Vragen voor week 21.
De juiste antwoorden volgen aan het eind van week 21

1.13
Door een weerstand van 1 M loopt een stroom van 1 mA. Het vermogen van de warmteontwikkeling is dan :

A
1 μW

B
1 mW

C
10 mW

D
1 W



1.14
Een spanningsbron van 10 volt heeft een inwendige weerstand van 2 ohm. Op deze spanningsbron sluiten we een weerstand van 3 ohm aan. De klemspanning is dan:

A
3 V

B
4 V

C
6 V

D
10 V



1.15
Een spanningsbron van 16 V en 10 ohm inwendige weerstand levert het grootste elektrische vermogen als we:

A
de polen kortsluiten

B
de polen open laten

C
een weerstand van 10 ohm aansluiten

D
een weerstand van 20 ohm aansluiten



1.16
We schakelen twee batterijen in serie (+ aan - ). Batterij A heeft een bronspanning van 4,5 volt en een inwendige weerstand van 5 ohm en een capaciteit van 2000 mAh. Batterij B heeft een bronspanning van 1,5 volt en een inwendige weerstand van 1 ohm en een capaciteit. van 1000 mAh. Op deze schakeling sluiten we een belastingsweerstand aan. Bij meting blijkt er een stroom van 600 mA te lopen. De waarde van de uitwendige weerstand is ongeveer:

A
4 ohm

B
10 ohm

C
11 ohm

D
16 ohm



1.17
In de situatie van vraag 1.16 levert ………. (vul in batterij A of batterij B) het grootste vermogen en is ………. (vul in batterij A of batterij B) het eerste leeg. Ingevuld moet worden resp 

A
 batterij A; batterij A 

B
 batterij B; batterij B

C
 batterij A; batterij B

D
 batterij B; batterij A



1.18
Een hogere spanning krijgen we door batterijen in ………… (vul in serie of parallel) te schakelen. Een grotere capaciteit krijgen we door batterijen in ………… (vul in serie of parallel) te schakelen.. Ingevuld moet worden resp  

A
 serie; serie

B
 parallel; parallel

C
 serie; parallel

D
 parallel; serie

Terug naar homepage