Vragen voor week 26.


1.41
Een verzwakker levert bij een ingangssignaal van 10 V over 50 ohm een uitgangssignaal van 100 mV over 50 ohm. De verzwakking is dan:

A
-10 dB

B
-20 dB

C
-30 dB

D
-40 dB



1.42
Een versterker levert bij een ingangssignaal van 10 mW over 600 ohm een uitgangsspanning van 100 mW over 600 ohm. De versterking is

A
10 dB

B
20 dB

C
26 dB

D
36 dB



1.43
Een antenne met antennewinst 10 dB wordt aangesloten op een coaxkabel van 30 m lengte. De coaxkabel heeft een verlies van 10 dB per 100 meter. We sluiten het andere uiteinde van de kabel aan op een zender met uitgangsvermogen 50 W. Het ERP vermogen wordt dan:

A
25 W

B
50 W

C
250 W

D
500 W



1.44
Mijn antenne is aangesloten m.b.v. 30 m coaxkabel met een verlies van 20 dB per 100m. Ik neem nu een andere kabel met een verlies van 10 dB per 100 m. Hoeveel S punten scheelt dat bij mijn tegenstation . Neem aan dat de condities niet veranderen.

A
0,3

B
0,5

C
1

D
3



1.45
 Maarten beweert: “het verlies van een kabel hangt af van de gebruikte frequentie” Paulien beweert: “het verlies van een kippenladder is kleiner dan dat van een coaxkabel” Wie spreekt de waarheid 

A
alleen Maarten

B
alleen Paulien

C
allebei

D
geen van beiden


1.46
Een versterker met uitgangsweerstand 100 ohm levert het grootste uitgangsvermogen bij een belasting met

A
50 ohm

B
100 ohm

C
200 ohm

D
hij levert bij alle belastingsweerstanden hetzelfde vermogen



1.47
Een verzwakker ( 50 ohm in, 50 ohm uit) verzwakt de spanning met 10 dB. De spanning wordt verzwakt met een factor 

A
3 x

B
5 x

C
10 x

D
20 x

Terug naar homepage