Vragen voor week 2, inclusief antwoorden en uitwerkingen




3.52









Bij deze Foster-Seeley detector missen we nog

A
een condensator

B
twee condensatoren

C
een spoel

D
een spoel en een condensator

Juiste antwoord










Zie de twee in rood er bij getekende condensatoren: Antwoord B is juist

3.53
Een oscillator start bij een rondgaande versterking van  

A
0

B
iets minder dan 1

C
precies 1

D
meer dan 1

Juiste antwoord: Om een oscillator te laten starten moet een klein signaaltje uit ruis aangroeien tot een groter signaal. Hiervoor moet de vertserking dus meer dan 1 zijn. Antwoord D is goed.

3.54
Bij een stabiel lopende oscillator is de rondgaande versterking 

A
0

B
iets minder dan 1

C
precies 1

D
meer dan 1

Juiste antwoord: Bij een stabiel lopende oscillator blijft het signaal steeds even groot (constante amplitude) De rondgaande versterking is dan dus precies 1. Bij een versterking van iets minder dan 1 zou het signaal steeds zwakker worden, bij een versterking van meer dan 1 zou het signaal steeds groter worden. Een versterking van 0 kan ook niet, want dan zou het signaal compleet verwijnen. Antwoord C is dus goed.

3.55
Welk van de volgende onderdelen komt niet voor in een oscillator:

A
begrenzer

B
detector

C
filter

D
versterker

Juiste antwoord: Een begrenzer zorgt er voor dat de amplitude niet steeds verder toeneemt, het filter zorgt er voor dat de oscillatiefrequentie vastligt, de versterker zorgt voor de benodigde rondgaande versterking en het vermogen dat de oscillator moet leveren. Een detector zit er niet in. Antwoord B is juist

3.56
Om een zo stabiel mogelijk HF signaal op te wekken kunnen we het beste gebruik maken van een 

A
Kristaloscillator

B
LC oscillator

C
RC oscillator

D
Stemvorkoscillator

Juiste antwoord: RC oscillatoren en stemvorkoscillatoren worden voor LF signalen gebruikt, niet voor HF. LC oscillatoren en kristaloscillatoren worden voor HF gebruikt. Een kristaloscia\llator is veel stabieler in frequentie dan een LC oscillator, dus antwoord A is goed.

3.57
Een oscillator heeft een stabiliteit van 2 ppm. Bij een frequentie van 145 Mhz is dat een stabiliteit van ongeveer

A
1 Hz

B
75 Hz

C
300 Hz

D
300 kHz

Juiste antwoord: 2 ppm betekent 2 miljoenste deel. 2 miljoenste deel van 145 miljoen hertz is 290 Hz.,
dus antwoord C is juist

3.58
Een kristal wordt soms in een kristaloven gemonteerd. Waarom doet men dat:

A
om de activiteit van het kristal te verbeteren

B
om slijtage van het kristal te voorkomen

C
om de frequentiestabiliteit te verbeteren

D
om het kristal vochtvrij te houden

Juiste antwoord: Om het frequentieverloop door temperatuurveranderingen tegen te gaan wordt een kristaloven toegepast. Antwoord C is goed.


Terug naar homepage