WSH-Nieuws-Offshore-2009

 

 

Alles over Windenergie

 

 

 

 

 

 

 

 

Laatste Nieuws

  Member of WWEA    
Fabrikanten en bedrijven Marktontwikkeling Klimaatcrisis English
Kleine Windmolens Windparkenkaart   Contact
Molenproducties  Cijfers Incidenten FAQ
  Techniek Kosten-Baten Links

 

 

Google  Zoeken op WSH-site

Nieuws

Offshore

2009 - 2010

 

  Operational: 2.134 MW

Under Construction: 3.368 MW

 

Ecofys levert on-line manager offshore windparkbouw

 

 

14 maart 2010

 

Adviesbureau Ecofys (nu onderdeel van energiebedrijf Eneco) heeft een programma beschikbaar gemaakt om on-line de voortgang van de bouw van een offshore windpark te managen en informatie over de stand van zaken van alle onderdelen te delen onder contractanten. In het programma "Trident" kunnen bijvoorbeeld posities van schepen, actuele weersverwachtingen en geplande activiteiten door alle deelnemers bekeken en afgestemd worden. Trident wordt momenteel voor het eerst toegepast bij de bouw van het Belgische windpark Belwind (zie Belwind). Belangstellenden kunnen drie maand lang een demo bekijken en uitproberen waarbij de makers vooral uitzijn op tips voor het optimaliseren en aanpassen aan de behoeften van gebruikers.

 

Trident

 

 

 

Engeland en Duitsland trekken offshore kar

 

 

13 januari  / 11 maart 2010

 

Wind op zee maakt met 2.134 MW nog maar 1,4% uit van het wereldwijd opgestelde windvermogen. En dat aandeel zal de komende jaren niet snel veel groter worden. Pas over een jaar of tien begint het ergens op te lijken, als de verwachte groei van de sector doorzet. Marktonderzoeker EER verwacht in haar laatste marktstudie voor 2020 een totaal van ongeveer 45.000 MW offshore. Op land wordt dit jaar alleen al een toename met 45.000 MW verwacht en zal de 200.000 MW bereikt worden. De World Wind Energy Association (zie verslag WWEA) verwacht in haar laatste evaluatie van de wereldmarkt dat in 2020 al 900.000 MW wordt bereikt. Het offshore aandeel stijgt dan dus naar 5%.

De nadelen van offshore (relatief zeer hoge kosten, nog lang niet uitontwikkelde techniek, ontbrekende elektrische infrastructuur en bouwcapaciteit) maken een echt grote vlucht pas over een jaar of 10-15 mogelijk. Vertragingen (zeer grote financieringsbehoefte) in het ontwikkeltempo kunnen desastreus zijn voor het benodigde politieke draagvlak (veel subsidie nodig) en de roep om atoomstroom en CCS versterken.

 

Toch zijn er een paar landen die van offshore wind afhankelijk zijn om ook de kortere termijn doelstellingen voor duurzame stroom te kunnen halen (2020). Engeland is daarvan de belangrijkste exponent. Ondanks een zeer hoog windaanbod en een groot landoppervlak is wind op land daar nauwelijks van de grond gekomen door ontbrekend maatschappelijk draagvlak. 80% van de voorgestelde projecten wordt afgeschoten door lokale autoriteiten en het VK produceert met 4.000 MW nog geen 2% windstroom (Nederland 4%, Duitsland 8%). Om de Europese doelstelling van 14 % duurzame energie te kunnen halen moet de Engelse stroomvoorziening in 2020 voor 40% duurzaam zijn. En daar moet windenergie dus het leeuwendeel van leveren en dat kan alleen met wind op zee. Engeland gaat er voortvarend mee aan de slag en gaat met 10 projecten en totaal ruim 800 MW uit de eerste twee rondes op kop. Over een jaar of 5-7 wordt dat rond de 8.000 MW. Daarna moeten de grote klappen komen met negen gereserveerde regio's in ronde 3 die dan het totaal op 32.000 MW moeten brengen, hetgeen dan goed is voor 25% van de stroombehoefte.

 

Of dat vermogen al in 2020 operationeel zal zijn  is zeer twijfelachtig (zie rapport marktonderzoeker Datamonitor ) maar vorige week werd wel weer een belangrijke stap gezet door het verlenen van bouwconcessies voor de negen gebieden. De ontwikkelaars (samenwerkingsverbanden van de grote energiebedrijven en een paar private ontwikkelaars) kunnen nu aan de slag om de benodigde vergunningen binnen te halen, financieringen te organiseren en bouwstromen op gang te helpen. In 2015 moeten de eerste parken on-line gaan.

Als enige Nederlandse ontwikkelaar heeft energiebedrijf Eneco voor een locatie bij The Isle of Wight een concessie bemachtigd voor een (klein) park van 900 MW. De grootste klus is voor een consortium rond energiebedrijf RWE. Dat wil op 100 km uit de kust bij de Doggersbank rond de 9.000 MW realiseren.

 

Het tweede belangrijke offshore land is Duitsland met een gedegen filosofie die niet negatief ("offshore is nodig omdat het op land niet lukt" ) maar positief is gemotiveerd (offshore is nodig om 50% duurzame stroom in 2020 te halen, 2009 was 16%). Bedenken we bovendien het uitstekende financieringssysteem (het feed-in tarief en de door de staat betaalde netaansluiting is veel goedkoper dan het peperdure verhandelbare certificatensysteem in Engeland) en het feit dat er al voor ruim 10.000 MW aan vergunningen is afgegeven en voor meer dan 20.000 MW in de pijplijn zit (zie pijplijnoverzicht) en dat bovendien de infrastructuur (havens, fabrikanten en bedrijven) al volop in ontwikkeling is, dan heeft Duitsland (mede door een veel steviger politiek en maatschappelijk draagvlak) de beste papieren voor de langere termijn en is het zeer waarschijnlijk dat Duitsland de nu nog krappe voorsprong van Engeland binnen een paar jaar zal overnemen. Het si zelfs niet uitgesloten dat de Engelse offshore voortijdig instort door een onverhoedse politieke beslissing van een nieuwe Tory-regering die (nog) meer verwacht van  kerncentrales en CCS.

 

Bekendmaking concessies ronde 3 door Crown Estate

Persbericht Eneco en Engels energieministerie

Locaties ronde 1 & 2

Commentaar bij The Ecologist: Brown kletst onzin

 

Offshore-ontwikkeling World-Wide,

nieuwbouw en cumulatief vermogen per jaar, MW

 

 

 

 

 

               

 

 

Overzicht procedures ca. 950 MW Offshore Noordzee Nederlandse E.E.Z.

 

Vanaf februari 2005 zijn door elf initiatiefnemers totaal 77 m.e.r. startnotities ingediend voor locaties die elkaar gedeeltelijk overlappen. Inmiddels is voor 18 van deze locaties een vergunningaanvraag ingediend. Nieuwe aanvragen zijn niet meer mogelijk. Elke aanvraag betreft een locatie van maximaal 50 vierkante kilometer en omvat in de regel 300-500 MW potentieel windvermogen. Wie het eerst een geldige en volledige milieueffectrapportage heeft ingediend, krijgt een bouwconcessie (exclusiviteit). Dat betreft nu 18 locaties, maar daarvan zijn er inmiddels 6 definitief afgewezen. Twaalf projecten kregen uiteindelijk, een aantal na beroepszaken tegen aanvankelijke afwijzingen, een definitieve vergunning. Er is vervolgens een tender gestart (zie antwoorden minister aan Kees Vendrik, Groen Links, 20-8-09 ) waar alleen projecten met een verleende vergunning tot 1 maart 2010 met een kostprijsaanbieding voor kunnen inschrijven.

Op 3 maart bleek dat tien bedrijven voor 10 verschillende locaties biedingen hebben gedaan, voor twee locaties was dus geen belangstelling. Die 10 bedrijven hebben om nog onduidelijke redenen voor diverse locaties meerdere biedingen gedaan, totaal 16. Zie: bericht Energiegids .

Uiterlijk in mei 2010 volgt uitsluitsel met subsidietoekenning SDE voor maximaal 700-1.000 MW (vermogen afhankelijk van de aanbiedingen, er is 4,5 miljard voor beschikbaar). Die projecten moeten vervolgens binnen 5 jaar gerealiseerd zijn. De overige projecten vervallen en in 2011 wordt een nieuw uitgiftesysteem voor andere locaties van kracht.

 

Aanvrager

Ingediende vergunning-

aanvragen  m.e.r.

Aanvraag volledig,

exclusiviteit verleend

m.e.r ter inzage

Vergunningen in ontwerp verleend

Afgewezen aanvragen

Vergunning

verleend

definitief *

Vergunning verleend, def.

MW (Max)

Resterende

procedures

 Evelop

  3

  3 (Helmveld, Rotterdan NW, Scheveningen-Buiten)

 1 (Scheveningen-B * )

2

1, (Scheveningen-B)

212

 1

 Eneco

  2

  2  ( Q 10, Callantsoog-N)

  1 (Q10 *)

1

1, Q 10

153

 1

  E-Connection

  5

  5 (Rijnveld Noord, Oost en West

  Brown Ridge Oost, Q4)

  1 (Q4 *)

3

2, Brown Ridge Oost en Q4

282 + 78

 2

 Airtricity *

  3

  3 (West-Rijn, Breeveertien-II

   Den Helder I)

  3

 

3

259

349

468

  3

 NUON *

  1

  1 ( Beaufort)

  (voorheen "Katwijk" * )

  1

 

1

279

  1

 Bard Engineering

  1

  1 (Bard Offshore NL 1)

  1

 

1

300

  1

 Eolic Power *

  1

  1 (EP Offshore  NL1)

  1

 

1

275

  1

 GWS *

  1

  1 (GWS Offshore NL1)

  1

 

1

300

  1

 RWE

  1

  1 (Tromp Binnen)

  1

 

1

295

  1

 TOTAAL

  18

  18

  12

6

12

3.200

  12

 

* beroep mogelijk t/m 2-02-2009, maar ongeacht de uitslag van beroepsprocedures kunnen al deze projecten meedoen aan de tender.

Persberichten V. en W. 29-6-2009  en  2-11-2009 en 8-12-2009 en 21-12-2009 .

 

Kaartje met de locaties van de 18 aanvragen

Noordzeeloket voor stand van zaken vergunningverlening

Kaartje met posities in ontwerp vergunde parken

Persberichten V en W. 29-6  en  2-11-2009

Zoekgebiedvariant 5 van NWEA

Tenderregeling categorie wind op zee (staatscourant)

Persbericht tender van EZ, 25-11-09

 

* Engeland, eigendom van Scottish & Southern Energy, SSE. Projectontwikkeling met DONG.

* Shell heeft zich teruggetrokken uit de samenwerking met NUON, begin mei 2009

Onderdeel van Bard

* De vergunningaanvragen voor deze locaties werden eerder in concept afgewezen

 

Het draaiboek voor de procedures voor 450 MW staat o.a. bij We@Sea .

Zie voor beleid/procedures voor 6.000 MW:  Brief aan Tweede Kamer van 4-4-2008 .

 

 

Tender start in november, uitslag mei 2010

 

In november, maar uiterlijk op 18 december opent de tenderregeling voor de subsidieverlening SDE aan windparken op de Noordzee met een totaal vermogen van rond de 950 MW. Volgens nieuwe berekeningen van het ECN vallen de kosten van wind op zee hoger uit dan eerder gedacht, maar de aanbiedingen zullen bepalen hoeveel vermogen met het beschikbare budget gerealiseerd kan worden.

 

Uiterlijk in de tweede helft van mei 2010 wordt bekend gemaakt welke projecten een SDE subsidie krijgen toegewezen. De geringe vertraging ten opzichte van de eerdere planning (maximaal 2 maand) wordt veroorzaakt doordat wellicht toch meer projecten dan de huidige negen een vergunning kunnen krijgen. De scheepvaart schept toch meer ruimte en de Kleine Mantelmeeuw behoeft minder bescherming.

De tenderregeling wordt in november in de Staatscourant gepubliceerd.

 

Kamerbrief E.Z. 1-10 over tenderregeling aan Tweede Kamer

Kamerbrief E.Z 3-9 over uitgiftestelsel en subsidies 6.000 MW

 

Jaarproducties offshore windparken

 

Het windaanbod loopt op de diverse locaties nogal uiteen. Ook jaarlijks varieert het windaanbod, aangegeven door de windexen, zie ook Deense windexen.

Rode jaarproducties zijn lager dan normaal door veel storingen of opstart tijdens dat jaar. Horns Rev werd in 2003-2004 geteisterd door tandwielkastproblemen. Deze werden in 2004 allemaal vervangen en andere onderdelen werden gerenoveerd. Nysted stond in 2007 enige maanden stil door een kapot transformatorstation.  Zie Maand- en jaarproducties Deense windturbines.

 

Van Noordzeewind zijn in 2007-2009 alle tandwielkasten vervangen (beschikbaarheid 2007: 81%).

Zie jaarverslag 2007 bij:  Jaarverslag Noordzeewind 2007  (Annual report, pdf, English)

 

 

Offshoreproducties, 2003 - 2009

 

 Projectnaam  MW  START  Turbines - ashoogte 2003 2004 2005 2006 2007 2008 2009
 Tuna Knob  5  1995  10 * Vestas V 39/500-45 12.291.641 14.039.160 13.459.341 11.743.550 14.890.166 13.419.624 13.132.086
 Vindeby  5  1991  11 * Bonus 35/450 -37,5 9.802.729 11.609.149 10.308.603 10.449.208 11.392.227 11.064.928 9.780.704
 Middelgrunden  40  2001  20 * Bonus 76/2.000-64 89.356.339 96.901.220 91.423.466 85.369.032 99.983.950 97.885.425 92.301.785
 Horns Rev - I  160  2002  80 * Vestas V 80/2.000-70 459.777.173 366.891.717 629.966.425 596.266.176 659.523.843 626.911.743 581.237.320
 Horns-Rev - II  209  2009  91 * Siemens 93 / 2.300 - 69             236.105.858
 Samso  23  2003  10 * Bonus 84,6/2.300-61   82.867.242 81.047.353 71.802.777 83.905.874 79.662.614 81.045.875
 Thyboren-Vestas  8  2003  4 * Vestas V 80 /2.000 - 78   33.511.928 31.221.378 31.395.660 35.217.100 31.336.889 31.943.722
 Thyboren-Bonus  9  2003  4 * Bonus 82/2.300 - 78,8   35.598.464 35.022.726 33.239.088 38.718.934 35.114.508 33.597.973
 Nysted - I  166  2003  72 * Bonus 82/2.300-68,8   577.144.872 547.145.064 517.189.671 405.904.463 609.088.478 552.111.970
 Frederikshaven  3  2003  1* Vestas V 90/3.000 - 80   6.883.988 6.742.375 6.354.213 7.348.824 7.295.729 7.695.223
 Frederikshaven  2,3  2003  1* Nordex 90/2.300-80   4.958.518 6.682.274 3.975.261 6.289.491 5.534.360 6.082.650
 Frederikshaven  2,3  2003  1* Bonus 82,4/2.300-80   7.621.294 7.705.929 5.428.201 7.214.188 6.668.952 6.311.318
 TOTAAL 631  

571.227.882

1.238.027.552 1.460.724.934 1.373.212.837 1.370.389.060 1.523.983.250 1.651.346.318
 Windindex DK (land)  

87

98 93 85 108 100 88
 NL: Noordzeewind  108  2006  36 * Vestas V 90 / 3.000-70         330.000.000 315.000.000  
 NL: Pr. Amalia  120  2008  60 * Vestas V 80 / 2.000-56           280.000.000  
 Windindex NL (land)           105 104 90
 S: Lillgrund  110  2007  48 * Siemens 93 / 2.300 - ?           324.000.000  
 U.K. Scroby Sands  60  2004  30 * V 80 / 2.000 - ?         145.201.000    

 

 

 

 

 

Bijna 25 % van Deense windstroom kwam in 2009 van zee

 

 

2 februari 2010

 

Nog net voor de jaarwisseling kwam het grote project Horns-Rev - II bij Esbjerg met 91 stuks Siemens 93 / 2.300 volledig in bedrijf. In mei draaiden de eersten. En net voor de klimaattop in Kopenhagen werden daar in de haven bij de elektriciteitscentrale de twee nieuwste van Siemens met een rotordiameter van 120 meter geplaatst (en 3.600 kW). Een van de twee turbines is van een windmolencoöperatie, zie Hvidovre Vindmollelaug, de andere is van Dong. Ze vervangen 12 stuks Bonus van 300 kW.

Met offshore turbines (totaal 663 MW aan het eind van het jaar) werd in Denemarken in 2009 ruim 1,6 miljard kWh geproduceerd. Dat is 24,8% van de totale Deense windstroomproductie van 6,7 miljard kWh. In 2008 was het offshore-aandeel 22%. Het totaal van 6,7 miljard was goed voor 19,3% van het binnenlands verbruik, lager dan normaal door een laag windaanbod van 88%. Bij normaal windaanbod zou het windaandeel 22,1 % zijn geweest.

 

In onderstaande tabel is te zien dat er geen grote storingen waren. De producties van de meeste projecten waren door een erg laag windaanbod toch flink lager dan in 2008. Volgend jaar komt Nysted-II met 207 MW gereed en dan gaat hert Deense windstroompercentage naar ruim 26 %, over de helft van het doel voor 2025 (50%).

Zie de statistieken op Operationele offshore projecten.

 

 

Ontwikkeling aantal turbines en vermogen DK, 1977-2009

Minder turbines en gelijk of meer vermogen vanaf 2001

 

Per 31-12-2009: 5.103 windturbines en 3.481 MW. Netto nieuw 2009: 19 turbines en 290 MW

 

 

 

 

Alleen onderzoek in UK of ook een maakindustrie ?

 

1 maart 2010

 

Het zijn (nog ?) lang niet de wereldleiders in het maken van windturbines maar Clipper en Mitsubishi gaan de vestigingen in Engeland uitbreiden en zouden daarmee het begin moeten worden van een aanzienlijk turbine-industrie waar Engeland zo vurig op hoopt. Want er gaan miljarden naar de bouwers van vooral windparken op zee en daar wil het land wel graag wat voor terugzien. Er is al het nodige rumoer ontstaan met de bewering dat al die duizenden molens geïmporteerd moeten worden.

Veel is er nog niet. Vestas sloot vorig jaar als enige turbinefabrikant de vestiging op het eiland Wight (zie WSH-Nieuws-Vestas ) met het argument dat de binnenlandse markt in Engeland onvoldoende is door te groot (lokaal) maatschappelijk en politiek verzet tegen windparken op land. Verder is er na veel vallen en opstaan alleen nog een mastenfabriek in Schotland en een toenemend altijd vestigingen voor service en onderhoud van offshore windparken.

 

Maar in 2008 vestigde de Amerikaanse fabrikant van windturbines Clipper zich met een onderzoeksafdeling in Blyth bij Newcastle. Daar wordt gewerkt aan het ontwerp van een superturbine van rond de 10 MW onder de werknaam "Britannia". Medio februari dit jaar werd besloten tot de bouw van een fabriek voor de rotorbladen.

 

Het ministerie stelde ook 18,5 miljoen Pond beschikbaar voor de bouw van het eerste offshore test windveld op zee. Het moet in het noordoosten voor de kust van Newcastle ruimte bieden aan het testen van een 20-tal grote prototypen. En nog eens 11,5 miljoen Pond komt beschikbaar voor een testcentrum voor windturbinebladen tot 100 meter lengte in Narec.

 

En vorige week werd bekend dat de Japanse turbinebouwer Mitsubishi na lange onderhandelingen met het energieministerie tot een akkoord is gekomen voor de bouw van een Engelse vestiging voor onderzoek en prototypebouw. Het gaat om een "niet-bindende intentieverklaring" voor een investering van 100 miljoen Pond waar het Engelse ministerie 30 miljoen aan bij wil dragen. Het gaat om het ontwerpen, bouwen en testen (on- en offshore) van 6 MW offshore windturbines en het ontwerpen en bouwen van de bladen daarvoor. Het ministerie van Economische Zaken hoopt dat Engeland zo een sterke kandidaat zal zijn voor de vestiging van een productiefaciliteit van Mitsubishi.

 

In Nederland is het laatste nieuws offshore dat men een havenfaciliteit midden op de Noordzee wil bouwen. Stichting Heden (Haven Eiland Duurzame Energie Noordzee) heeft er een plan voor ingediend. Zie het bericht hierover bij Energeia .

 

Bericht over UK: New Energy Focus

 

 

Gamesa en Bard bundelen offshore krachten

 

 

21 februari 2010

 

Gamesa, de Spaanse producent van windturbines, heeft met de Duitse fabrikant van offshore windturbines Bard een overeenkomst gesloten (MOU) die eind maart moet leiden tot de aankoop van een minderheidsaandeel in Bard, de oprichting van een joint venture voor de gezamenlijke verkoop en bouw van offshore windparken en mogelijk de licentiebouw van Bard offshore turbines door Gamesa.

 

Bard ontwerpt, bouwt en installeert offshore windturbines van 5 MW en bouwt momenteel aan het eerste windpark van 400 MW in Duitsland (100 km NW van Borkum in 40 meter diep water, gereed medio 20111) en heeft verder een pijplijn aan projecten in diverse ontwikkelingsstadia van totaal 5.000 MW in Duitsland en Nederland (3 locaties van elk ca. 300 MW). In de loop van dit jaar wordt gestart met het testen van een turbine van 6,5 MW.

 

Gamesa verkoopt windparken en produceert windturbines van 850 kW tot 4,5 MW. Ze is marktleider in Spanje en heeft diverse productiecentra in Europa, Azië en Amerika met een totaal personeelsbestand van 6.500 en was in 2008 derde producent na Vestas en GE met een wereld marktaandeel van 12%.

 

Mediabericht GamesaBard Holding

 

 

 

Zijlstra (VVD) wil stop op molenbouw in zee

 

 

26 januari 2010

 

VVD-er Halbe Zijlstra meent dat het heien van windturbinepalen op zee en het draaien van de windturbines ernstige gehoorschade voor bruinvissen en andere zeedieren oplevert. Hij vraagt om een onderzoek en een bouwstop tot de uitslag daarvan bekend is. Effect zal een bouwstop overigens niet hebben want het eerstvolgende heiwerk voor windturbines in het Nederlandse deel van de Noordzee is niet voor 2013-2014 te verwachten.

 

Artikel De Telegraaf, 25-1-2010

 

 

 

 

 

Onderzoeksplan voor ver en diep op zee

 

3 september 2009

 

Energiegigant RWE wil op haar Noordzee locatie, 75 kilometer uit de kust van Callantsoog, een onderzoeks- en demonstratie windpark bouwen. Energiebedrijven, kennisinstellingen en industrie hebben aan minister van der Hoeven gisteren daartoe een onderzoeks- en demonstratieprogramma gepresenteerd voor de ontwikkeling van grote offshore windparken ver op zee onder de titel Far and Large Offshore Wind, FLOW. Het programma is de opvolger van het 5-jaren onderzoekprogramma van WE @ SEA dat op 1 en 2 december in Den Helder wordt afgesloten met een conferentie over de resultaten. (meer bij: WE @ SEA)

 

Uit het persbericht:

 

"Het FLOW-plan omvat een R&D-programma en een demonstratiewindpark van 20 tot 60 turbines 75 kilometer voor de kust van Callantsoog.  Het FLOWprogramma stelt bedrijven in Nederland in staat een leidende positie in te nemen op de Europese markt voor offshore windparken. Door dit initiatief wordt de door de Nederlandse regering beoogde installatie van windparken met een capaciteit van 6.000 MW voor 2020 versneld.

Momenteel wordt overleg gevoerd met het Ministerie van Economische Zaken over de verdere invulling van het Business Plan en de overheidsbijdrage die de ambitieuze plannen van FLOW mogelijk kan gaan maken.

 

R&D-programma

Het FLOW-consortium zal onderzoek doen, nieuwe innovatieve funderingsconcepten en nieuwe operationele en onderhoudsstrategieën ontwikkelen en windcondities onderzoeken. Er worden efficiënte turbines ontworpen die specifiek bedoeld zijn voor gebruik op locaties in de Noordzee. Ook worden er nieuwe installatietechnieken voor windparken op deze diepte en afstand van de kust ontwikkeld. De partners doen onderzoek naar de beste technologie voor de aansluiting op het elektriciteitsnet. Nieuwe concepten, van ontwerp tot gebruik, worden gevalideerd in het FLOW-demonstratiewindpark. De gerealiseerde leereffecten worden verzilverd bij toekomstige grootschalige investeringen in offshore windparken en zullen deze investeringen versnellen. “FLOW zal een grote bijdrage leveren aan de toename van de betrouwbaarheid van grootschalige windparken en de kosten en risico’s verlagen. Dankzij FLOW zal Nederland een leidende positie kunnen innemen op de markt voor offshore windenergie.”, aldus Huib Morelisse, CEO RWE Nederland."

 

Deelnemeres in het plan zijn RWE Offshore Wind, Eneco, TenneT, Ballast Nedam, Van Oord, IHC Merwede, 2-B Energy, XEMC Darwind, ECN en de TU Delft.

 

Zie ook de website van  FLOW

 

 

 

 

3e windmeetmast FINO 3 in Duits water

 

2 september 2009

 

Op 80 kilometer westelijk van het Waddeneiland Sylt is de derde meetmast FINO 3 voor wind en water met een hoogte van 100 meter in gebruik genomen. De eerste, FINO 1, werkt al weer vijf jaar op 40 kilometer boven Borkum in de Noordzee en de tweede staat 40 kilometer westelijk van Rügen in de Oostzee.

 

De derde mast kostte 12,8 miljoen Euro, is ontworpen voor een levensduur van 10 jaar en kan golfhoogten tot 18 meter weerstaan. Naast alle windgegevens zoals sterkte, frequentie, richting en turbulentie worden ook golfhoogten , blikseminslagen, vogeltrek en wisselwerkingen tussen zeebodem en fundering gemeten.

Uit de metingen op FINO 1 bleek dat het eerste half jaar 2009, evenals op landlocaties, erg windarm was. De gemiddelde windsnelheid op 100 meter was 5% lager dan het langjarige gemiddelde van 10,06 m/s. Dat komt overeen met ruim 10% minder stroomproductie voor een windturbine. Zelfs vlagen van even meer dan 25 m/s kwamen slechts vier maal voor.

 

DEWI Magazine, augustus 2009

 

Info over de drie platforms (en drie private masten bij geplande parken) op de offshore-site van DENA.

 

 

 

Marktstudie: 55.000 MW in 2020

 

24 augustus 2009

 

Op grond van onder andere een database van meer dan 700 offshore windenergie projecten en analyses van de markt doet ODS Petrodata  de voorspelling dat de offshore markt jaarlijks met 32% zal groeien naar een opgesteld vermogen van 55.000 MW in 2020. Er is nu bijna 2.000 MW operationeel en 3.000 MW in aanbouw.

 

Tot en met 2014 zal rond de 60 miljard Amerikaanse Dollar worden geïnvesteerd. Tegen 2020 zou dat dubbel zo veel kunnen zijn. Er zijn nog knelpunten bij de productie van turbines en materieel maar die zullen zeer snel opgelost worden door de komst van nieuwe fabrikanten en leveranciers (turbines, materieel, vaartuigen, componenten). De huidige twee leveranciers Siemens en Vestas zullen zeer binnenkort worden bijgestaan door nieuwe turbineleveranciers als Repower, Bard, Areva (Multibrid) en General Electric (Scanwind). Maar wat later zullen zij concurrentie krijgen uit Azië zoals de Koreaanse giganten Hyndai en Daewoo en minstens 10 Chinese bedrijven.

Engeland zal nog enige tijd de grootste markt zijn maar binnen een paar jaar worden opgevolgd door Duitsland. Daarna komen ook China en de VS als een belangrijke markt in beeld. (Engeland mikt op 33.000 MW en Duitsland beoogt 10.000 MW in 2020)

De bijdrage op het Nederlandse deel van de Noordzee zal in 2014-2015 niet meer dan 1.178 MW kunnen zijn (gereserveerde subsidies) maar het Kabinet heeft een doel van 6.000 MW in 2020.

 

IWR

 

 

 

Tussensprint door uitbreiding Engelse offshore parken

 

14 augustus 2009

 

In de eerste twee Engelse ronden offshore windparken kan voor ongeveer 8.000 MW worden gebouwd. Daarvan is inmiddels 598 MW gerealiseerd en 1.564 MW is in aanbouw. 3.600 MW is vergund en nog eens 2.000 MW is in behandeling. Ronde 1 statte in 2000 en ronde 2 (7.100 MW) in 2003. In ronde 3 wordt ruimte gemaakt voor nog eens 25.000 MW.

 

De beheerder van de Britse kustwateren, The Crown Estate, biedt de eigenaren van alle locaties in ronde 1 en 2 (gerealiseerd, in aanbouw of waarvoor minimaal  een aanvraag voor een vergunning is ingediend) nu aan om de projecten uit te breiden. De bedoeling is een extra stroom projecten op gang te helpen die nog voor de projecten van ronde 3 gerealiseerd kunnen worden.

De uitbreiding moet direct grenzen aan de bestaande locatie, naar grootte daarmee in verhouding zijn (maar er is geen maximum gesteld) en er moet synergy ontstaan door de combinatie met de bestaande locatie.

Na een tenderproces aan het eind van dit jaar zullen de toekenningen in februari 2010 worden gedaan.

 

persbericht Crown Estate

 

 

 

Bouw "Belwind" start in augustus

 

27 juli 2009

 

Het Belgische offshore windpark "Belwind" was voor Econcern een brug te ver. De financiering kon niet rond gekregen worden en droeg bij aan het faillissement. Nauwelijks twee maanden later is het wel rond gekomen, het project lag eigenlijk "panklaar" en de bouw van de eerste fase kan nu in augustus al van start gaan.  Het project is ontwikkeld om in twee fases van elk 55 Vestas turbines van 3 MW gebouwd te worden en staat op 47 kilometer uit de kust voor Zeebrugge. De eerste fase zal eind 2010 al operationeel zijn. Er wordt een jaarproductie van 540 miljoen kWh verwacht.

 

Afgelopen vrijdag kwam de financiering en verzekering alsnog rond met een consortium van Nederlandse en Belgische bedrijven.  Op de bijeenkomst waren 50 vertegenwoordigers aanwezig van ondermeer 6 banken, 6 toekomstige eigenaren, 2 uitvoerders en 10 advocatenkantoren.  Tot het consortium van eigenaren behoren nu de Belgische supermartketen Colruyt (27%), DHAM, Participatie Maatschappij Vlaanderen (PMV), het Nederlandse SHV, Rabo Project Equity en participatie investeerder Meewind (12%). Electrabel koopt de stroom. Het is het eerste project dat sinds de financiële crisis op project basis gefinancierd werd, dankzij garantstellingen van Deense instellingen en de Europese investeringsbank EIB.

De belangrijkste uitvoerders zijn van Oord, die de start van de bouw onmiddellijk ter hand zal nemen ,en Vestas als leverancier van de turbines.

 

Het Nederlandse Meewind geeft gelegenheid aan particulieren (minimaal 1.000 Euro) en gemeenten / provincies om te investeren in offshore windenergie. Den Haag (10 miljoen) en de provincie Noord-Holland (2,5 miljoen) hadden zich daarvoor o.a. al aangemeld. Meewind is zeer verheugd dat er nu direct een bestemming voor de investeringen beschikbaar is.

 

Meer projectinfo bij Meewind .

 

 

Horns Rev - II nadert voltooiing

 

17 juli 2009

 

Over een paar maand is 's werelds grootste windpark op zee voltooid. Het staat op 30 kilometer uit de Deense kust en 60 km van Esbjerg. De windsnelheid op de ashoogte van 68 meter bedraagt 10 m/s. Dat levert een jaarproductie op van 800 miljoen kWh (capaciteitsfactor 44%  en 3.864 "vollasturen").

Op 19 maart werd de eerste van 91 stuks Siemens 93 / 2.300 geplaats. Op 22 juni was men halverwege en inmiddels staan er ruim 50. Op 15 mei werd de eerste stroom geleverd en op 18 september werd het project officieel geopend door Kroonprins Prins Frederik in aanwezigheid van energieminister Connie Hedegaard en minister president Rasmussen.

De tender voor het project werd eind november 2004 uitgeschreven en in augustus 2005 toegewezen aan energiebedrijf E2 (nu Dong). De toegewezen subsidie bedroeg toen 0,518 Deense Kroon per kWh (toen 7,1, nu 6,95 eurocent maar daar komt dan nog inflatie bij) voor de eerste 10.465 miljoen kWh (50.000 "vollasturen"). De netaansluiting is ook voor rekening van de belastingbetaler.

Het volgende Deense offshore project is Nysted-II, onder Lolland, van 207 MW dat ook al in aanbouw is en eind volgend jaar gereed komt (90 * Siemens 3,2 MW). Dit project werd in juni 2006 toegewezen aan E.On (waarbij o.a. concurrent Evelop werd gepasseerd) voor een subsidie van 0,547 Deense Kroon per kWh voor de eerste 10,35 miljard kWh.

 

Het project is een ruime verdubbeling van het bestaande park Horns Rev - I van 160 MW, met 80 turbines Vestas V 80 - 2.000. Dit park staat 14 kilometer dichter bij de kust. Het werd vooral wereldberoemd doordat in 2003 alle turbines naar land gehaald moesten worden omdat o.a. de tandwielkasten het begaven. Het was verreweg de grootste tegenslag voor een offshore project tot nu toe. Sinds 2005 draait alles echter weer perfect met een jaarproductie van 650 miljoen kWh.

Horns Rev I en II leveren samen ca. 5% van de Deense stroombehoefte.

 

Ook het eerste Duitse offshorepark Alpha Ventus leverde middels de eerste Multibrid turbine van 5 MW op 15 juli de eerste stroom. Meer hieronder bij: Alpha Ventus.

 

Meer over Horns-Rev-II:

Veel info (Deens) bij energiebedrijf  Dong .

Filmpje op Deense TV over de bouw: Bouw eerste molen 19-3-2009 .

Kaart Deense offshore projecten bij energieministerie

Zie hierboven: jaarproducties offshore windparken

 

 

 

 

Netaansluiting 6.000 MW op zee kost 3,7 - 4,7 miljard Euro

 

16 juni 2009

 

De kosten voor een elektriciteitsnetwerk op zee om in 2020 6.000 MW windvermogen aan te kunnen sluiten bedragen tussen de 5 en de 11 miljard euro (netto-contant, inclusief exploitatie en onderhoud). De feitelijke aanleg kost 3,4 - 6,2 miljard Euro. De kosten voor de door het Kabinet beoogde variant volgens het Nationaal Waterplan bedragen 3,2 - 4,2 miljard, waar nog 0,5 miljard bijkomt voor voorzieningen op land. De grote variatie in potentiële kosten wordt vooral veroorzaakt door de afstand van de locaties tot de kust maar ook door het type uitvoering en het karakter van de locaties. Een en ander blijkt uit het rapport "Net op Zee" dat minister Maria van der Hoeven van Economische Zaken naar de Tweede Kamer heeft gestuurd.
 

De Minister overweegt de landelijke netbeheerder een wettelijke taak te geven voor de aanleg en het beheer van een windnet op zee. Voordat ze hierover een definitief besluit neemt, wil ze echter eerst nader onderzoek laten doen naar de doorberekening van de kosten van het net op zee naar producenten, netbeheerders en afnemers. Dit zal naar verwachting niet vóór eind 2009 klaar zijn. De minister vraagt vooruitlopend op definitieve besluitvorming de landelijke netbeheerder wel door te gaan met voorbereidende werkzaamheden ten behoeve van een tijdige aansluiting van offshore windparken op de netinfrastructuur.

 

Het rapport is gemaakt naar aanleiding van de op 5 maart 2008 aangenomen motie Samsom waarin de minister verzocht wordt om de aanleg van het windnet aan TenneT op te dragen.

 

Zie ook het bericht hierover van de Energieraad n.a.v. een artikel in het Financieel Dagblad van 18 juni waarin diverse bronnen zeggen dat de haalbaarheid van het project twijfelachtig is. In "Den Haag" zou men zich zelfs "rot geschrokken" zijn van de kosten. Daaruit blijkt wel dat men er niet veel van weet. Het is al jaren bekend wat de kosten van netaansluiting van wind op zee ongeveer zijn. Economische Zaken zegt dan ook "dat het weliswaar forse kosten zijn en dat we dan ook goed moeten onderzoeken hoe we die neer moeten slaan". Zie Energieraad .

 

Brief EZ aan Tweede Kamer

Net op Zee; hoofdrapport

Aanvullende brief met info over kosten net op zee, 31-8-09

Ontwerp Nationaal Waterplan

 

 

 

Bouwstart REpower funderingen voor Alpha Ventus

 

12 juni 2009

 

Deze week is begonnen met het heien van 24 palen voor de zes Repower 5 MW turbines van windpark Alpha Ventus, 40 km westelijk van Borkum. Het is het eerste offshore windpark van Duitsland en wordt eind dit jaar in gebruik genomen. De turbines komen op een vierkante vakwerkmast met op elke hoek een ankerpaal van 1,8 meter diameter. In augustus kunnen de turbines geplaatst worden.

 

Vorige maand werden de zes tripod funderingen (zie de foto) voor de zes Multibrid turbines van 5 MW geplaatst. Deze worden met drie palen aan de zeebodem geankerd. Op 15 juli werd de eerste turbine geplaatst die een paar dagen later de eerste stroom leverde.

 

Door aanhoudend slecht weer (veel wind) was de bouw van de eerste zes turbines vorige jaar augustus uitgesteld naar dit jaar. Het transformatorstation kon eind vorig jaar al wel geplaatst worden.

Een forse tegenslag was toen dat de kabel naar het trafostation op zee 60 meter te kort werd afgeknipt. 

 

Het samenwerkingsverdrag  tussen drie deelstaten, drie energiebedrijven,  en onderzoeksinstellingen voor de bouw van het project werd in juli 2005 ondertekend.

 

Veel info, plaatjes en webcam op de site van Alpha-Ventus.

Zie eerdere berichten bij 2008-vertraagd.

(iwr)

 

 

 

 

 

Klik op foto voor vergroting

 

 

 

 

Eerste drijvende windturbine naar zee gesleept

 

10 juni 2009

 

Vorige week is in Noorwegen, voor de kust van Karmoy, de eerste drijvende windturbine (die ook stroom gaat leveren) naar de positie op 10 kilometer uit de kust gevaren. Het water is daar 150 meter diep. De "fundering" bestaat onder water uit een holle pijp van 100 meter lang en een diameter van 8,3 meter, met ballast onderin, die met drie ankers en 60 ton aan ballast aan de zeebodem wordt gezekerd. De turbine van 2,3 MW, rotordiameter 93 meter, is geleverd door Siemens en staat 65 meter boven zeeniveau.

Het project "Hywind" van het Noorse energiebedrijf  Statoil gaat 2 jaar proef draaien. De kosten bedragen 62 miljoen Amerikaanse Dollar.

 

De enige andere proef  met een drijvende turbine staat in Italië met een LW 18/80, maar deze is niet aan het net gekoppeld, zie bij nieuws 2008: drijvende Lagerwey in Italië.

 

 

Klik op foto voor vergroting.

 

Statoil, Hywind naar zee

Persbericht, foto's bij Siemens

 

 

"Bûtendiek" bestelt 80 stuks Siemens 107/ 3.600

 

25 mei 2009

 

Projectontwikkelaar Airtricity, onderdeel van Scottish Southern Energy, heeft voor het offshore windpark Bûtendiek een raamovereenkomst gesloten voor de levering van tachtig turbines van 3.600 kW.  Het project ligt 34 kilometer westelijk van het Waddeneiland Sylt, bijna aan de Deense grens, en moet eind 2012 in bedrijf zijn. Energiebedrijf E.On is gehouden de netaansluiting tijdig gelegd te hebben.

 

Het is een van de allereerste offshore initiatieven van Duitsland en werd opgestart door een coöperatie van duizenden aandeelhouders. In 2001 waren 20.000 aandelen van 250 Euro uitgezet bij ruim 8.000 aandeelhouders. Vijf jaar geleden werden al turbines V 90 bij Vestas besteld maar door prijsstijgingen en onvoldoende subsidies kwam het project in de versukkeling. Vorig jaar oktober werd een joint venture gevormd met Airtricity, dat later door SSE werd overgenomen. Participatie blijft echter mogelijk. Volgend jaar maakt Airtricity bekend wat de projectkosten zijn en kunnen aandeelhouders tot 50% van het project kopen door hun aandeel tot 5.000 Euro te verhogen.

 

Zie ook de projectsite: Bûtendiek

(persbericht Airtricity en Siemens)

 

 

 

 

Eerste turbines geplaatst in eerste Chinese offshore windpark

 

12 mei 2009

 

Bij de Sjanghai Dong Hai brug bij Sjanghai zijn de eerste drie offshore windturbines van de Chinese fabrikant Sinovel "te water gelaten". De drie turbines van elk 3 MW zijn de eersten van het eerste Chinese offshore windpark. Volgend jaar moeten er 34 staan in het 10 meter diepe water en het project is dan goed voor een jaarproductie van 368 miljoen kWh. De investering bedraagt 346 miljoen Amerikaanse Dollar, dus een koopje van ruim 2.400 Euro per kW.

 

 

Het offshore vermogen van China is zelfs in ondiep water van rond de 10 meter gigantisch.  Volgens de Chinese regeringscommissie voor ontwikkeling en hervorming (NDRC) is het potentieel voor 10 meter diep water al 100.000 MW en nog eens 800.000 MW voor water tot 30 meter diepte.

 

 

De brug, klik voor vergroting

 

(Windpower Monthly, mei 2009 en www.chinaenvironmentallaw.com)

 

 

 

 

 

"Tennet is verplicht tot aanleg stopcontact op zee", schrijft NWEA

 

 

6 mei 2009

 

"TenneT heeft op grond van de huidige wetgeving de mogelijkheid én de plicht om een "stopcontact op zee" aan te leggen". Dat schrijft brancheorganisatie windenergie NWEA in een brief aan de Tweede Kamer.

Als niet voor elk windpark apart de aansluiting op het elektriciteitsnet geregeld hoeft te worden, betekent dat voor individuele exploitanten én voor de Nederlandse samenleving als geheel een aanzienlijke kostenbesparing.

Over de vraag of TenneT het stopcontact op zee zou moeten aanleggen, wordt al langer gesproken. TenneT wil wel, maar Den Haag vraagt zich af of daartoe wel een wettelijke basis is. Met de brief maakt NWEA voor de leden van de Vaste commissie voor Economische Zaken van de Tweede duidelijk dat die wettelijke basis én plicht er op basis van de huidige Elektriciteitswet 1988 wel degelijk is. Het blijkt ook uit de praktijk bij het Prinses Amalia Windpark waarvoor TenneT EAN-codes heeft verstrekt. Daarmee is aangegeven dat het op basis van de wet bevoegd is.

Op vragen waarom het Ministerie denkt dat de uitleg van de Elektriciteitswet door NWEA onjuist zou zijn, heeft NWEA nooit een antwoord ontvangen.

 

PS: Op 25 augustus antwoord de minister dat zij het niet eens is met de stellingen van NWEA. De verplichting tot aanleg van een net op zee door TenneT kan volgens de minister niet worden afgeleid uit de elektriciteitswet 1998.

 

Brief NWEA aan Tweede Kamer

Antwoord van minister van der Hoeven

 

 

 

 

 

Offshore certificaten in UK 33% verhoogd

 

 

24 april 2009

 

Alistair Darling, de Engelse minister van Financiën is vanaf heden voor wind offshore een echte lieveling geworden. Als onderdeel van de nieuwe begroting maakte hij gisteren bekend dat het aantal uit te geven ROCs (Renewable Obligation Certificate) voor offshore projecten met 33% wordt verhoogd. De waarde was al 50% meer dan voor wind op land en is nu het dubbele geworden (2 ROCs per MWh), voor turbines die in 2009/2010 besteld worden. Ook hier is echter een beloning voor snelle beslissers want voor turbines besteld in 2010/2011 zijn nog maar 1,75 ROC beschikbaar.

 

In de UK moeten energiebedrijven een oplopend percentage van hun elektriciteit opwekken met duurzame bronnen. Dat is nu 9,1% en loopt op tot 15,4% in 2015.  Per geproduceerde duurzame MWh ontvangt men 1 ROC. Wie te weinig produceert moet ROC's bijkopen en uit dat fonds worden de geleverde ROC's vergoed.

Vanaf dit jaar wordt het verplichte percentage gewijzigd in een minimum aantal ROCs per MWh. In 2009/2010 moet 0,096 ROC per MWh geleverd worden. Er wordt een waarde van  37 Pond per MWh verwacht. Voor twee offshore ROC's ontvangt men dus 74 Pond per MWh. Bij de huidige (erg lage) koers van het Pond is dat dus ruim 8 Eurocent per kWh.

 

Alles over de RO bij Ofgem.

 

 

 

 

"Roadmap" voor 20.000 MW op zee aangeboden

 

26 maart 2009

 

Het bedrijvennetwerk voor offshore windenergie We@Sea presenteerde gisteren aan minister van der Hoeven een "Roadmap" voor de ontwikkeling naar 20.000 MW windvermogen op de Noordzee. Dat kan er via een rustige route in 2043 staan en via een snel scenario al in 2037. Dat vermogen is dan goed voor 100% van onze stroomvoorziening. Het huidige streven van 6.000 MW zou al in 2021 via het snelle plan gerealiseerd kunnen zijn. In de rustige variant wordt dat 2027.

De realisering van 20.000 MW vergt een investering van 60 miljard Euro, een rijksbijdrage (kWh-subsidies) van 15-25 miljard Euro en levert 8.000 - 16.000 banen op. Vanaf 2020-2025 kunnen nieuwe projecten zonder overheidssteun worden gerealiseerd, maar het tijdstip is erg afhankelijk van de olieprijs.

Er zijn 2.000- 4.000 windturbines nodig (5 - 10 MW per stuk) die ongeveer 7% van het Nederlandse deel van de Noordzee in beslag zullen nemen( 3.600 km2).

 

Het plan bepleit o.a. de instelling van een publiek/privaat regieorgaan voor samenwerking, planning en onderzoek en voorts dat de beleidslijnen t/m 2020 worden vastgelegd.  Directieleden Chris Westra en Jos Beurskens presenteerden het plan.

 

Bekijk de brochure (26 p): Roadmap 20.000 MW We@Sea.

 

 

500 MW extra wind op zee

 

25 maart 2009

 

Vanmiddag om 15.25 presenteerde premier Balkenende het resultaat van de kabinetsonderhandelingen over de aanpak van de economische crisis. Van de voorgenomen 6 miljard aan investeringen wordt vanaf 2014 voor 15 jaar 160 miljoen per jaar gereserveerd voor 500 MW extra wind op zee, bovenop de al gereserveerde 450 MW. Bij de uit te schrijven tender eind dit jaar kan dus in totaal voor 950 MW toegezegd worden. Er zijn 12 projecten met totaal 3.200 MW voor in de race. Toezeggingen worden voor 1 april 2010 gedaan.

 

 

 

565 miljoen Europees geld voor offshore netwerk

 

 

24 maart 2009

 

Op de EU-top van 20 maart maakte de commissie bekend dat zij 565 miljoen Euro beschikbaar wil stellen voor (het begin van) de aanleg van (delen van) een offshore netwerk in de Noordzee. Het gaat om vijf projecten:

  • 150 miljoen voor de financiering van extra kosten voor de aansluiting van windparken in het grensgebied van Denemarken, Zweden, Duitsland en Polen (Baltic I en Kriegersflak I, II en III, totaal 1.500 MW).

  • 165 miljoen voor de eerste delen van een modulair netwerk in de Noordzee , UK, Nederland, Duitsland, Ierland, Denemarken, totaal 1.000 MW

  • 150 miljoen voor facilitering van nieuwe turbines ver van de kust van windparken Alpha Ventus en Bard Offshore, Duitsland en Polen, 500 MW

  • 40 miljoen voor een project bij Aberdeen voor het testen van MW-turbines en ondersteuningsstructuren, 250 MW

  • 10 miljoen voor project opschaling Thorton Bank, België naar diep water (30 meter) en ver van de kust (30 km), 90 MW.

 

 

 

Eerste Amerikaanse offshore windpark bijna vergund

 

 

19 maart 2009

 

Onder de tegenstanders van Cape Wind, het eerste Amerikaanse initiatief voor een offshore windpark, met kapitale villa's aan de kusten van Cape Cod, Martha's Vineyard en Nantucket in Massachuchetts bevindt zich o.a. senator Edward Kennedy. Tot op het hoogste niveau zette hij zich in om zijn uitzicht te vrijwaren van windturbines op zee. Maar de strijd lijkt na meer dan acht jaar nu toch echt gestreden. Vorige week werd een van de laatste vergunningen (een samenstel van negen federale en lokale vergunningen) afgegeven aan Cape Wind Associates, de private energie onderneming die het project met 130 turbines op 9 kilometer uit de kust wil bouwen. "Milieugedeputeerde" Ian Bowles van M. zei dat de CO -reductie van het park overeenkomt met het van de weg nemen van 170.000 auto's.

 

Binnen 2 maand wordt het beslissende ja-woord afgegeven. Cape Wind verwacht dat het park in de loop van 2012 in gebruik zal worden genomen.

(wow). Meer over het project bij: Cape Wind.

 

 

 

Energiebedrijven bundelen krachten voor Engelse offshore projecten

 

maart 2009

Bij offshore gaat het om groot geld en als de projecten, zoals in Engeland, ook nog bij inschrijving worden verdeeld, zijn er grote risico's.

Om meer kans te maken bij de derde ronde offshore projecten in Engelse wateren hebben vier energiebedrijven nu een "biedingsconsortium" gevormd. Npower (het Engelse duurzame onderdeel van RWE) gaat samenwerken met Airtricity (onderdeel van energiebedrijf Scottish & Southern Energy) en de Noorse bedrijven Statkraft en StatoilHydro.

Om de rechten van exclusief gebruik van locaties te bemachtigen gaan de bedrijven gezamenlijk aanbiedingen opstellen. Na toezegging worden projecten gezamenlijk ontwikkeld.

 

Een tweede consortium voor ronde 3 is gevormd door E.On UK, Dong Energy en Fred Olsen Renewables.

 

Er is na toezeggingen voor 6.000 MW aan projecten langs de Schotse kusten  (zie hieronder) nog ongeveer 19.000 MW te vergeven voor projecten rond Engeland en Wales.

(SWW)

 

 

 

Voor 6.000 MW Schotse offshorelocaties gegund

 

16 februari 2009

 

De Engelse Crown Estate, beheerder van de Engelse kustwateren, heeft voor 10 locaties rond Schotland exclusiviteit van gebruik verleend aan totaal negen bedrijven/consortia. De locaties zijn samen goed voor 6.000 MW. De ontwikkelaars mogen nu onderzoek doen en de vergunningaanvragen voorbereiden. De Schotse regering doet het m.e.r.-onderzoek (S.E.A) dat binnen 12 maand is afgerond.

De toewijzingen horen bij de zogenaamde derde ronde offshore welke uiteindelijk totaal 25.000 MW moet opleveren. Dat is nodig om de Engelse opdracht (van Europa) van 15% duurzame energie in 2020 te halen.

 

Vier locaties liggen voor de oostkust van Edinburgh en de overigen verspreid over de noordoost (1) en westkust (5) (zie kaartje ).

 

Waneer de projecten gerealiseerd worden is nog een groot vraagteken. Diverse analisten zeggen in  een reactie dat bij de huidige prijzen van offshore (3.000 Pond per MW, bijna drie maal zo duur als op land, terwijl de kWh-vergoedingen maar 50% hoger zijn) financiering niet mogelijk is. De directeur van WSP-Consultancy zegt in "World of Windenergy" dat de projecten vrijwel zeker in de vertraging komen als de overheid geen aanvullende maatregelen neemt.

 

Hieronder wat gegevens van de toegewezen projecten.

 

Nr. Naam Bedrijf MW Opp. (km2)
1 Solway Firth E.ON Climate & Renewables UK 300 61,46
2 Wigtown Bay Dong Wind (UK) Ltd 280 51,07
3 Kintyre Airtricity Holdings (UK) Ltd 378 69,4
4 Islay Airtricity Holdings (UK) Ltd 680 94,58
5 Argyll Array Scottish Power Renewables 1.500 361
6 Beatrice Airtricity Holdings UK Ltd
SeaEnergy Renewables Ltd
920 121,3
7 Inch Cape NPower Renewables Ltd (RWE)
SeaEnergy Renewables Ltd
905 149,9
8 Bell Rock Airtricity Holdings UK Ltd
Fluor Ltd
700 92,82
9 Neart na Gaoithe Mainstream Renewable Power Ltd 360 105,1
10 Forth Array Fred Olsen Renewables Ltd 415 128,4

 

Persbericht Crown Estate

 

 

 

Zweeds offshore plan voor 2.500 MW

 

16 februari 2009

 

Het Zweedse consortium Blekinge offshore AB maakte vandaag bekend dat zij ten oosten van Bornholm een windpark met 500 turbines van 5 MW gaat ontwikkelen. Er is een geschikte locatie met goede waterdiepte gevonden, de gemeente is akkoord, de lokale gemeenschap is zeer geïnteresseerd en er ligt een voldoende zwaar elektriciteitsnet, maar het schort nog aan kapitaalkrachtige financiers.

De verwachte elektriciteitsproductie van 5 miljard kWh (evenveel als van het huidige Nederlandse windvermogen) evenaart die van een kerncentrale, maar de bouwtijd is niet veel korter. De eerste molen moet over vijf jaar staan en de laatste vijf jaar later. Het Zweedse doel is om de huidige windproductie van 2 miljard kWh op te krikken naar 10 miljard in 2015 en 30 miljard in 2020.           Foto: Repower 5 M bij Schotland                                              

 

(IngeniØren)                                    

 

 

 

Meer crisis voor offshore ontwikkeling

 

11 februari 2009

 

De financiële en economische crisis gaat waarschijnlijk voor offshore windenergie een flinke extra handicap opleveren, naast technische problemen en kostentegenvallers  Zelfs RWE, een grote partij die minder last heeft van financieringsproblemen dan de kleinere private ontwikkelaars, windt er namens Frits Vahrenholt, CEO van Innogy, het duurzame energiebedrijf van RWE, geen doekjes om. "We glijden af naar een gevaarlijke crisis in offshore windenergie", zegt hij in Der Spiegel.

Het is overigens wel de tijd dat de kleintjes door de grote worden gegeten met als gevolg dat offshore meer en meer een monopoly wordt van de grote energiebedrijven. Zo kocht RWE de Duitse offshore ontwikkelaar ENOVA , Airtricity kocht het project Bûtendiek en werd zelf gegeten door het Schotse energiebedrijf SSE omdat Airtricity haar plannen niet kon financieren. Ontwikkelaar Energiekontor kon haar project Nordergründe alleen behouden doordat de Nederlandse NIBC-bank te hulp schoot. En de directeur van project Sandbank 24 stelt het nog wat harder:  " het tijdpad voor de klimaatplannen van de regering komt in gevaar door de vertragingen bij de bouw van offshore". En windbranche BWE stelt op grond van een enquête onder haar leden keihard dat "op dit moment geen offshore project gerealiseerd kan worden als gevolg van de financiële crisis".

Al in oktober vorig jaar was er groot overleg van de milieusector met het BMU (Duitse Milieuministerie) over de te verwachten problemen. De problemen bij de kleinere ontwikkelaars kwamen op 5 februari in een vergadering met de Duitse regering aan de orde. Het resultaat was dat de sector wellicht kan gaan rekenen op steun vanuit het economische stimuleringsprogramma door middel van kredietgaranties.

 

Ook in Engeland, waar offshore essentieel is voor het halen van de duurzame energie doelstellingen, staan projecten te wankelen. E.On meldde dat het 1.000 MW project London Array twijfelachtig is geworden door de lage olieprijzen. "De financiering wordt zeer moeilijk", zegt een directeur. Shell had zich al terug getrokken uit het project. Investeerder Masdar uit Abu Dhabi, die de open gevallen plek van Shell overnam, is haar deelname ook aan het overwegen, zo meldt de Financial Times.  De zes grote energiebedrijven overleggen met de Britse regering. Volgens de Guardian zou er gesproken zijn over een feed-in tarief voor offshore om hogere vergoedingen en meer zekerheid te kunnen bieden.

 

Het Franse EDF pleit voor verlaging van de offshore doelstellingen voor Engeland omdat anders de bouw van kerncentrales in gevaar komt. Het Zweedse Vattenfall heeft de voorbereidingen voor drie offshore parken stil gezet na het besluit van de regering om af te zien van de sluiting van de bestaande  kerncentrales.

 

BusinessWeek, 5-2-2009, Power Engineering 26-1 en  Guardian 29-1

 

 

 

Racen voor 21 MW offshore voor "Kopenhagen"

 

6 februari 2009

 

Eind december wordt in Kopenhagen de VN klimaatconferentie gehouden voor de verlenging van het Kyoto-verdrag. Tienduizenden zullen via de grote brug over de "Store Baelt" tussen Odensee op Funen en Seeland naar Kopenhagen reizen, waar normaal 11 miljoen auto's per jaar over gaan. Vestas werkt zich momenteel uit de naad om tijdig zeven windturbines van 3 MW naast de brug in het 6-16 meter diepe water te plaatsen en in november aan de praat te krijgen.

 

De turbines zijn besteld door de exploitant van de brug. Het vergunningtraject was ook al een succesvolle race tegen de klok. In juli vorig jaar werd vergunning verleend voor locatieonderzoek, in september werd de aanvraag ingediend en in december werd de vergunning verleend.

Projectinfo bij: Store Baelt

 

(Windpower Monthly, februari 2009)

 

 

 

 

 

Verblijfsplatform voor 22 mensen op zee geplaatst

 

januari 2009

 

Vlak naast het trafostation van offshore windpark Horns Rev- II voor de Deense kust bij Esbjerg van Dong / Vattenfall is een "hotel" van 22 * 11 * 9 meter op een monopile geplaatst. Er zijn 24 eenpersoons hutten, een fitnessruimte, kantine en computer- en TV-kamers in ondergebracht voor het permanente verblijf van 22 service engineers. Zij zullen het park met 91 Siemens turbines van elk 3,6 MW aan de praat houden. De turbines worden deze zomer geplaatst op de al klaar staande funderingen. Samen met het iets oostelijker gelegen Horns Rev - I (80 stuks Vestas V 80 van elk 2 MW van 2004)  zijn de twee projecten goed voor 5% van de Deense stroombehoefte.

 

Zie : Dong

 

Nieuwsbrief WAB, januari 2009

 

 

 

 

 

 

 

Meer over offshore:

 

WSH-Nieuws-Offshore-2008

Begin pagina

 

 

Wind Service Holland

Jaap Langenbach

Dwerssteech 8  8551 SB Wâldsein

Fryslân, Nederland,

Tel. + 31 514 - 592 536

 

Member of  WWEA