Vragen voor week 48



3.24
Een kwartskristal gedraagt zich inductief

A
bij lage frequenties

B
bij hoge frequenties

C
tussen de resonantiefrequenties

D
zowel bij hoge als bij lage frequenties


3.25
Een kwartskristal gedraagt zich capacitief

A
bij lage frequenties

B
bij hoge frequenties

C
tussen de resonantiefrequenties

D
zowel bij hoge als bij lage frequenties


3.26
Bij serieresonantie is de impedantie van een kristal

A
laag

B
hoog

C
soms laag, soms hoog


3.27
Bij parallelresonantie is de impedantie van een kristal

A
laag

B
hoog

C
soms laag, soms hoog


3.28
Verandering van de houdercapaciteit heeft invloed op

A
serieresonantiefrequentie

B
parallelresonantiefrequentie

C
zowel serie- als parallel-resonantiefrequentie

D
geen van beide resonantiefrequenties


3.29
Een dubbelfasige gelijkrichter met afvlakcondensator geeft vergeleken met een enkelfasige gelijkrichter met dezelfde afvlakcondensator

A
minder uitgangsspanning

B
minder rimpel

C
minder verlies

D
meer faseverschil


3.30
In een seriekring geldt bij resonantie

A


B


C


D




Terug naar homepage