platform Windenergie De vragen op de site van Paulus Jansen, SP Antwoorden van minister Cramer op vragen SP Wiek belandt op snelweg bij WSH-incidenten Ontwerp wijziging milieuregels 31-8-09 Staatscourant (geluid, veiligheid, milieuvergunning)
20 augustus 2009
Op de kop af 3 jaar nadat de subsidieregeling Milieukwaliteit Electriciteitsproductie (MEP) op 16 augustus 2006 werd stop gezet door minister Wijn van het vorige kabinet Balkende, wordt woensdag 19 augustus in Burgervlotbrug (Noord-Holland) het laatste windpark dat met deze subsidieregeling rendabel wordt gemaakt, in gebruik genomen. Er lopen nog 28 MW aan MEP-projecten maar de kans is klein dat daarvan nog wat wordt gerealiseerd. Het park bestaat uit negen turbines Vestas V 52 op 65 meter ashoogte langs het Noord-Hollands Kanaal en is eigendom van windmolenvereniging Kennemerwind (2,5), Ontwikkelaar Evelop (2,5) en een privaat persoon (4). De ontwikkeling kostte ruim acht jaar en zal jaarlijks 25 miljoen kWh opleveren.
Als enige land ter wereld ging het windvermogen in Nederland het eerste half jaar 2009 achteruit ! De bouw van windturbines ligt in Nederland nu voor maanden helemaal stil en zal pas volgend jaar weer enigszins opkrabbelen. Echter, de belangstelling voor de nieuwe SDE-subsidie is minimaal en alleen bij een fundamentele wijziging van dit subsidiesysteem kan op zijn vroegst in 2015 de verdubbeldoelstelling naar 4.000 MW gerealiseerd zijn. Daartoe is bovendien een aanzienlijke verbetering van het lokale draagvlak vereist. Hoe is het zover gekomen en hoe zal het verder gaan?
De MEP werd op 1 juli 2003 van kracht. De formele reden voor het stopzetten was dat volgens het ministerie de doelstelling van 9% duurzame elektriciteit in 2010 met de lopende projecten gehaald zou worden. Of dat inderdaad lukt is nog twijfelachtig maar alleen politiek van belang (2008 was 7,5%). Oversubsidiëring als gevolg van het oplopen van de elektriciteitsprijzen (waar het subsidiebedrag bij de MEP niet aan gekoppeld is) en de gigantisch oplopende subsidiebudgetten door de grote belangstelling voor de uiterst lucratieve regeling was de werkelijke reden voor de noodrem. Het nieuwe kabinet startte in april 2008 de Subsidieregeling Duurzame Elektriciteitsproductie (SDE). Bij de vormgeving daarvan was de angst voor oversubsidiëring echter zo groot dat een gedrocht is ontstaan waar boeren, energiebedrijven, ontwikkelaars, banken en verzekeraars geen brood van lusten. Het is de bedoeling dat jaarlijks voor 500 MW aan projecten subsidie wordt toegekend maar vorig jaar stopte de teller al bij 90 MW. De aanvragers hebben daarvan overigens spijt als haren op hun hoofd want een jaar later bleek dat het tarief voor 2009 7,2% hoger was geworden. Van die 90 MW is nu 27 MW gerealiseerd en op dit moment is geen enkel project in aanbouw. Door sloop en nieuwbouw zal het vermogen dit jaar niet of nauwelijks toenemen.
De kabinetsdoelstelling (toe te kennen subsidies voor 2..000 MW in 2011) is op zichzelf overigens allesbehalve ambitieus zoals wel wordt beweerd. Want ze houdt slechts in dat er tijdens deze kabinetsperiode 2.000 MW extra vergund en gecommitteerd (subsidietoekenning) wordt. Dat betekent echter geenszins dat dit vermogen ook binnen redelijke termijn gebouwd zal worden. In de eerste plaats heeft men daarvoor nog tot 2015 de tijd (vier jaar na subsidietoekenning). En ten tweede hoeft de verleende bouwvergunning niet onherroepelijk te zijn zodat alsnog projecten zullen afvallen door lopende beroepsprocedures. Politiek kan niemand zich er een buil aan vallen. Nog een jaar of vier kan men zich verschuilen achter "ja, het loopt niet goed maar het komt nog wel".
De eerste jaren zullen de tegenvallers echter stevig blijven zeuren. Na het eerste serieuze debacle van 2008 is er ook dit jaar, ondanks dat er voor vele tientallen MW's aan vergunde projecten klaar ligt, nog maar voor 12,6 MW aan SDE-aanvragen ingediend (stand 27 augustus). Het is niet te verwachten dat er nog nieuwe aanvragen bijkomen omdat volgend jaar het subsidieniveau zeer waarschijnlijk weer wat hoger vastgesteld zal worden. Het is een van de vele systeemfouten van de SDE. Gedeeltelijk is gewoon sprake van een boycot; er wordt gerekend op (nog) hogere rendementen bij een volgende ronde, maar voor een groot gedeelte is het niet mogelijk om met dit systeem een rendabel en financierbaar project te maken. Alleen op windrijke kustlocaties is een goed (tot te goed) rendement haalbaar.
Het bouwprogramma voor de rest van dit jaar is verwaarloosbaar. Verkoopmanager Bram van Noort van Enercon kwalificeert de situatie als "bijzonder slecht" en "ook voor volgend jaar ziet het er niet goed uit, maximaal 50 MW". Ook andere fabrikanten hebben geen of nauwelijks concrete bouwplannen. Voor 2010 lijkt 100 MW het maximum. Als de regelgeving niet verbetert, wordt het bouwtempo niet hoger.
Verder vooruitkijken is lastig maar we doen een poging op grond van signalen uit de markt en de aard van de regelgeving. De meeste resterende toegekende projecten van 2008 (63 MW) worden in de loop van volgend jaar en 2011 gebouwd. Een deel kan echter nog afvallen. Dit jaar worden geen SDE-aanvragen meer gedaan omdat de vergoedingen in de ronde 2010 hoger zullen zijn. Bij ongewijzigd beleid zal er ook in 2010 niet veel meer gebeuren. Blijven wachten op verbetering is het motto. Alleen op een paar windrijke kustlocaties zal gebouwd kunnen worden, maar de bulk zal van de nu onrendabele, minder windrijke locaties moeten komen. Ontwikkelaar Arthur Vermeulen van Raedthuys Windenergie bevestigt dat de oorzaak van de stagnatie voor een belangrijk deel ligt bij de slechte SDE-regeling: “ Alleen direct aan de kust levert een windproject nog voldoende rendement voor een positief investeringsbesluit. EZ geeft de vergunningstrajecten de schuld van het uitblijven van aanvragen. Dat is zeker voor een deel waar maar EZ moet zich ook realiseren dat de SDE regeling de bedrijvigheid onderuit haalt.
Wij hebben honderden MW’s in ontwikkeling waarvan
een groot deel op locaties waarvan wij ons in alle ernst afvragen of het wel zin
heeft om deze projecten door te zetten", aldus
Een ander scenario is dat ontwikkelaars wachten tot de hele SDE-regeling als onwerkbaar op de schop gaat, met als aanleiding het verleggen van de financiering uit de Rijksbegroting naar een opslag op stroomtarieven voor consumenten. Die nieuwe regeling gaat in 2012 van start en zal dan in 2014 - 2015 de eerste windparken kunnen opleveren. De verdubbeling is dan niet eerder gerealiseerd dan in 2016-2017.
Ontwikkelaars hebben na subsidietoekenning vier jaar de tijd om het project te realiseren en zullen waarschijnlijk geen haast maken met turbinebestellingen omdat de prijzen aan het dalen zijn. Ook daarom is het nodig om een "opjutpremie" in te stellen (elk jaar een iets lagere vergoeding voor nieuwe projecten, in Duitsland is dat 1%). Financiering kost de nodige tijd en levertijden van turbines (1-2 jaar) spelen een rol.
Zie ook: Systeemfouten in de SDE - wind op land . Concept tarieven SDE wind op land 2010 Actuele statistieken: WSH, statistieken NL Radioverslag RTV Noord Holland over de opening van "Burgervlotbrug" (De interviewer zegt 2 keer , zonder gecorrigeerd te worden, dat het park goed is voor de stroom van 800 huishoudens maar dat moet natuurlijk 8.000 zijn !)
8 juli 2009
Vogelbescherming Nederland brengt vandaag de
Nationale Windmolenrisicokaart voor vogels uit. Het doel van deze kaart is het
in beeld brengen waar in Nederland windmolens risico’s voor vogels opleveren. De
kaart is in opdracht van Vogelbescherming ontwikkeld door SOVON Vogelonderzoek
Nederland en ecologisch adviesbureau Altenburg & Wymenga.
Persbericht en kaartmateriaal bij Vogelbescherming Nederland
24 juni 2009
Jeroom Remmers richtte 22 jaar geleden een windmolencoöperatie op in Zoetermeer. Nu is hij adviseur klimaat en beleid bij adviesbureau Builddesk en schreef een oproep om actie voor windenergie te gaan voeren. Het wordt hoog tijd dat de voorstanders zich kenbaar maken, stimulerende voorstellen doen en laten weten waarom windenergie wel deugt. Lees zijn verhaal bij: Duurzaam Nieuws
Ook Henk Daalder, o.a. oprichter van windmolencoöperaties in Brabant en Rivierenland, wil actie voor windenergie. Hij roept, ook namens vereniging ODE, voorstanders op zich te melden op http://www.pakdewind.nl .
16 juni 2009
Zes onderdelen van Econcern werden op 12 juni failliet verklaard. Op 15 juni maakten Econcern en Eneco bekend dat Eneco de onderdelen Ecofys en Evelop overneemt. Ecofys zal als zelfstandig adviesbureau blijven bestaan. Inmiddels is ook Ecostream, de onderneming die is gespecialiseerd in zonne-energie door Eneco overgenomen. Eneco stelt dat het doel is om uiteindelijk 400 van de 1200 personeelsleden van Econcern over te nemen. Directeur Ad van Wijk is volgens FEM-Business niet meer actief en gaat niet mee naar Eneco. Half augustus werd bekend dat hij gaat werken als onafhankelijk adviseur van Eneco, maar later trok hij zich weeer terug na berichten in het FD over zijn "creatief boekhouden". (persbericht en Econcern, De Volkskrant 16 juni, meer bij Nieuwsbureau Energeia en FEM-Business)
"Bronnen" en "ingewijden" melden op 3 juni in het Financiële Dagblad dat het Belgische offshore project Belwind (330 MW) de waarschijnlijke ondergang van Econcern had kunnen voorkomen. Als het project het stadium van de onherroepelijke financiering had kunnen bereiken door de toekenning van een lopende aanvraag voor een (gedeeltelijke) financiering door de Europese Investerings Bank (EIB), zou Econcern een deel van het project kunnen verkopen en voldoende vertrouwen wekken bij banken om de cruciale 150 miljoen krediet te herfinancieren. "Het is een van de belangrijkste projecten waar het bedrijf op dreef", zegt een ingewijde. Maar er staat nog geen handtekening onder de lening van mogelijk 300 miljoen Euro van de EIB. "Dat is in theorie alsnog mogelijk", schrijft het FD, "maar in de praktijk gebeurt het zelden als de eigenaar in financiële problemen verkeert". Het wordt in het FD niet duidelijk waarom de financiering, waar sinds de vergunningverlening in februari 2008 aan gewerkt werd en waar ook Dexia en RABO-bank in deelnamen, niet is rond gekomen. (Financieel Dagblad, 3 juni 2009)
Zie ook bij: reorganisatie Econcern en Doorstart ? en Aandelen en Raad v. C. . en het FD over dubieuze praktijken bij de boekhoeding: De boeken van Econcern (sept)
27 mei 2009
Gisteren moest de holding van Ecofys, Evelop, Ecostream, OneCarbon en Ecoventures en aandeelhouder van meer dan 200 andere ondernemingen zoals Darwind, Ecowind en DuraCar uitstel van betaling aanvragen omdat de schulden niet konden worden hergefinancierd. Aandeelhouders en banken waren niet bereid om een lening van 150 miljoen te dekken die op 1 april afliep. Essent en Eneco waren gegadigden voor extra financieringen/overname maar dat is niet gelukt, zo meldde het Financiële Dagblad eerder al. Al geruime tijd was het bedrijf bezig aan een saneringsoperatie waarbij 200 van de 1.400 personeelsleden in 24 landen moesten afvloeien (waarvan 100 in NL) en gepoogd werd om onderdelen te verkopen. De verkoop van windturbinefabrikant Darwind is niet gelukt (zie hieronder bij Darwind). Van Steyn zegt in De Volkskrant dat de Provincie Noord-Holland (die de eerste aanzet gaf tot de oprichting van Darwind) belangstelling heeft maar daar moet dan nog wel een industriële partner bij komen. "Er is een gillende vraag naar offshore turbines, maar niemand durft er in te stappen", zegt van Steyn. Initiatiefnemer Hans Bais, directeur van ATO-Noord Holland, zegt in het Noord Hollands Dagblad dat de bestelde onderdelen voor het prototype niet geleverd worden omdat geen aanbetalingen kunnen worden gedaan.
(De Volkskrant 27-5-2009)
3 mei 2009
Het wordt eentonig maar opnieuw blijkt uit tussentijdse verkenning van het programma "Schoon en Zuinig" dat de doelen m.b.t. reductie van broeikasgassen, duurzame energie en energiebesparing voor 2020 niet gehaald worden. Minister Cramer stuurde namens het Kabinet een brief naar de Tweede Kamer op 29 april met de strekking dat we aardig op koers zouden liggen maar zelfs de doelen voor 2011 worden volgens de minister maar gedeeltelijk gehaald:
Waarschijnlijk gehaald in 2011 - 4% briobrandstoffen - maximaaal 207 Megaton CO2-uitstoot - 9% duurzame stroom
Waarschijnlijk niet gehaald: - energiebesparing (maximaal 54 i.p.v 61 PJ per jaar)
Onder voorwaarde: - Duurzame energie , mits de vergunningen worden verleend is 3.541 MW mogelijk (doel is 2.285 MW gecommiteerd)
Over de doelen voor 2020 bestaat nog onzekerheid maar het kabinet geeft steeds meer signalen af dat ook zij (in navolging van onderzoek van ECN, PBL en PWC) begint in te zien dat de haalbaarheid twijfelachtig is. Er zijn al aanvullende maatregelen genomen (crisispakket) maar "aanvullend beleid wordt voorbereid, zodat dit direct effectief gemaakt kan worden als bij de evaluatie volgend jaar blijkt dat dat nodig is", zo schrijven de betrokken ministers.
In de verkenning van ECN en Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) van 30 april zijn de feiten echter al keihard: het huidige beleid komt niet verder dan maximaal 23% CO2-reductie in plaats van 30%, het resulteert alleen met 6,7 miljard Euro extra in maximaal 15% duurzame energie in plaats van 20% en van de beoogde 2% energiebesparing gemiddeld per jaar wordt maximaal 1,5% gehaald.
Om het maximum van 15% duurzame energie te halen is waarschijnlijk 35% duurzame stroom (=11,4% duurzame energie) nodig. Dat vergt 6,7 miljard Euro extra voor 2011-2020. Dat geld zal dus moeten komen op basis van de zinsnede in het crisisakkoord over de "ruimere en robuuster" financiering van de SDE uit een heffing op de energierekening. Daar staat: "Zo wordt langjarige zekerheid gegeven over de beschikbaarheid van voldoende middelen om de ambitie van 20% duurzame energie in 2020 te realiseren". Maar omdat bij die nieuwe financiering "de koopkrachteffecten en budgettaire beheersbaarheid worden meegewogen" stelt ECN/PBL dat het beschikbare budget voor de SDE dus nog niet bekend is. Met de huidige budgetten, inclusief crisispakket, komen we in 2020 niet verder dan 5% duurzame energie en 12,3% duurzame stroom.
Wat vervolgens glashelder naar voren komt uit de verkenning is dat die 12% duurzame stroom vooral afhankelijk is van het aandeel windenergie (80%, geen bijstook biomassa). Windenergie levert dan in 2020 met 4.000 MW op land en 1.700 MW op zee ca. 9% van alle stroom (154 miljard kWh). Maar ook bij 35% duurzame stroom moet nog 60% van windenergie komen (en 10% van bijstook biomassa). Windenergie staat dan genoteerd met 6.000 MW op land en 6.000 MW op zee, wat goed is voor 21% van alle stroom.
De grote bijdrage van windenergie komt vooral door de prijs. De kostprijs van wind op land daalt van nu 9,4 Eurocent per kWh naar 8,7 Eurocent/kWh in 2012 en blijft dan volgens de aannames van ECN/PBL gelijk t/m 2020. Wind op zee daalt van 18,6 nu, via 15,9 in 2012 naar 11,3 in 2020 (alles inclusief inflatie).
Het rapport stelt dat "een percentage van 35% duurzame stroom nog technisch realiseerbaar wordt geacht", maar dan moet er een verplichting of toereikende subsidie komen voor bijstook van biomassa. Om de winddoelen te halen "dienen barrières van maatschappelijk en institutionele aard verminderd te worden, zoals weerstand bij gemeenten, hoogtebeperkingen en ongedwongen clustering". De Rijkscoordinatieregeling alleen lijkt hiertoe niet voldoende". Bepleit het ECN gedwongen clustering als paardemiddel? Het is verder volstrekt onduidelijk waarom alleen deze aspecten genoemd worden en niet de welhaast nog veel belangrijker economische aspecten van het SDE-systeem zoals de hoogte en het verloop van het basisbedrag en de idiote uitbetalingswijze (Euro's per kW i.p.v. per kWh !)
Stichting Natuur en Milieu geeft in haar reactie o.a. te kennen dat zij haar streven van 8.000 MW Nederlands vermogen op de Noordzee los laat. In plaats daarvan zou Nederland bovenop de 6.000 MW op zee van het 35% scenario extra 2.000 MW op de Noordzee moeten realiseren met gemeenschappelijke EU-projecten. SNM meent dat de feiten nu concreet genoeg zijn om aanvullend beleid te maken, en niet te wachten op de evaluatie in 2010.
Commentaar WSH Minister Cramer heeft het vaak over "meters maken" maar "we schieten geen meter op" dekt de praktijk beter. Ernstiger is dat er nog steeds geen aandacht is voor de stagnatie van de belangrijkste peiler onder het doel voor duurzame stroom: windmolens. Tien jaar is nog een flinke tijd maar de aard van het beestje maakt het mogelijk om al een flink aantal jaren vooruit te kijken en dat stemt niet vrolijk. De SDE-wind op land is ondeugdelijk en wordt deels geboycot. In het eerste half jaar van 2009 nam het windturbinevermogen zelfs af in plaats van toe. Van de beoogde 2.000 MW aan subsidietoekenningen is (in 2008) nog maar 90 MW gerealiseerd. Er zou toch op zijn minst enig zicht moeten zijn op welke manier, onder welke voorwaarden en wanneer de vereiste stroomversnelling op gang gaat komen. Maar zelfs na twee jaar falend beleid is er geen enkele actie en we moeten waarschijnlijk concluderen dat de belangrijkste peiler inmiddels al stiekem is opgegeven en is ingewisseld voor de elektrische auto met kolen- en kerncentrales.
Antwoorden (16-4) op Kamervragen van debat 3 maart j.l.. ("Paasbrief") Kabinetsbrief aan Kamer 30 april 2009 Verkenning Schoon en Zuinig door ECN/PBL, 30 april 2009 Schoon en Zuinig, verkenning PBL november 2008. "Projectenboek", VROM juli 2008
Andre Wakker, adviseur energiebeleid bij het ECN, schreef op persoonlijke titel een pleidooi voor kernenergie in de NRC van 6 juli 2008: "Duurzame energie is emotie".
22 april 2009
De plaatselijke actiegroep tegen het windpark Rijnwoude heeft misschien toch een succesje behaald. Het park kon niet worden tegengehouden maar na onderzoek maakten ze, naar nu blijkt, met succes bezwaar tegen het in hun ogen veel te lage bedrag voor de bouwleges. Ontwikkelaar Prodeon zou, op advies van leverancier Vestas, veel te lage bouwkosten hebben opgegeven. Een uitspraak van de Belastingkamer van het Gerechtshof in Amsterdam bepaalde in 2003 dat wat in de molen zit (generator, tandwielkast e.d.) bij die kosten wel degelijk meetelt. Zonder deze apparatuur is het geen functionerende molen.
De Rijnwoudse windmolenkwestie staat landelijk in de belangstelling, omdat mogelijk veel meer gemeenten te lage bouwleges ontvingen door onjuiste opgaven van de bouwkosten voor windmolens. De gemeenteraad en het college van Rijnwoude vermoeden dat Prodeon dat bewust heeft gedaan. Zij baseren zich op conclusies van bureau IGG dat een herberekening maakte van de bouwkosten voor de vier windmolens. Die bleken geen 6,1 maar 11 miljoen euro te hebben gekost. Het gaat om vier stuks Vestas V 90 van 3 MW elk. De gemeente Rijnwoude heeft nu besloten tot een navordering van 120.000 Euro.
In Binnenlands Bestuur van 22 april zegt Bert van der Sluis van Prodeon verbaasd te zijn over de navordering die Rijnwoude gaat aankondigen."Het college heeft vorige maand nog expliciet gezegd dat in alle onderzoeken de afgelopen drie jaar geen nieuwe feiten boven tafel zijn gekomen en dat wij te goeder trouw hebben gehandeld. Er is dus geen grondslag voor die naheffing. Dat ze deze procedure nu toch inzetten, getuigt van onbehoorlijk bestuur." Meer hierover in Binnenlands Bestuur, 22-4-2009. Ook in de gemeente Moerdijk speelt de kwestie.
De Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) adviseerde 16 juni 2009 haar leden bij de raming van de bouwkosten ook de elektrotechnische installaties in de turbine mee te laten tellen bij de kosten waarover bouwleges betaald moeten worden, zie advies VNG .
20 april 2009
Tijdens de Kamerdiscussie over de SDE zei Diederik Samsom (PvdA) op 3 maart naar aanleiding van CDA-voorstellen om "windgeld" naar andere sectoren over te hevelen nog dat het daarvoor wat hem betreft nog veel te vroeg is, maar ook dat "alles bespreekbaar is als de doelen maar sneller gehaald worden". Hij is nu echter de eerste die met een concreet voorstel komt om 72 miljoen Euro van wind op land over te hevelen naar zonnepanelen want "ik ben bang dat dat geld toch niet op gaat", zo zei hij gisteren in "Vroege Vogels". Het effect is wel dat het doel van 20% duurzame energie weer wat verder weg komt te liggen want met die 72 miljoen kan met wind op land ruim 6 keer zoveel stroom geleverd worden als met zonnepanelen. En de haalbaarheid van dat doel hangt toch echt helemaal af van wind op land dus er zou alles aan gedaan moeten worden om er voor te zorgen dat de budgetten benut kunnen worden.
"Wind op land" moet zich nu echt zorgen gaan maken. We mogen aannemen dat ten Hopen van het CDA nu wat extra voor biomassa wil en Jansen van de SP zal wel wat meer voor wind op zee willen. Het was al een onzekere business door de jaarlijkse vaststelling van beschikbare budgetten, maar nu ziet het er naar uit dat er ook tijdens de jaarlijkse rit aan geknabbeld gaat worden. Maar misschien is de te verwachten discussie over budgetuitputting en verschuivingen wel een beoogd effect van Samsom en wordt het een opmaat om eens serieus te gaan nadenken over een beter systeem dat zonder jaarlijkse rantsoenering het maximale uit duurzame energie weet te halen. Zie ook: antwoorden (16-4) minister op Kamervragen van debat 3 maart j.l..
17 april 2009
In Nederland wordt al vele jaren intensief en met succes campagne tegen windenergie gevoerd. Vooral door lokale oppositie (gemeenteraden en -besturen, lokale bevolking, natuur- en milieuorganisaties) zijn tientallen projecten naar de prullenbak verwezen. Tegenstanders worden gemotiveerd doordat zij overal en bij herhaling de bezwaren en problemen van windenergie besproken en bevestigd zien. In de kleine details van de kranten is te zien hoe die vooroordelen en misverstanden overal en bij iedereen, ook bij de journalisten en ook bij voorstanders en molenaars, zijn doorgedrongen. Ik lees sinds een jaar De Volkskrant en zie hoe ze leven bij de berichtgevers. Vaak is dat te zien in onderdelen van een artikel over energie en milieu waar windenergie zijdelings ter sprake komt. In een enkel zinnetje blijkt dan het vooroordeel of het misverstand door regels als "een groot nadeel van windenergie is dat het niet altijd waait" en "windenergie levert maar 0,2% van de energiebehoefte". Vandaag was correspondent Gert-Jan van Teefelen aan de beurt. In een artikel over de strijd van Schotland tegen de Engelse druk om ook daar kerncentrales te bouwen schrijft hij over windenergie het volgende:
"De duurzame ambities van de Schotse Nationale Partij vallen niet overal goed. Op het eiland Lewis maakten duizenden mensen bezwaar tegen 53 windmolens, die naar verwachting gewoon zullen worden gebouwd. De financiering van diverse projecten is echter in gevaar door de kredietcrisis. Daar komt bij dat windenergie zelfs in Schotse contreien niet altijd betrouwbaar is door gebrek aan wind. De Schotse regering hoopt dat getijde-energie op termijn uitkomst biedt".
De verwerkte vooroordelen / misverstanden (of standpunten ?) zijn glashelder:
- windparken worden toch doorgedrukt door de groene ambities van Schotland - mensen zijn tegen windenergie - windenergie is slachtoffer van de kredietcrisis - wind is onbetrouwbaar (veronderstelde back-up noodzaak) - windenergie is niet de moeite waard, andere bronnen moeten het probleem oplossen.
De niets vermoedende krantenlezers moeten wel denken: zie je wel, dat wordt niks met wind. En je kunt het ze niet kwalijk nemen want hoe zou men beter moeten weten ?
De feiten die worden aangedragen zijn echter voor het grootse deel onjuist maar zo waargenomen (of er bij gesleept) dat de vooroordelen bevestigd worden:
1. Het windpark op Lewis (westkust, Hebriden) is definitief afgewezen door de Schotse regering omdat het in een zwaar beschermd moerasgebied zou komen met zeer belangrijke vogelpopulaties. De ontwatering zou mogelijk grote hoeveelheden CO2 doen vrijkomen. Het zou ook verreweg het grootste windpark van Europa worden, niet met 53 maar met 181 molens (650 MW). Een tamelijk idioot project dus van British Gaz en helemaal niet zo onlogisch die tegenstand en zeker geen bewijs voor de stelling dat "de groene ambities niet overal goed vallen". Sinds de SNP aan de macht is werd vorig jaar 1.200 MW wel vergund. "Er worden nu tenminste beslissingen genomen", zei de energieminister. Het grootste windpark van Schotland (en Europa) staat onder Glasgow, Whitelee met 89 stuks Siemens, totaal 322 MW. Een nog groter park van 456 MW is onlangs vergund.
2. Windenergie is geen moeilijke oplossing als gevolg van problemen door de kredietcrisis. Integendeel, dankzij goede steunprogramma's is de cash-flow van projecten zeer solide en hebben windparken relatief minder last van financieringsproblemen dan vele andere sectoren.
3. Het windaanbod van Schotland is het hoogste van Europa, zie de Windaanbodkaart van Europa. Natuurlijk waait het ook daar niet altijd maar dat is geen probleem. Zie Proefschrift Bart Ummel. Er wordt gesuggereerd dat het licht uit gaat als de wind wegvalt.
4. De duurzame ambities van Schotland moeten voor het allergrootste deel worden ingevuld door windenergie. Schotland herbergt nu 50% (1.640 MW) van het windvermogen van het UK en dekt daarmee bijna 20% van de stroombehoefte. Over twee jaar moet dat 30% zijn en in 2020 moet de 50% bereikt zijn. Er is nu 660 MW in aanbouw en 2.200 MW vergund (zie:Statistics UK). Die 50% is dus met gemak te halen.
Getijde-energie is het stadium van testen met prototypes nog niet voorbij en ik vraag mij af of het juist is dat de Schotse regering hoopt dat op termijn getijde-energie uitkomst biedt. De schrijver wil hier mijns inziens alleen maar mee suggereren dat windenergie ook volgens de Schotse regering niet de moeite waard is.
Energieminister Jim Mather van de SNP: "Wij zullen dat potentieel benutten (60 GW duurzaam vermogen waarvan 10% nodig is voor de doelstelling) en niet de waarschijnlijk kostbare en schadelijke vergissing maken door ons in te laten met kernenergie. Onze bevolking wil dat niet en we hebben het niet nodig". (september 2008 in w.o.r.)
Kortom, de vooroordelen tieren welig en blijven nog tot in lengte van jaren voedsel voor (lokale) oppositie die met "Urk", "het grootste windpark van Europa rond een vissersdorpje", wellicht een hoogtepunt gaat krijgen. 10-punten folders en discussies op de Maasvlakte voor het windwereldje zullen hier weinig aan kunnen veranderen. Te laat en er is 100 keer meer nodig om de opgelopen schade te herstellen. Het tegengif zit in de "hearts en minds" van teveel mensen.
P.S.: Zie je wel !!
Een dag later, in de zaterdageditie van De Volkskrant, wordt mijn stelling van hierboven dat alle journalisten behept zijn met vooroordelen en misverstanden over windenergie (als ze al niet gewoon tegenstanders zijn) bevestigd met de column van Maarten Keulemans in het wetenschapskatern. Hij had het artikel in het economie-katern over de testresultaten van de mini-molentjes in Schoondijke gelezen (overigens een uitstekend verhaal van Michael Persson, alleen de uitleg over de vermogenscurve is mis gegaan). Daarin werd verhaald over de derde-machtsrelatie van wind en vermogen zodat een molen acht keer zoveel levert als het maar twee maal zo hard waait. Klopt, maar Maarten had al in zijn achterhoofd dat windenergie niet deugt en maakt er van dat het eigenlijk moet stormen om een beetje stroom te produceren. "Roulette-wielen" zijn het volgens hem en schakelt en passant de mini's voor het gemak maar even gelijk aan echte windturbines. Hij weet kennelijk niet dat het in Nederland bijna nooit stormt en dat we het dus juist WEL van de lage windsnelheden moeten hebben. Zie de column Windhandel .
Het is allemaal om moedeloos van te worden. Tegengas is er niet. Tegenover 30 publicaties van de tegenstanders met de bekende vooroordelen, bezwaren en kritiek die al vele jaren vooral in de regionale kranten breed worden uitgemeten, staat er 1 van de windlobby. Op 20 juli nog deed het Reformatorisch dagblad een dubbeltje in de pong met reacties op het kabinetsvoornemen om wind op land te verdubbelen. Uitslag: 4:1 voor de tegenstanders want Ton Hirdes van NWEA moest het opnemen tegen maar liefs vier tegenstanders. Zie: Reformatorisch Dagblad 20 juli 2009.
Er zijn alleen een paar (verouderde) folders en een website van de branche-organisatie die niemand kent met wat vage algemene praat in de trand van "wind is goed voor u" en kom nou maar over de brug met die subsidies. Zie de pagina Feiten die pleiten voor windenergie van NWEA (De opvolger van de folder "Zin tegen onzin over windenergie") en een aparte website met informatie en feiten van NWEA onder de titel "Verder met Wind". "Feiten die pleiten" staat als .pdf bij Vereniging ODE. Daar staat ook nog de ECN-brochure "Alles in de WInd"(oktober 2004). Een echt mooie brochure is er over offshore: Roadmap 20.000 MW We@Sea. Het ministerie van VROM presenteerde op winddag 2009 (15 juni) eindelijk weer eens een aardige brochure: "De groei van windenergie op land". Downloaden bij VROM. Alleen de tabel onderaan de derde kolom komt van WSH, maar daarbij ontbreekt de datum en het is niet 1.040 kWh per KUBIEKE meter maar per VIERKANTE meter (rotoroppervlak).
30 maart 2009
Het ministerie van Defensie volhardt in het handhaven van haar normen ten aanzien van bouwhoogten rond radarinstallaties. Die mogen voor gebouwen en windturbines binnen een straal van 28 kilometer de 45 meter niet overschrijden. De Volkskrant meldt nu dat het ministerie de normen serieus neemt en in toenemende mate problemen ondervindt met hoogbouwplannen en windturbines. TNO onderzoekt de verstoring en als die meer dan 10% bedraagt geeft defensie geen toestemming. Het ministerie zegt wel bereid te zijn tot overleg. Windturbineprojecten in Zeewolde, Houten, Rozendaal en Woensdrecht, die eerder werden afgewezen, zijn opnieuw onderzocht en zouden nu toch doorgang kunnen vinden mits "ze kiezen voor een bepaald soort windturbine". Radarinstallaties staan in Den helder, Soesterberg, Leeuwarden, Wier (Fr.), Twente, Nieuw Milligen en Volkel. Het totaal aan cirkeloppervlak met een straal van 28 kilometer beslaat ongeveer half Nederland. Een woordvoerder van het ministerie van VROM zegt in De Volkskrant dat bij 13 % van de geplande projecten, ongeveer 600 MW, de radarproblematiek een factor van belang is. VROM en ook de VNG leggen al enige tijd druk op Defensie. Dat zegt medio 2010 met een nieuwe, wellicht soepeler toetsingsmethode te komen.
Volkskrant, 30 maart 2009
25 maart 2009
Vanmiddag presenteerde premier Balkenende het resultaat van de kabinetsonderhandelingen over de aanpak van de economische crisis. Van de voorgenomen 6 miljard aan investeringen wordt vanaf 2014 voor 15 jaar 160 miljoen per jaar gereserveerd voor 500 MW extra wind op zee, bovenop de al gereserveerde 450 MW. Bij de uit te schrijven tender eind dit jaar kan dus in totaal voor 950 MW toegezegd worden. Brancheorganisatie NWEA zegt in een reactie dat hiermee slechts een beperkt deel van de beoogde 6.000 MW is gefinancierd en bepleit dat nog dit kabinet de volledige financiering van 6.000 MW zeker stelt. (zie ook: stand van zaken vergunningaanvragers )
Verder zal de financiering van de SDE gewijzigd worden:
"Om een schone en zuinige energievoorziening voor de toekomst veilig te stellen, zal de SDE in zijn huidige vorm blijven bestaan, maar zal deze ruimer en robuuster worden gefinancierd uit een opslag op het elektriciteitstarief. Zo wordt langjarige zekerheid gegeven over de beschikbaarheid van voldoende middelen om de ambitie van 20% duurzame energie in 2020 te realiseren. Bij de uiteindelijke vormgeving zullen de koopkrachteffecten en de budgettaire beheersbaarheid worden meegewogen. De vrijvallende middelen op de EZ-begroting worden aangewend voor lastenverlichting". Meer details worden in het kabinetsstuk getiteld "Werken aan Toekomst", een aanvulling op het regeerakkoord "Samen werken, samen Leven", niet genoemd, ook niet wanneer de invoering is gepland.
Beide maatregelen voor windenergie hebben overigens de eerste jaren nauwelijks of geen effect op de economie of de Rijksbegroting. De windparken op zee worden op z'n vroegst pas over 5-6 jaar gebouwd en hebben pas dan subsidie nodig. De opmerking dat de vormgeving van de financiering zal afhangen van de effecten op koopkracht en de budgettaire beheersbaarheid doet het ergste vermoeden. Net als bij de SDE zullen er wel weer degelijke deksels op de te subsidiëren vermogens worden gezet. Minister van der Hoeven heeft niet voor niets keer op keer gezegd dat zij de financiering door een opslag op consumententarieven verwerpt vanwege de koopkrachteffecten.
Bij een bespreking in de Tweede Kamer op 7 april bleek dit inderdaad het geval: het hele SDE-systeem inclusief budgetplafonds blijft volgens de minister gehandhaafd, alleen de financiering wordt anders. Diederik Samsom las de tekst over de "langjarige zekerheid over de beschikbaarheid van voldoende middelen voor 20% duurzame energie" echter zo dat er vele miljarden bij zullen moeten komen.
Alles over de SDE bij: SDE 2009 en Waarom de SDE niet deugt . En hier over verschillen en overeenkomsten tussen SDE-NL en E.E.G.-Duitsland
23 maart 2009
Het aandeel van fossiele bronnen in de Nederlandse stroomproductie daalde van 90% in 1998 naar 85% in 2005. Het grootste aandeel had de opwekking met aardgas. Dat percentage steeg van 57% in 1989 naar 59% in 2008. In absolute zin steeg de fossiele productie echter met 8% sinds 1998 naar 90 miljard kWh in 2008.
Van de in Nederland geproduceerde elektriciteit werd in 2008 9% opgewekt met duurzame bronnen, een verviervoudiging sinds 1998. Vooral de stroomproductie uit biomassa en windturbines neemt sterk toe. Tussen 2005 en 2008 verdubbelde de stroomproductie met windturbines naar 4 miljard kWh. Van alle geconsumeerde stroom (ook de geïmporteerde) werd in 2008 7,5% duurzaam geproduceerd.
In 2008 was het aandeel windenergie in het totale primaire energiegebruik 1,04%. Alle vormen van biomassa hadden het grootste aandeel met 2,15 % en zonne-energie leverde 0,04%. Alle duurzame bronnen samen leverden 3,4%. In 2007 was dat 2,9%. Het NL-doel voor 2020 is 20%. Van de EU moet het 14% worden.
CBS, web magazine en CBS-Statline .
23 februari 2009
Dankzij vooral een forse toename van het windvermogen is in 2008 de productie van duurzame stroom in 2008 toegenomen van 6,0% in 2007 naar 7,5% van het binnenlands verbruik. De productie van windstroom nam met een kwart toe en leverde de helft van alle duurzame stroom. Ook de productie met biomassa steeg weer, na stagnatie in 2006. In het kader van Europese afspraken moet het percentage duurzame stroom in 2010 zijn opgelopen naar 9%.
(Bericht CBS )
13 februari 2009
Rijk, Provincies en gemeenten hebben nieuwe afspraken gemaakt over de aanpak van windenergie op land. Vooral de procedures moeten korter, er komt voorlichting en hulp van "windteams". En eind 2009 moet er een keuze gemaakt worden uit twee te maken plaatsingsmodellen voor de termijn na 2011. Dat melden de ministeries van VROM, EZ, en LNV in een gezamenlijk persbericht:
De ministers Cramer (VROM), Van der Hoeven (EZ) en Verburg (LNV) hebben met
provincies (IPO) en gemeenten (VNG) nieuwe afspraken gemaakt over meer
windenergie op land. Door het inzetten van windteams, het instellen van een
helpdesk en eenduidige informatievoorziening moeten windenergieprojecten sneller
gerealiseerd worden. Ook gaat het Rijk door met het wegnemen van belemmeringen
in de regelgeving op het gebied van radar, geluid en rentabiliteit. - het bundelen van vooral grote windmolens in grootschalige windparken - het combineren van windmolens met bedrijventerreinen, havengebieden of met grootschalige infrastructurele projecten
(persbericht VROM , bijna volledig overgenomen)
Noot: Uiterst opmerkelijk is dat het potentieel van een derde model, het realiseren van projecten / locaties waarvoor lokaal draagvlak bestaat, niet onderzocht wordt. Men wil kennelijk vooral top-down plannen en regulieren.
9 februari 2009
Het Internationaal Energie Agentschap (I.E.A.) is de energie denktank van de twintig rijke westerse OESO-landen. Wie ook maar een beetje geloof hecht aan een duurzame energievoorziening noemt de I.E.A. een (aarts)conservative belangenbehartiger van de gevestigde fossiele belangen. Nog maar anderhalf jaar geleden werd in een rapport over het Duitse beleid bijvoorbeeld geadviseerd het (voor duurzame energie) uiterst succesvolle feed-in tarief af te schaffen en te vervangen door een quota-systeem zoals in Engeland en Duitsland. Daarvan is bekend dat het vooral gunstig is voor de traditionele energiebedrijven en dat het leidt tot onnodig hoge vergoedingen voor geleverde stroom. In Italië bijvoorbeeld ontvangt men niet ongeveer 9 cent per kWh, zoals in de landen met een feed-in tarief, maar 17-18 cent voor een kWh windstroom. Energiebedrijven zijn er gek op maar het lukt ze niet om het lokale draagvlak te krijgen voor de benodigde vergunningen. Ook in Engeland functioneert windenergie op land daardoor nauwelijks. Het potentieel aan duurzame energie wordt door IEA systematisch onderschat (zie b.v.: WWEA kritiek op IEA ) en dat van kernenergie overschat (zie o.a. bij Hermann Scheer in Financieel Dagblad.)
Vorige week werd overigens het oprichtingsprotocol voor de duurzame tegenpool IRENA (International Renewable ENergy Agency) ondertekend door 75 landen, waaronder Nederland. Het was het resultaat van tien jaar werk van vooral Duitsland (trekpaard Hermann Scheer, de Duitse windclub BWE en de World Wind Energy Association, W.W.E.A.) Meer o.a. bij: WWEA.
Vorige week verscheen het vierjaarlijkse I.E.A-advies over het Nederlandse energiebeleid. Het rapport is vol lof omdat het volgens IEA goed ingaat op de aspecten zekerheid, efficiency en duurzaamheid (let op de volgorde !). Naast de gebruikelijke aanmoediging om de bouw van kerncentrales te bespoedigen was er eigenlijk alleen maar (een beetje) kritiek op het duurzame energie beleid. Dat beleid gaat volgens IEA weliswaar goed in op klimaatverandering, duurzaamheid en efficiency maar "Nederland staat nu voor de uitdaging om die ambities waar te maken want die ambities zouden wel eens uiterst moeilijk haalbaar kunnen zijn en er zou meer aandacht besteed kunnen worden aan de uitvoering van het beleid, aan de naleving en aan de bewaking van de voortgang".
Directeur Tanaka voegt er aan toe dat een stabieler lange termijn
stimuleringsbeleid nodig is voor het investeringsklimaat. "De regering zou
maatregelen moeten overwegen om niet-economische belemmeringen op te ruimen,
bijvoorbeeld door de procesgang te stroomlijnen en transparanter te maken. Als
Nederland zó snel 20% hernieuwbare energie wil bereiken, lijkt een extra
inspanning noodzakelijk’, schrijft IEA-directeur Tanaka. En bij de presentatie
werd ook nog gemeld dat het SDE subsidiesysteem niet deugt. IEA beveelt nu
zowaar aan dat er een feed-in tarief moet komen, waarbij vooral van belang is
dat de financiering van de subsidies uit de Rijksbegroting wordt gehaald.
18 januari 2008
Afgelopen vrijdag hield prof dr. Gerard van Bussel zijn intreerede aan de TU-Delft ter gelegenheid van zijn aanstelling als hoogleraar windenergie. Op vrijdag 16 januari stond windonderzoek centraal op de TU Delft. Niet alleen wordt de nieuwe Open Jet Facility (OJF) geopend, ook is er een symposium over windtunnelonderzoek. Van Bussel voorziet een grote groei van de Nederlandse windenergie-productie met offshore windturbines met rotordiameters tot 200 meter. De OJF heeft een uitstroomopening met een oppervlak van 2,85 x 2,85 meter en genereert windsnelheden tot 35 m/s (windkracht 12)
Van Bussel Van Bussel: ‘Wind was en wordt voor Nederland belangrijk. Nederland produceert nu 4,5% van haar elektriciteit met windturbines maar dat kan en moet flink omhoog. Denemarken produceert al 23% van zijn elektriciteit met windenergie en heeft zich ten doel gesteld om het aandeel te laten toenemen tot 50 %.’ ‘Toekomstige offshore windturbines kunnen een flink stuk groter worden met diameters van 170 tot 200 meter en een vermogen van 10 MW. Zo kan de productie van windstroom op zee een flink stuk stijgen. Een ophoging naar 10.000 MW wordt dan mogelijk. En met 14.000 MW totaal geïnstalleerd windvermogen kan ook in Nederland 35 - 40% van de elektriciteitsbehoefte worden gedekt.’
Persbericht TU-Delft
Woudsend, 9 januari 2009
In 2008 is het Nederlandse windvermogen met netto 468 MW toegenomen tot 2.216 MW, waarvan 228 MW op de Noordzee. In een gemiddeld windjaar wordt nu 5,2 miljard kWh geproduceerd. Dat is goed voor 4,5% van de totale stroombehoefte. Dit zijn de cijfers zoals die dor WSH zijn vastgesteld op basis van informatie van exploitanten en fabrikanten. In het verleden is gebleken dat deze cijfers weinig afwijken van de definitieve cijfers van het CBS.
Er kwamen in 2008 224 nieuwe turbines bij met een vermogen van 490 MW. Er werden 63 turbines met een vermogen van 22 MW uit gebruik genomen. De record nieuwbouw komt voor 77% voor rekening van twee grote projecten: 264 MW rond de Eemshaven (projectinfo) en 120 MW met het Noordzeewindpark Prinses Amalia ( projectinfo ).
In 2008 werd met 60% van het aantal nieuwe turbines bijna vijf maal zo veel vermogen gerealiseerd als in 1995. De gemiddelde productie van nieuwe turbines is toegenomen van 3 miljoen kWh in 2005 naar ruim 6,5 miljoen in 2008.
In 2008 werd 4,2 miljard kWh geproduceerd (CBS, windproductie per maand). Dat is 24% meer dan in 2007. De toename wordt voornamelijk veroorzaakt door het toegenomen vermogen. Het windaanbod was in 2008 nauwelijks 1% hoger dan in 2007. Zie daarvoor: Nieuws windaanbod 2008-2009. De markt van 2008 werd voor 98% gedomineerd door Vestas (255 MW, 52%) en Enercon (228 MW, 46%). Nordex leverde 7,5 MW.
Het aandeel van de energiebedrijven in het nieuwe vermogen was met 53% (263 MW) alleen in 2000 ongeveer even groot. In alle ander jaren werd verreweg het meeste gerealiseerd door private partijen. De grootste projecten van een energiebedrijf waren het 50% aandeel van Eneco in de 120 MW op de Noordzee en 156 MW van Essent in de Eemshaven. Electrabel realiseerde daar 27 MW. Eneco realiseerde verder nog 10 MW bij Stampersgat en NUON bouwde 8 MW bij Echteld en 3 molens van 800 kW op de dijk bij Enkhuizen.
In de gemeente Eemsmond wordt nu verreweg de meeste windstroom geproduceerd: 885 miljoen kWh in een 100% windjaar, dat is 17% van het landelijke totaal. Zie Gemeenten top 93. Zeewolde zakte naar de tweede plek en levert nu 9%.
De provincie Flevoland produceert nog steeds de meeste windstroom (22%), maar Groningen is opgestoomd naar de tweede plaats met 21%.
De vooruitzichten voor 2009 zijn niet goed. De afgelopen jaren zijn vooral door lokale weerstand erg veel projecten vertraagd of afgewezen. Een tweede belangrijke handicap is nu een ondeugdelijk subsidieregime (SDE) en extra problemen bij b.v. de financiering door de kredietcrisis. Op dit moment is 17 MW in aanbouw.
Zie de actuele statistieken.
Meer over windenergie in Nederland:
- Cijfers per fabrikant en per provincie - VROM-projectenboek en haalbaarheid pijplijn van 2.000 MW bij VROM
|
|
|
|
|
Jaap Langenbach Dwerssteech 8 8551 SB Wâldsein Fryslân, Nederland, Tel. + 31 514 - 592 536
Member of WWEA |